Poging doodslag. Mededeling aan b.p. van tz. in h.b. ex art. 413.2 Sv. HR herhaalt ECLI:NL:HR:1997:ZD0822, NJ 1998/156 m.b.t. de strekking van het voorschrift dat aan b.p. schriftelijk dient te worden medegedeeld op welke dag de zaak ttz. in h.b. zal worden behandeld alsmede de p
Wetboek van Strafvordering
Art. 413 Sv
Genoemd in 169 uitspraken · Officiële wettekst
169 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
1. Belediging in vreemde taal. De opvatting dat de tll. de door verdachte gedane uitlating dient te vermelden in de taal waarin zij is gedaan vindt geen steun in het recht. ’s Hofs oordeel dat verdachte aan X en Y de Papiamentse woorden heeft toegevoegd die in de tll. en de bewez
Art. 265.2 Sv. Dagvaardingstermijn. Kan een gemachtigd raadsman afstand doen van de dagvaardingstermijn? HR: uitgangspunt is dat ovk. art. 265.3 Sv het onderzoek wordt geschorst indien verdachte geen toestemming tot verkorting van de termijn voor dagvaarden geeft. Als verdachte i
Art. 413.1 Sv schrijft voor dat tussen de dag waarop de dagvaarding in h.b. aan verdachte wordt betekend en die der terechtzitting een termijn van tenminste 10 dagen moet verlopen. Het middel berust op de opvatting dat de in art. 588.3.c Sv voorgeschreven verzending van een afsch
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, art. 310 Sr. Betekening oproeping verdachte in hoger beroep aan adres in Polen en verstekverlening, art. 36e.3, 265.1 en 413.1 Sv, art. 7.3 EVR en art. 5 EU-rechtshulpovereenkomst. 1. Betekening oproeping nadere tz. in h.b. Moet bij
Art. 413.1 Sv, dagvaardingstermijn. De termijn van 10 dagen is niet in acht genomen. Nu de stukken niets inhouden waaruit zou kunnen volgen dat de verdachte met de verkorting van de termijn heeft ingestemd en de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen, had het Hof het ond
Antilliaanse zaak. Art. 413 SvA. Art. 359a Sv. Het oordeel van het Hof komt hierop neer dat art. 413.5 SvA, voor zover inhoudende dat het OM niet-ontvankelijk wordt verklaard indien door toedoen van de normschending geen sprake kan zijn van een behandeling van de zaak die aan de
Art. 413.1 Sv, dagvaardingstermijn. De termijn van 10 dgn geldt ook voor de Enkelvoudige Kamer. Het Hof had het o.t.t.z. o.g.v. art. 413 jo. art. 265.3 Sv moeten schorsen. Dit verzuim strijdt zozeer met een goede procesorde dat het nietigheid oplevert.
