1. Art. 51 Sv. 2. Art. 409.2 Sv. Ad 1. De raadsvrouwe stond de verdachte in e.a. bij. De OvJ ging in h.b. Het bijstaan in e.a. geldt tot het moment de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan dan wel daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Het Hof behoefde daarom niet te onder
Wetboek van Strafvordering
Art. 409 Sv
Genoemd in 22 uitspraken · Officiële wettekst
22 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Rijden terwijl verdachte wist dat rijbewijs ongeldig was verklaard (meermalen gepleegd), art. 9.2 WVW 1994. 1. Onbekendheid van verdachte met tz. in e.a. Art. 409.4 Sv nageleefd? 2. Inleidende dagvaardingen in gevoegde zaken rechtsgeldig betekend? Ad 1. Indien OvJ h.b. instelt te
Verzuim vertaling essentiële onderdelen aanzegging in h.b.. Artt. 409.2 en 588.2 Sv. I.c. hadden de essentiële onderdelen van de aanzegging van het h.b. in de Franse taal dienen te worden vertaald, hetgeen niet is gebeurd. Dit verzuim behoeft niet tot cassatie te leiden nu, door
1. Redelijke termijn in jeugdzaken. Art. 40 lid 2 sub b van het Verdrag inzake de rechten van het kind (Trb. 1990, 107) stelt geen verdere eisen aan de redelijke termijn dan reeds uit art. 14 IVBPR en art. 6 EVRM voortvloeien. 2. Aanhoudingsverzoek – van in het buitenland verblij
Medeplegen vervaardigen van amfetamine (art. 47 Sr jo. 2.D Opiumwet). Middelen over het verzuim te beslissen op het (voorwaardelijk) verzoek om getuige(-deskundige) te horen, afwijzen verzoek om medeverdachten als getuige te horen en een beroep op niet-ontvankelijkheid OM gelet o
Conclusie AG. Bij verstek veroordeeld wegens het voorhanden hebben van een voorwerp (skimapparaat) bestemd tot het plegen van een misdrijf (art. 234 Sr). Voorafgaande beoordeling van de vraag naar de ontvankelijkheid van verdachte in het cassatieberoep. Vervolgens bespreking van
Conclusie AG. 1. Klacht dat hof de zaak in strijd met art. 409, vierde lid, Sv heeft behandeld, aangezien de verdachte in eerste aanleg bij verstek was vrijgesproken en het hoger beroep van de OvJ hem niet was betekend. 2. Klacht dat hof gelet op kernroljurisprudentie de zaak ten
Verzuim vertaling essentiële onderdelen aanzegging in h.b.. Artt. 409.2 en 588.2 Sv. I.c. hadden de essentiële onderdelen van de aanzegging van het h.b. in de Franse taal dienen te worden vertaald, hetgeen niet is gebeurd. Dit verzuim behoeft niet tot cassatie te leiden nu, door
1. Art. 51 Sv. 2. Art. 409.2 Sv. Ad 1. De raadsvrouwe stond de verdachte in e.a. bij. De OvJ ging in h.b. Het bijstaan in e.a. geldt tot het moment de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan dan wel daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Het Hof behoefde daarom niet te onder
Verdachte is bij verhoor RC (met tolk) op de hoogte gesteld van de tegen hem ingebrachte bezwaren, is heengezonden met dagvaarding in NL taal en heeft zich bij de pr en in appel door een gemachtigde raadsman laten vertegenwoordigen. Het hof schorste de vervolging om verdachte in
De opvatting dat betekening aan verdachte van het appèl van de OvJ ex art. 409.2 Sv niet in het Nederlands mag geschieden indien aannemelijk is dat verdachte deze taal niet begrijpt en dat in een dergelijk geval in appèl geen verstek mag worden verleend tegen de afwezige verdacht