HR: art. 81.1 RO en overschrijding redelijke termijn in cassatie.
Wetboek van Strafvordering
Art. 410 Sv
Genoemd in 415 uitspraken · Officiële wettekst
415 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Afwijzing getuigenverzoeken. 1. Het verzoek om aanhouding voor het (doen) horen van getuige X is een verzoek a.b.i. art. 331.1 jo. art. 328 Sv om toepassing te geven aan art. 315 Sv. Maatstaf bij de beslissing op een zodanig verzoek is of de noodzaak daarvan is gebleken. Uit ’s H
Slachtoffer (X) van mishandeling legt bij politie een verdachte (haar partner) belastende verklaring af. Ter terechtzitting in eerste aanleg verklaart ze niet door verdachte, maar door een kennis te zijn mishandeld. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR NJ 1994, 427 en ov
Zware mishandeling door ander meerdere klappen en schop op hoofd en lichaam te geven, art. 302.1 Sr. Voorwaardelijke verzoeken die verdediging bij appelschriftuur heeft gedaan en ttz. in hoger beroep heeft gehandhaafd. Heeft hof verzuimd te beslissen op verzoeken tot het horen va
(Medeplegen) (poging tot) afpersing (art. 317.1 jo. 312.2 Sr), medeplegen valsheid in geschrift (art. 225.1 en 225.2 Sr), mishandeling met voorbedachte raad (art. 301.1 Sr), medeplegen zware mishandeling met voorbedachte raad (art. 303.1 Sr), medeplegen diefstal met geweld (art.
PUBLICATIE BIJ ARREST. Conclusie AG. Tweede cassatieronde. Veroordeling wegens valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (feit 1) en medeplegen oplichting, meermalen gepleegd (feit 4 en 5). Middel 1: klacht over miskenning terugwijzingsopdracht en afwijzing getuigenverzoeken. Mid
Conclusie AG. Art. 45 jo. 244 Sr. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis), voorwaardelijk verzoek en afwijzing verzoek horen getuige (art. 288, eerste lid onder b, Sv). Klacht dat hof niet heeft gereageerd op voorwaardelijk verzoek tot het horen van verbalisant slaagt. Conclus
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit hypotheekfraude. Middelen, o.m. over afwijzing van getuigenverzoeken. Hof heeft verzoeken afgewezen op de grond dat betrokkene niet voldoende heeft onderbouwd dat verzochte getuigen zodanige betrokkenheid hebben gehad bij de gang van zak
Conclusie plv-AG. Poging doodslag door het op korte afstand afvuren van een kogel in de buik. Het eerste middel dat het hof het verzoek tot het horen van twee getuigen/deskundigen die hebben gerapporteerd over de risico’s van een schotwond in de buik op onjuiste gronden heeft afg
Beïnvloeding van de vrijheid van een persoon om een verklaring naar waarheid of geweten ten overstaan van een ambtenaar af te leggen, art. 285a Sr. Beïnvloeding van twee getuigen. Middelen m.b.t. 1. afwijzing getuigenverzoek en 2. bewezenverklaring en kwalificatiebeslissing. Had
Conclusie AG. De woning van de verdachte en zijn partner is voor tonnen verbouwd en de betalingen daarvoor zijn gedaan met contant geld, dat hij naar eigen zeggen contant uit Suriname heeft opgehaald (€ 260.000,-). Middelen over gewoontewitwassen en de verbeurdverklaring van de w
Conclusie plv. AG. Oplichting. Art. 326 Sr. Drie middelen. 1. Afwijzing getuigenverzoek. 2. Dient op grond van art. 326 Sv het proces-verbaal van de terechtzitting melding te maken van de strafeis? 3. Heeft hof voldoende gemotiveerd kunnen oordelen dat sprake is van het aannemen
Conclusie AG. Afwijzing voorwaardelijk verzoek tot het horen van belastende getuigen en schending van art. 6 EVRM. Toepassing criteria HR 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1015. De AG is van mening dat de afwijzing van het getuigenverzoek onvoldoende is gemotiveerd en geeft de Hoge Ra
Conclusie AG. Afwijzing voorwaardelijk verzoek tot het horen van belastende getuigen en schending van art. 6 EVRM. Toepassing criteria HR 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1015. De AG is van mening dat de afwijzing van het getuigenverzoek onvoldoende is gemotiveerd en geeft de Hoge Ra
Afwijzing getuigenverzoek, hernieuwde oproeping van opgeroepen maar niet verschenen getuige. Hof heeft het verzoek tot hernieuwde oproeping van aangever als getuige afgewezen op de grond dat het onaannemelijk is dat hij binnen een aanvaardbare termijn ttz. zal verschijnen. Dat oo
Klimop-zaak. Witwassen. Art. 420bis Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2008:BF5557, inhoudende dat ook misdrijven die zijn gepleegd vóór de inwerkingtreding van art. 420bis Sr op 14 december 2001 kunnen gelden als “enig misdrijf” in de zin van die bepaling. Voo
Afwijzing voorwaardelijk getuigenverzoek. Bij appelschriftuur gedaan en ttz. in h.b. bij pleidooi in voorwaardelijke vorm herhaald verzoek tot horen van verbalisanten. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2014:1496 m.b.t. beoordeling cassatieklachten over beslissingen inzake verzoeken tot het
Art. 243 Sr. Seksueel binnendringen. Afwijzing getuigenverzoek. Het verzoek van de verdediging strekt ertoe om de aangeefster als getuige te horen over haar bij de politie afgelegde verklaring, uit welke verklaring valt af te leiden dat verdachte met een of meer vingers in haar v
Vervolg op HR LJN BJ6949. Getuigenverzoek na terugwijzing HR. HR herhaalt HR LJN BL3964 m.b.t. de niet-toepasselijkheid van de artt. 410.3, 414.2 tweede volzin en 418.3 Sv en de toepasselijkheid van de artt. 263, 264 en 418.2 Sv in de procedure na terugwijzing. Het Hof heeft na t
Afwijzing getuigenverzoeken. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BW9036 m.b.t. vereisten voor opgave van getuigen of deskundigen a.b.i. art. 410.3 Sv en de beperkte toetsing door de HR van het oordeel of sprake is van een dergelijke opgave. Het Hof heeft kennelijk de bi
Afwijzing getuigenverzoeken. Maatstaf. De getuigen zijn bij appelschriftuur opgegeven. Het Hof kon, gelet op art. 418.1 Sv jo. art. 288 Sv de getuigen slechts afwijzen op de gronden vermeld in art. 288.1 Sv. Dit kan niet zonder meer volgen uit ‘s Hofs beslissing.
Afwijzing getuigenverzoek. Appelschriftuur. Fax. Een op de voet van art. 410.3 Sv door verdachte bij schriftuur gedane opgave van te horen getuigen wordt ingevolge die bepaling aangemerkt als een opgave i.d.z.v. art. 263.2 Sv. Nu een opgave in laatstbedoelde zin ook per fax kan w
Profijtontneming. Art. 359.2 Sv (u.o.s.). Het pv t.t.z in h.b. houdt niet in dat de raadsman aldaar het woord heeft gevoerd overeenkomstig de pleitnota van mr. X en houdt evenmin in dat het Hof heeft ingestemd met het verzoek van de raadsman om die pleitnota “hier als herhaald en
-
Conclusie AG. Profijtontneming. Falend middel dat het hof ten onrechte is uitgegaan van een te hoge bewijslast voor de betrokkene i.v.m. bewijsvermoeden bij ontneming op basis van art. 36e lid 3 Sr. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep (art. 81 lid 1 RO).