1. Schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om cassatie in te stellen. 2. Art. 51 Sv. Ad 1. HR herhaalt HR LJN BJ7810. Voorts herhaalt de HR de mogelijkheid om het verzuim te dekken in het geval het gaat om het instellen van hoger beroep uit HR LJN BV6999
Wetboek van Strafvordering
Art. 452 Sv
Genoemd in 36 uitspraken · Officiële wettekst
36 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Ambtshalve opmerkingen ivm ontbreken handtekening raadsvrouw in volmacht aan griffie tot instellen cassatie. AG is van mening dat de verdachte niettemin in cassatie kan worden ontvangen. Middel over bewijsvoering tzv art. 9.2 WVW. AG meent dat het middel slaagt. Con
Conclusie AG. Mensenhandel (art. 273f Sr) en witwassen (art. 420bis Sr). Ambtshalve opmerkingen i.v.m. ontbreken verklaring en handtekening raadsman in volmacht aan griffie. AG meent dat verzuimen voor gedekt kunnen worden gehouden. Eerste middel klaagt over bestanddelen “misbrui
-
Conclusie AG. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep. E-mailbericht waarmee de raadsman namens de verdachte het cassatieberoep heeft ingesteld, is niet rechtsgeldig nu het e-mailbericht niet de verklaring van de raadsman bevat dat hij door de verdachte bepaaldelijk is gevolmacht
Ontvankelijkheid cassatieberoep. De schriftuur is niet door de raadsman ondertekend en bevat evenmin de verklaring van de raadsman dat hij tot de indiening door verdachte bepaaldelijk is gevolmachtigd. Hij heeft geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid om die verzuimen te
Indiening schriftuur houdende grieven a.b.i. art. 410.1 Sv. Het Hof heeft verdachte n-o verklaard in het beroep nu de ingediende schriftuur niet vermeld dat de raadsman die namens verdachte h.b. instelde bepaaldelijk gevolmachtigd was. Het betreft een formulier “Hoger beroep” het
Art. 452.2 Sv jo. art. VI.3 Procesreglement van de Strafkamer van de Hoge Raad, Stcrt. 147. I.c. bevat de schriftuur niet de verklaring van de rm dat hij tot de indiening door verdachte bepaaldelijk is gevolmachtigd. Bij brief is de rm in de gelegenheid gesteld dit verzuim te her
Gelet op de samenhang tussen de voorschriften van art. 438.2.ahf.a Sv en art. 452.2 Sv moet worden aangenomen dat een advocaat een door het openbaar ministerie ingesteld beroep in cassatie slechts mondeling kan tegenspreken indien hij verklaart daartoe door degene namens wie hij