Wet stroomlijnen hoger beroep. Instelling rechtsmiddel door een advocaat via een bijzondere schriftelijke volmacht aan griffiemedewerker. De HR neemt een aantal beslissingen t.a.v. wettelijke regeling m.b.t. het aanwenden van rechtsmiddelen zoals die geldt na de wetswijziging van
Wetboek van Strafvordering
Art. 449 Sv
Genoemd in 110 uitspraken · Officiële wettekst
110 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Rechtsgeldigheid intrekking hoger beroep door de OvJ en door verdachte. Wet stroomlijnen hoger beroep. De HR ziet aanleiding om in voorafgaande beschouwingen ten behoeve van de in de praktijk vereiste duidelijkheid in te gaan op enkele vragen die in verband met de Wet stroomlijne
Mishandeling hoofdconducteur NS tijdens kaartcontrole in trein, art. 300.1 jo. 304.2 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b. omdat het te laat is ingesteld. Op laatste dag beroepstermijn (2-12-2016) heeft in Maastricht woonachtige verdachte (volgens eigen verklaring tt
Verdachte n-o in h.b. Ex art. 449.1 Sv wordt h.b ingesteld door een verklaring, af te leggen door degene die het rechtsmiddel aanwendt, op de griffie van het gerecht door of bij hetwelk de beslissing is gegeven. Dit geldt ook indien het gaat om een verklaring, af te leggen door e
Geen afschrift dagvaarding in e.a. verzonden naar raadsman. Kan rechtsbijstand worden afgeleid uit verzetschrift tegen strafbeschikking van raadsman? Art. 39 (oud) en 51 (oud) Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2000:ZD2182, ECLI:NL:HR:2015:3320 en ECLI:NL:HR:20
Niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het cassatieberoep. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2014:856, NJ 2014/231. Op 17 juni 2013 is door een griffiemedewerker van het Hof namens de verdachte cassatie ingesteld tegen het arrest van het Hof van 8 juni 2012. Gelet daarop en in aanm
-
Conclusie AG. Ontvankelijkheid OM. De opvatting dat een appelschriftuur enkel als zodanig kan worden aangemerkt voor zover in het schriftelijke stuk bezwaren zijn geformuleerd ten aanzien van de feiten die daarin zijn opgenomen, is volgens de AG te beperkt en vindt geen steun in
Uit de art. 41 en 136.5 (oud) RO en 5a (oud) en 6 (oud) Besluit nevenvestigings- en nevenzittingsplaatsen vloeit voort dat R’dam nevenzittingsplaats is van de rb Haarlem, dat de griffie van die rb voor haar in R’dam behandelde zaken mede is gevestigd in R’dam en dat een OvJ bij h
Conclusie AG. Heeft het hof de verdachte ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard in het namens hem ingestelde hoger beroep? Betekenis mededelingen van de griffie.
Klacht over n-o verklaring verdachte in h.b., art. 449.1 en 450.1.b Sv. H.b. tijdig ingesteld d.m.v. grievenformulier? Hof heeft vastgesteld dat verdachte het grievenformulier binnen de appeltermijn persoonlijk aan de centrale balie van de Rb. heeft afgegeven. Mede gelet op de in
Ontvankelijkheid cassatieberoep. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de AG 3 tot en met 15 kan verdachte worden ontvangen in het ingestelde beroep. Middel: art. 359.2 Sv, u.o.s. m.b.t. de vraag of het tenlastegelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen. Het Ho
OM-cassatie. Omvang hoger beroep. Ingevolge art. 449.1 Sv jo. art. 407.2 Sv kan de OvJ bij het instellen ervan het hoger beroep beperken, indien in 1e aanleg aan verdachte cumulatief strafbare feiten zijn tenlastegelegd. Indien een dergelijke beperking niet bij het instellen van
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op bestelauto t.z.v. verdenking van diefstal onder een van vennoten van klaagster (autobedrijf, vennootschap onder firma). Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 450.1.b Sv. Kan brief van vertegenwoordiger van klaagster worden opgevat als bijzondere sc
Appel OM; voor instellen hoger beroep kon ovj niet volstaan met een e-mailbericht aan de griffie; ovj niet ontvankelijk in hoger beroeep.
Ontvankelijkheid verdachte in h.b. De griffiemedewerker heeft een brief van verdachte aangemerkt als een door verdachte verleende schriftelijke bijzondere volmacht tot het instellen van h.b. a.b.i. art. 450.1.b. Sv. Het Hof heeft verdachte n-o verklaard, omdat de brief niet voldo
Conclusie AG over het tijdig instellen van hoger beroep bij de juiste griffie en het aanwenden van dit rechtsmiddel op de laatste dag van de beroepstermijn na sluitingstijd van de griffie. De AG adviseert de Hoge Raad het cassatieberoep te verwerpen.
1. N.o. ingestelde hoger beroep. 2. Verontschuldigbare termijnoverschrijding. Ad 1. Betoogd wordt dat verdachte door ter terechtzitting ten overstaan van de Pr en de griffier te kennen te geven dat hij tegen het vonnis van de Pr hoger beroep wilde instellen, tijdig en rechtsgeldi
-
-
Verdachte is niet-ontvankelijk in het hoger beroep verklaard, omdat de door de raadsman ingediende schriftelijke volmacht niet aan de eisen van de wet voldoet en ter terechtzitting in hoger beroep noch de verdachte noch een door hem gemachtigde raadsman is verschenen om dit te re
Conclusie AG. Mensensmokkel van 15 vluchtelingen. M1 en M2 behelzen falende bewijsklachten over bewezen verklaarde feiten 1, 4, 5, 6, 7, 8 en 9. M3 bevat een deels slagende klacht over duur van het opgelegde beroepsverbod. Conclusie strekt tot vernietiging, maar uitsluitend wat b
Conclusie AG. Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late indiening appel. Hof heeft ten onrechte de juistheid in het midden gelaten van de bijzondere omstandigheden waarmee de verdachte zijn beroep op de verontschuldigbaarheid van de termijnoverschrijding heeft onderbouwd.
Conclusie AG. Beklag na beslag op horloge n.a.v. een EOB, art. 552a jo 5.4.10 Sv. AG gaat in op ontvankelijkheid cassatieberoep, nu raadsman in e-mail aan griffie Rb niet uitdrukkelijk volmacht aan griffiemedewerker heeft verleend om cassatieberoep in te stellen. De cassatieklach
Heling van elektrische fiets en elektrische step, art. 416.1.a Sr. Bewijsklachten. Verweer dat verdachte t.t.v. het voorhanden krijgen niet wist en/of kon vermoeden dat goederen door misdrijf waren verkregen, en voor bewezenverklaring redengevende omstandigheden die niet in bewij