Art. 410 en 416.3 Sv. 1. Art. 416.3 Sv is mede van toepassing op een geval waarin de appelschriftuur niet tijdig is ingediend (vgl. HR LJN BI4078). Dat geldt ook voor het geval dat niet kan worden vastgesteld dat de appelschriftuur is ingediend op de wijze zoals in art. 410 Sv is
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Falende bewijsklachten ‘medeplegen’ moord en wegmaken sporen van dat misdrijf.
Verdachte was ter zake van het onder 2 ten laste gelegde in eerste aanleg vrijgesproken. De officier van justitie is in hoger beroep gegaan, maar van de zijde van het openbaar ministerie zijn geen grieven ingediend. Het hof verklaart de officier van justitie op grond van het bepa
Ontvankelijkheid OM, art. 416.3 Sv. Art. 416.3 Sv verleent de rechter een discretionaire bevoegdheid de OvJ in het h.b. niet-ontvankelijk te verklaren indien van de zijde van het OM geen schriftuur, houdende grieven, is ingediend. Die bepaling is mede van toepassing in het geval
Art. 416 Sv. Klacht over niet-ontvankelijkheid hb. Geen schriftuur houdende grieven, wel een gemachtigde rm, die t.t.z. het woord tot verdediging heeft gevoerd. Gelet daarop is ’s Hofs vaststelling dat verdachte niet mondeling zijn bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven, zonde
OM-cassatie. Art. 416.3 Sv. Het Hof heeft na behandeling ttz. het OM alsnog n-o verklaard wegens niet tijdig indienen (4 mnd te laat) van appelschriftuur. 1. De opvatting dat art. 416.3 Sv slechts van toepassing is indien geen schriftuur wordt ingediend, is onjuist. Die bepalin
Vancouver onderzoek. Lekken politie-informatie. Appelschriftuur en ontvankelijkheid. Bewijs medeplichtigheid.
Art. 410 en 416.3 Sv. Het Hof heeft geoordeeld dat OM ondanks niet tijdige indiening van de appelschriftuur ontvankelijk is. Mede in het licht van de wetsgeschiedenis geeft dat oordeel geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, meer i.h.b. niet omtrent het te hanteren toetsings
In deze zaak is tenlastegelegd het zonder vergunning in werking hebben van een inrichting voor het opslaan van afvalstoffen, bestaande uit (natte) aardappeltarragrond, afkomstig uit het proces van aardappelverwerking van een fritesfabriek, het lozen van vocht afkomstig van natte