-
5 jaar gevangenisstraf voor politicus wegens ambtelijke omkoping van in totaal bijna 4 miljoen USD en witwassen. Overeenkomst met kroongetuige niet onrechtmatig en verklaring kroongetuige betrouwbaar. Strafmatiging wegens uitingen openbaar ministerie in de media i.s.m. onschuldpr
Verzoek tot aanhouding ottz. Volgens de akte van uitreiking is de dagvaarding van verdachte om ttz. van het Hof van 3 oktober 2013 terecht te staan op 26 september 2013 uitgereikt op de wijze zoals is voorgeschreven in art. 588.3.c Sv. De in art. 413.1, eerste volzin, Sv voorgesc
Caribische zaak. Medeplegen vervoeren en aanwezig hebben van ruim 1.600 kg cocaïne op boot in Caribische Zee nabij Venezuela, art. 3.B en 3.C Opiumlandsverordening 1960. Afwijzing van herhaald verzoek om resultaten van onderzoek door Landsrecherche bij processtukken te voegen, ar
Conclusie AG. Opzettelijk niet binnen de gestelde termijn doen van aangiften van de inkomstenbelasting en de belasting op bedrijfsomzetten door een politicus in Sint Maarten. Geklaagd wordt onder meer over de verwerping van het beroep op de inkeerbepaling (art. 49.3 ALL). Tevens
Poging zware mishandeling van prostituee (art. 302 jo. 45 Sr) en poging doodslag van andere prostituee (art. 287 jo. 45 Sr) door verdachte die verkeert onder invloed van medicijnen in combinatie met alcohol. 1. Ontoerekeningsvatbaarheid (art. 39 Sr) en culpa in causa. 2. B.p. voo
Inkeer, gedoogbeleid, willekeur en verbeurdverklaring. Illegale loterijen zijn sinds jaar en dag een feit in Curaçao en Sint Maarten. Tegen belastingontduiking, witwassen en valsheid in geschrift met betrekking tot in die illegale loterijen gerealiseerde omzetten is door het open
1. Geldigheid betekening appeldagvaarding. 2. Dagvaardingstermijn ex art. 413.1 Sv. Ad 1. Gelet op het, aan de appeldagvaarding voor de ttz van 14-10-05 gehechte, GBA-overzicht van 10-10-05 inhoudende dat verdachte sedert 23-6-97 zonder vaste woon- of verblijfplaats is en in aanm
Conclusie AG. Dagvaardingsperikelen. Geldt op grond van art. 7 lid 3 ERV voor de dagvaarding c.q. oproeping van een verdachte in Polen een dagvaardings-/oproepingstermijn van 30 dagen? De AG meent van niet en adviseert de Hoge Raad het cassatieberoep te verwerpen.
Conclusie AG. Betekeningsperikelen in geval van een buitenlands BRP-adres en een Nederlands adres dat is vermeld in de schriftelijke bijzondere volmacht tot het instellen van hoger beroep. Hof acht de dagvaarding in hoger beroep juist betekend en oordeelt dat de zaak bij verstek
zaak Lacerta; omkoping bij aanbesteding raffinaderij Curaçao
Conclusie plv AG. Caribische zaak. De verdachte is in Curaçao veroordeeld wegens zedendelicten begaan tegen drie tienermeisje en vier jongvolwassen vrouwen die lid waren van een geloofsgemeenschap waarvan de verdachte de oprichter, organisatorisch en geestelijk leidsman was. Midd
Conclusie AG over onder meer (1) het begrip ‘grieven’ c.q. ‘bezwaren’ tegen het vonnis als bedoeld in art. 416, tweede lid, Sv, (2) het moment waarop de gemachtigde raadsman ter zitting in de gelegenheid moet worden gesteld mondeling bezwaren tegen het vonnis op te geven en (3) d
Poging doodslag. Mededeling aan b.p. van tz. in h.b. ex art. 413.2 Sv. HR herhaalt ECLI:NL:HR:1997:ZD0822, NJ 1998/156 m.b.t. de strekking van het voorschrift dat aan b.p. schriftelijk dient te worden medegedeeld op welke dag de zaak ttz. in h.b. zal worden behandeld alsmede de p
Betekeningsperikelen: dagvaardingstermijn ex art. 413.1 Sv. De appeldagvaarding om te verschijnen op de terechtzitting van 9 juli 2014 is op 2 juli 2014 uitgereikt zodat de in art. 413, eerste lid eerste volzin, Sv voorgeschreven termijn van tien dagen niet in acht is genomen. On
Betekeningsperikelen: woonadres, briefadres en postadres. Bij gebreke van een "woonadres" moet een "briefadres" als bedoeld in art. 1.1 Wet basisregistratie personen worden aangemerkt als "het adres waar de geadresseerde als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie perso
Doorzoeking auto i.s.m. art. 121 SvNA. Onherstelbare normschending. Geen bewijsuitsluiting ex art. 413 SvNA. Het Hof heeft geoordeeld dat aangenomen moet worden dat de doorzoeking van de auto van verdachte, waarbij het vuurwapen is aangetroffen, zonder zijn toestemming heeft plaa