Conclusie AG. Beklag ex art. 552a.1 (jo. art. 98/art. 125i) en 552a.2 Sv. In strijd met art. 25.1 Sv is verzuimd een p-v van één van de raadkamerzittingen op te maken. Dit verzuim heeft betrekking op een zo wezenlijke vorm van de raadkamerprocedure dat het nietigheid van het onde
Wetboek van Strafvordering
Art. 449 Sv
Genoemd in 110 uitspraken · Officiële wettekst
110 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Het hof heeft verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Nu de door de raadsman ingediende schriftelijke volmacht niet aan de eisen van de wet voldoet en ter terechtzitting in hoger beroep noch de verdachte noch een door hem gemachtigde raadsman is verschenen om d
Conclusie plv. AG. Ambtshalve opmerkingen over ontvankelijkheid. Onvolkomen volmacht en toezending naar verkeerde gerecht. M1: klacht over ontbreken uitspraakproces-verbaal hoeft niet tot cassatie te leiden, omdat HR arrest in openbaar kan uitspreken. M2: slagende klacht over afw
Conclusie plv. AG. Ambtshalve opmerkingen over ontvankelijkheid. Onvolkomen volmacht en toezending naar verkeerde gerecht. M1: klacht over ontbreken uitspraakproces-verbaal hoeft niet tot cassatie te leiden, omdat HR arrest in openbaar kan uitspreken. M2: slagende klacht over afw
Conclusie AG. Veroordeling wegens feitelijke leiding geven aan door rechtspersoon (meermalen) begaan van oplichting (art. 326) en valsheid in geschrift (art. 225.2 Sr) en deelnemen aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr). Het (eerste) cassatiemiddel dat klaagt over de verwerpin
Conclusie AG. Caribische zaak. Cassatieberoep richt zich tegen niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep door Gemeenschappelijk Hof. De advocaat van de verdachte stelt dat zij vanwege de toenmalige covid-pandemie tegen het vonnis van het Gerecht van Bonaire niet ander
Conclusie AG. Caribische zaak. Cassatieberoep richt zich tegen niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep door Gemeenschappelijk Hof. De advocaat van de verdachte stelt dat zij vanwege de toenmalige covid-pandemie tegen het vonnis van het Gerecht van Bonaire niet ander
Conclusie AG. Art. 416.2 Sv. Ambtshalve overweging ontvankelijkheid cassatieberoep. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in het ingestelde beroep.
Conclusie AG. Belaging en smaadschrift. De AG merkt allereerst ambtshalve op dat de verdachte in zijn bij e-mailbericht aan de griffie van het gerechtshof ingestelde cassatieberoep kan worden ontvangen. De verdachte heeft in hoger beroep op de terechtzittingen zijn eigen verdedig
Verdachte niet onvankelijk in hoger beroep (volmacht van de raadsman houdt niet een verklaring in dat de verdachte instemt met het door de griffiemedewerker aanstonds in ontvangst nemen van de oproeping).
Conclusie AG. Profijtontneming. 1. Klacht dat de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel en/of de opgelegde betalingsverplichting onvoldoende met redenen zijn omkleed en 2. Schending redelijke termijn. Conclusie strekt tot vernietiging, maar uitsluitend wat betreft d
Conclusie AG. Beklag, beslag. Cassatieberoep ontvankelijk ondanks dat het beroep niet is ingesteld bij de rechtbank, maar bij de Hoge Raad. Middelen over niet-naleving art. 552a.5 Sv, grondslag van het beslag, proportionaliteit en subsidiariteit en het zijn van rechthebbende. De
Conclusie AG. Beklag, beslag. Cassatieberoep ontvankelijk ondanks dat het beroep niet is ingesteld bij de rechtbank, maar bij de Hoge Raad. Middelen over niet-naleving art. 552a.5 Sv, grondslag van het beslag, proportionaliteit en subsidiariteit en het zijn van rechthebbende. De
Conclusie AG. Caribische zaak. Middel klaagt onder meer over oordeel hof dat verdachte, hoewel hij zich op laatste dag van appeltermijn bij het gerechtsgebouw heeft gemeld, toen geen hoger beroep heeft ingesteld. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
Conclusie AG. Profijtontneming. Het advies houdt in dat het cassatieberoep te laat is ingesteld. Samenhang met 20/02821.
Conclusie AG. Het advies houdt in dat het cassatieberoep te laat is ingesteld. Samenhang met 20/02822.
Conclusie AG. Ontvankelijkheid van de verdachte in het ingestelde hoger beroep. Verweer dat de verdachte meende op rechtsgeldige wijze hoger beroep te hebben ingesteld door ten overstaan van de politierechter te verklaren dat hij in hoger beroep ging. Verontschuldigbare termijnov
Profijtontneming w.v.v. uit feitelijk leiddinggeven aan witwassen, het (mede)plegen van valsheid in geschrift en het gebruik maken van een vals geschrift. Ontvankelijkheid cassatieberoep. HR herhaalt relevante vooropstellingen uit ECLI:NL:HR:2016:2654 m.b.t. instelling van beroep
Conclusie AG. 1. Intrekking hoger beroep. Art. 451.1 Sv. 2. Strafmotivering. 1. Had de voorzitter de zaak mogen laten uitroepen en had het hof de zaak inhoudelijk mogen behandelen nu de verdachte voor aanvang van het onderzoek ter terechtzitting per e-mail had aangegeven het hoge
Conclusie AG. Klacht over het oordeel van het hof dat de verdachte niet-ontvankelijk is in zijn verzet tegen een strafbeschikking, nu het verzet door een door de verdachte ingeschakelde adviseur schriftelijk is ingesteld. De conclusie strekt tot verwerping.
Conclusie plv. AG. Falende bewijsklachten inzake het opzettelijk niet of niet tijdig doen van belastingaangifte/ opzettelijk onjuist of onvolledig doen van belastingaangifte door rechtspersonen en het aanmerken van de verdachte als feitelijke leidinggever. Klacht omvang hoger ber
Moord door n.a.v. ruzie tussen verdachte en ander over door verdachte geleverde speed die ander op straat in Enschede van dichtbij met hagel in gezicht te schieten, art. 289 Sr. 1. OM ontvankelijk in h.b. v.zv. gericht tegen vrijspraak in e.a. van moord gelet op fouten in appelak
Conclusie AG. Beslagzaak over: 1) ontvankelijkheid klaagschrift van belanghebbende dat ter zitting is ingediend gelet op de bepalingen van art. 552a en art. 449-451 Sv. In lijn met de niet-ontvankelijkheid van mondelinge verzoeken tot teruggave van inbeslaggenomen voorwerpen advi
Klacht over n-o verklaring verdachte in h.b., art. 449.1 en 450.1.b Sv. H.b. tijdig ingesteld d.m.v. grievenformulier? Hof heeft vastgesteld dat verdachte het grievenformulier binnen de appeltermijn persoonlijk aan de centrale balie van de Rb. heeft afgegeven. Mede gelet op de in
N-o verklaring verdachte in zijn h.b. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 m.b.t. de eisen waaraan een schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om h.b. in te stellen dient te voldoen, alsmede ECLI:NL:HR:2012:BV6999 en ECLI:NL:HR:2013:BY8357 m.b.t. de gevall