Feitelijke leiding geven aan verduistering door een rechtspersoon; medeplegen van witwassen. Falende klachten van verdachte over de bewijsmotivering, toewijzing van vorderingen van b.p.’s en strafmotivering. Falende klachten van b.p.’s over niet gehele toewijzing en niet-ontvanke
Wetboek van Strafvordering
Art. 421 Sv
Genoemd in 316 uitspraken · Officiële wettekst
316 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Feitelijke leiding geven aan verduistering door een rechtspersoon; medeplegen van witwassen. Falende klachten van verdachte over de bewijsmotivering en toewijzing van vorderingen van b.p.’s. Falende klachten van b.p.’s over niet gehele toewijzing en niet-ontvankelijkverklaring va
Mega Ulawa
Cassatie OM en verdachte. Overtreding tijdelijk huisverbod. Bekennende verdachte? Art. 359.3 Sv, art. 1.b en 11 Wet tijdelijk huisverbod. De tll. is toegesneden op art. 11 Wet tijdelijk huisverbod, daarom moeten de in de tll. en bewezenverklaring voorkomende woorden “in strijd me
Oplichting, art. 326 Sr. N.a.v. advertentie op marktplaats telefonisch afspreken met koper om na ontvangst van de betaling de laptop op te sturen, hetgeen verdachte niet heeft gedaan. Samenweefsel van verdichtsels? Gelet op de vaststellingen van het Hof en in aanmerking genomen E
Het Hof heeft beslist dat de toegewezen vordering b.p. vermeerderd dient te worden met de wettelijke rente vanaf de in het arrest genoemde datum tot aan de dag der algehele voldoening. Nu het vonnis van de Rb niet een toewijzing inhoudt van de door de b.p. in e.a. gevorderde verg
Vordering b.p., wettelijke rente. Blijkens het p-v van de tz. in h.b. is aldaar noch door de verdachte noch door zijn raadsman aangevoerd dat de wettelijke rente niet, zoals door de Rb was beslist, vanaf de pleegdatum van het tlgd. feit, is verschuldigd, maar vanaf een latere dat
Strafprocesrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep bij burgerlijke rechter tegen niet-ontvankelijkverklaring door strafrechter van benadeelde partij. Uitleg art. 421 lid 4 Sv.
Afwijzing getuigenverzoek, mensenhandel. Vd mist een voldoende rechtens te respecteren belang bij zijn klacht in cassatie dat het in h.b. herhaalde getuigenverzoek onbegrijpelijk gemotiveerd is afgewezen, in aanmerking genomen dat niet wordt opgekomen tegen ’s Hofs oordeel dat de
vordering van een politieagent tot vergoeding van immateriele en materiele schade op basis van groepsaansprakelijkheid; verhaalsvordering van het politiekorps voor tijdens ziekte aan deze politieagent doorbetaald loon en kosten van reintegratieverplichting
vergoeding van immateriële schade op basis van groepsaansprakelijkheid
Vordering van een politieagent tot vergoeding van immateriële schade op basis van groepsaansprakelijkheid en van materiele schade; Verhaalsvordering van het politiekorps voor tijdens ziekte van deze politieagent doorbetaald loon.
Vordering van een politieagent tot vergoeding van immateriële schade op basis van groepsaansprakelijkheid en van materiele schade; Verhaalsvordering van het politiekorps voor tijdens ziekte van deze politieagent doorbetaald loon.
Vordering van een politieagent tot vergoeding van immateriele schade op basis van groepsaansprakelijkheid en van materiele schade; verhaalsvordering van het politiekorps voor tijdens ziekte van deze politieagent doorbetaald loon.
Vergoeding van immateriële schade op basis van groepsaansprakelijkheid en van materiele schade.
Vordering bp. Aangezien het Hof heeft vastgesteld dat de vordering van de bp niet meer aan de orde is, moet worden aangenomen dat het arrest een misslag bevat v.zv. het dictum de bevestiging inhoudt van de beslissingen van de Rb m.b.t. de vordering van de bp en de kennelijk in sa
Voorbedachte raad. De HR herhaalt de relevante overwegingen t.a.v. voorbedachte raad uit HR LJN BR2342. Blijkens zijn bewijsvoering heeft het Hof vooral belang toegekend aan de "geruime tijd" die de verschillende in de bewijsoverweging nader omschreven handelingen van de verdacht
Gevangenisstraf voor de duur van 22 jaar voor de zware mishandeling van en moord op zijn zwager, poging moord op zijn neef, poging zware mishandeling van zijn vrouw en het bedreigen met een misdrijf tegen het leven gericht van zijn zus. Voorbedachte raad.
Jeugdzaak. Strafkorting wegens schending redelijke termijn. HR ambtshalve: het Hof heeft verzuimd, hoewel daartoe o.g.v. art. 335 en 361.4 jo. 415 Sv gehouden, omtrent de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. HR wijst de zaak op dit punt terug.
HR: 81 RO. HR ambtshalve: het Hof was, nu de vordering b.p. in e.a. is toegewezen, ingevolge de artt. 335 en 361.4 jo. 415 Sv gehouden omtrent de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. HR vernietigt in zoverre de bestreden uitspraak en wijst de zaak in
Art. 287 Sr: Hof legt 154 weken gevangenisstraf op, waarvan 52 weken voorwaardelijk, voor doodslag op 3 weken oude baby (shaken baby). Baby overlijdt ruim een jaar later aan medische complicaties. Overweging m.b.t. opzet en causaal verband. Na sluiting van het onderzoek stuurt
Toewijzing vordering b.p. en oplegging schadevergoedingsmaatregel. In aanmerking genomen a. dat de aantekening van het mondelinge vonnis van de Pr niet een toewijzing inhoudt van de door de b.p. gevorderde schadevergoeding en b. niet blijkt dat de b.p. zich op de voet van art. 42
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. Voeging benadeelde partij (bp) in hb. Uit ’s Hofs overwegingen kan niet anders volgen dan dat de bp zich (ook) in hb heeft gevoegd. Mede gelet op art. 421.2 en 3 Sv is niet zonder meer begrijpelijk dat het Hof o.g.v. de enkele omstandighe
De bestreden uitspraak houdt alleen beslissingen in omtrent de vordering bp en omtrent een schadevergoedingsmaatregel a.b.i. art. 36f Sr. ’s Hofs oordeel dat het dictum van het (verwijzende) arrest van de HR tot het nemen van die beslissingen was beperkt, berust op een onjuiste l
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. 1. Uitleg tenlastelegging (t.l.l.), art. 141 Sr. 2. Bewaren van persoonsgegevens (foto’s), art. 1 Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en art. 8 EVRM. Ad 1. Het Hof heeft de op art. 141 Sr toegesneden t.l.l. kennelijk aldus opgevat dat