Conclusie AG. OM-cassatie, naar aanleiding van vrijspraak hof van invoer van cocaine door bewijsuitsluiting van onderzoeksrapport van deskundige . Middel stelt (i) dat de omstandigheid dat onderzoeksmateriaal in het ongerede is geraakt waardoor geen contra-expertise meer kan plaa
Wetboek van Strafvordering
Art. 433 Sv
Genoemd in 57 uitspraken · Officiële wettekst
57 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Door openbaar ministerie ingesteld cassatieberoep. AG gaat in op de processuele voorvraag of dit beroep aan de verdachte in persoon is aangezegd dan wel zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat het beroep de verdachte bekend is (art. 433.1 Sv)
OM-cassatie en cassatie klagers. Beschikking verschoningsrecht. Klaagschrift van beslagene, verschoningsgerechtigde. Geheimhouderstukken. Art. 98 en art. 218 Sv. Doorzoeking in kantoor van notaris en kandidaat-notaris i.h.k.v. strafrechtelijk onderzoek naar verdenking t.a.v. klag
Conclusie AG. Door openbaar ministerie ingesteld cassatieberoep. AG gaat in op de processuele voorvraag of dit beroep aan de verdachte in persoon is aangezegd dan wel zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat het beroep de verdachte bekend is (art. 433.1 Sv)
OM-cassatie tegen vrijspraak. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR 4 mei 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO5061, NJ 2004/480 m.b.t. de selectie en waarderingsvrijheid van de feitenrechter. Ingeval de rechter die over de feiten oordeelt het tlgd. bewezen acht, is het aan die rechter vo
OM-cassatie. Bij de behandeling van de zaak in hoger beroep is door de raadsman aangevoerd dat nadat op last van de burgelijke rechter op vordering van de Ontvanger de verdachte is gegijzeld teneinde zijn belastingschuld te voldoen danwel adequate gegevens te verstrekken, het het
OM-cassatie. N-o OM wegens gebrek aan belang. In aanmerking genomen dat a) het OM in 1e aanleg vrijspraak heeft gevorderd van het primair tenlastegelegde, terwijl het niet in hoger beroep is gekomen van het vonnis in 1e aanleg waarbij verdachte van dat feit is vrijgesproken, en b
OM-cassatie. Het hof oordeelde de op art. 240b (oud) Sr (kinderporno) toegesneden tenlastelegging onvoldoende feitelijk. HR: tenlastelegging voldoet aan art. 261 Sv behoudens voorzover de beschrijvingen niet meer inhouden dan dat sprake is van "een seksuele gedraging" bestaande u
-
-
-
-
-
-
-