Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, art. 310 Sr. Betekening oproeping verdachte in hoger beroep aan adres in Polen en verstekverlening, art. 36e.3, 265.1 en 413.1 Sv, art. 7.3 EVR en art. 5 EU-rechtshulpovereenkomst. 1. Betekening oproeping nadere tz. in h.b. Moet bij
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Conclusie AG. Klacht dat het hof de zaak ten onrechte bij verstek heeft afgedaan, ondanks het aanwezigheidsrecht van de verdachte. Conclusie sterkt tot verwerping.
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. medeplegen diefstal d.m.v. valse sleutel, art. 311.1 Sr. 1. Kunnen uitlatingen van gemachtigde raadsman op eerste tz. in h.b. (geen inhoudelijke behandeling), inhoudende dat verdachte niet is aangevoerd voor behandeling van andere zaak (omzett
Conclusie AG. Afwijzing aanhoudingsverzoek van verdachte die in Colombia is gedetineerd in afwachting van vervolgingsuitlevering aan de VS. Aanwezigheidsrecht ex art. 6 EVRM in het licht van EHRM Hokkeling v. Nederland. Samenhang met 16/05038, 16/05216 en 17/00331.
Geen afschrift appeldagvaarding verzonden naar raadsvrouw, art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv. Kan rechtsbijstand worden afgeleid uit de aan appelakte (uit 2015) gehechte schriftelijke bijzondere volmacht van raadsvrouw ex art. 450.1.b Sv met verzoek haar "als raadsvrouw in het s
Verstekverlening. Aanwezigheidsrecht. HR herhaalt relevante overweging uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163. Het oordeel van het Hof dat de verdachte vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht en tegen hem verstek kon worden verleend is niet z.m. begrijpelijk nu de verdach
Opvolgend raadsman toevoegen? Twee dagen voor de zitting bij het Hof, waarvoor verdachte de dagvaarding i.p. uitgereikt heeft gekregen, laat de raadsman weten de verdediging te hebben neergelegd. Ttz. verschijnt noch verdachte noch diens raadsman. Hof verleent verstek en verklaar
Degene die de beroepen in cassatie heeft ingesteld is daarin n-o. Art. 427 Sv. Hof heeft verdachte o.g.v. art. 416.2 Sv n-o verklaard in zijn h.b. Beroep in cassatie kan slechts worden ingesteld door of namens verdachte of OM. Als verdachte geldt degene op wiens naam een vonnis/a
Ontvankelijkheid in h.b. Ontbreken appelmemorie. Het Hof heeft mede op de grond dat door verdachte geen appelschriftuur is ingediend, verdachte ex art. 416.2 Sv n-o verklaard in het ingestelde h.b. De inhoud van de aan de cassatieschriftuur gehechte stukken biedt echter voldoen
Aantekening mondeling arrest, artt. 327 Sv, 425 Sv en 426 Sv. Het pv waarin het arrest, strekkende tot n-o verklaring van verdachte, is aangetekend is niet ondertekend door de raadsheer die over de zaak heeft geoordeeld. I.c. is de inhoud van de aantekening mondeling arrest in da
Art. 51 Sv. Bij de stukken van het geding bevindt zich een stelbrief van de raadsman inhoudende dat hij de verdachte in twee zaken, waaronder onderhavige zaak, als raadsman zal bijstaan. De ontvangst van deze stelbrief is door het Hof bevestigd. Niet is gebleken dat een afschrift
Mega onderzoek Tandem IV. Opstellen valse arbeidsovereenkomsten, kwitanties en schuldbekentenis. Voorhanden hebben valse facturen voor niet verrichte werkzaamheden. Gewoontewitwassen van € 267.000,-. 16 maanden gevangenisstraf waarvan 3 voorwaardelijk.
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. oplichting (meermalen gepleegd), art. 326.1 Sr. 1. Kan brief van verdachte aan Rb, die dag vóór uitspraak Rb bij griffie Rb is binnengekomen, worden aangemerkt als ‘schriftuur houdende grieven’ tegen vonnis Rb? 2. Rechtsgevolgen overschrijding
Conclusie AG. Middel richt zich tegen ontvankelijkheid van OM in vervolging ondanks dat niet binnen twee weken een appelschriftuur is ingediend en de wijziging van de VI-regeling. AG adviseert de HR het beroep te verwerpen (art. 81 RO).
Art. 416.2 Sv (dubbel verstek) na veroordeling t.z.v. rijden na vordering tot overgifte rijbewijs, overtreding art. 9.7 WVW 1994. Aan cassatieschriftuur gehechte stelbrief van raadsman gericht aan ander Hof niet bij stukken, art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv. Doorzendplicht wann
Veroordeling voor medeplegen van doodslag en voor medeplegen van het verbergen, wegvoeren en wegmaken van een lijk.
Veroordeling voor deelname aan een criminele organisatie, het voorhanden hebben van cocaïne, amfetamine en XTC en het plegen van voorbereidingshandelingen voor de productie daarvan en de handel daarin, alsmede het telen van hennep. Voor het bewijs wordt gebruik gemaakt van heimel
Betekening appeldagvaarding. De dagvaarding in h.b. is niet betekend overeenkomstig art. 588.2 Sv. De enkele omstandigheid dat verdachte volgens zijn opgave niet meer op het adres in het buitenland woonde vanwege zijn werk in Afghanistan, doet aan dat oordeel niet af.
Als leider deelnemen aan criminele organisatie (art. 140.1 jo. 140.3 Sr) en medeplegen flessentrekkerij (art. 326a Sr) door via plof-bv’s op grote schaal goederen te bestellen zonder deze te betalen. 1. Afwijzing verzoek toepassing art. 416.2 Sv o.g.v. alleen belangen van benadee
Conclusie AG. Middel klaagt over verwerping verweer dat OM niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn hoger beroep omdat art. 14 lid 5 IVBPR geschonden zou worden indien verdachte, na vrijspraak door rechtbank, in hoger beroep veroordeeld zou worden. Conclusie strekt tot ver
Stelbrief raadsman niet bij stukken, art. 51 (oud) Sv. Aan cassatieschriftuur zijn gehecht een stelbrief in h.b. en een verzendrapport waaruit kan worden afgeleid dat deze brief per fax is verzonden naar het faxnummer van de administratie van het Hof. Inhoud van verzendrapport bi
Ontvankelijkheid in h.b. Ontbreken appelmemorie. Het Hof heeft mede op de grond dat door verdachte geen appelschriftuur is ingediend, verdachte ex art. 416.2 Sv n-o verklaard in het ingestelde h.b. De inhoud van de aan de cassatieschriftuur gehechte “transactierapporten” biedt
N-o verklaring van verdachte in h.b. Art. 416 Sv. In aanmerking genomen dat tijdig een appelschriftuur houdende grieven is ingediend en dat uit de stukken van het geding niet volgt dat verdachte de door hem bij appelschriftuur opgegeven bezwaren niet wenst te handhaven, geeft het
Betekening appeldagvaarding. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163. Uit de stukken moet worden afgeleid dat verdachte t.t.v. het betekenen van de dagvaarding in h.b. niet was gedetineerd noch dat van hem een feitelijk woon- of verblijfadres in Nederland ma
Art. 416.2 Sv, n-o in h.b. HR herhaalt de relevante overwegingen uit LJN BK0910 m.b.t. de toetsingsruimte in cassatie van een op art. 416.2 Sv gegrond oordeel. De beslissing van het Hof dat verdachte n-o is in zijn h.b. is ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk. Hetgeen