Niet-ontvankelijkverklaring in h.b.. Bekendheid met vonnis. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1994/578. Kennelijk heeft het Hof uit de omstandigheid dat verdachte denkt de dagvaarding in de maand september 2009 in handen te hebben gekregen en te hebben gelezen, zodat h
Wetboek van Strafvordering
Art. 408 Sv
Genoemd in 178 uitspraken · Officiële wettekst
178 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Zware mishandeling, art. 302.1 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Verontschuldigbare termijnoverschrijding op de grond dat ex art. 366.4 Sv vertaling mededeling verstekuitspraak van Rb aan verdachte (Guineese nationa
Appeltermijn, bekendheid uitspraak (art. 408.2 Sv), brief raadsman. De in de wet bepaalde termijnen voor het indienen van een rechtsmiddel zijn van openbare orde. Een overschrijding van de daarvoor gestelde termijn betekent dat verdachte niet in appel kan worden ontvangen. Ex art
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in h.b., omdat h.b. te laat is ingesteld. Kan mededeling uitspraak e.a. met enkel vermelding van parketnummer worden aangemerkt als omstandigheid waaruit voortvloeit dat einduitspraak verdachte bekend was a.b.i. art. 408.2 Sv? Van een dergeli
Ve n-o in h.b. Bekend met de einduitspraak a.b.i. art. 408.2 Sv? HR herhaalt ECLI:NL:HR:1994:ZC9722, NJ 1994/578. Kennelijk heeft het Hof uit de brief van ve d.d. 26 sept. 2012 afgeleid dat hij uiterlijk op die datum over voldoende informatie beschikte a.b.i. genoemd arrest. Dat
Verduistering (meermalen gepleegd), art. 321 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Heeft zich omstandigheid voorgedaan waaruit voortvloeit dat einduitspraak verdachte bekend is, nu mededeling uitspraak en tekst van same
Verdachte n-o in hb nu het hem middels een door hem ontvangen krantenbericht duidelijk moet zijn geweest dat er vonnis was gewezen. HR herhaalt HR LJN BB3055 m.b.t. omstandigheid waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte bekend is. ’s Hofs oordeel dat verdachte na ken
Art. 408 Sv. Klacht over niet-ontvankelijkheid hb. Het Hof is kennelijk ervan uitgegaan dat verdachte na de dag van de ttz. in e.a. heeft kennisgenomen van de inleidende dagvaarding. Het Hof heeft waar het overweegt dat verdachte binnen veertien dagen nadat hij kennis had genomen
Bijstandsfraude, art. 227b Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in haar h.b. tegen bij verstek gewezen vonnis Pr van 22-8-2013, omdat h.b. te laat (op 6-4-2016) is ingesteld. Kan in reclasseringsrapport genoemd telefoongesprek tussen reclassering en verdachte i.h.k.v. executie v
Poging tot zware mishandeling (art. 302.1 Sr) en bedreiging (art. 285.1 Sr). Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Is verdachte bekend met einduitspraak Pr op het moment dat wordt begonnen met tenuitvoerlegging van de in e.
Rijden zonder rijbewijs, art. 107.1 WVW 1994. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld. Heeft zich omstandigheid voorgedaan waaruit voortvloeit dat einduitspraak verdachte bekend is a.b.i. art. 408.2 Sv, nu in “bonnenbriefje” geen par
Verdachte niet-ontvankelijk in te laat ingesteld appèl. Het hof heeft vastgesteld dat a) verdachte bekend was met de eerste terechtzitting van de politierechter, b) op die terechtzitting het onderzoek voor bepaalde tijd is geschorst, c) de politierechter op de nadere terechtzitti
N-o in h.b. Verdachte heeft haar wens om h.b. in te stellen telefonisch kenbaar gemaakt aan de secretaresse van haar raadsman, zonder zich later ervan te vergewissen of haar raadsman aan deze wens gehoor heeft gegeven. De raadsman heeft nagelaten tijdig h.b. in te stellen. Het Ho
Niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in haar h.b. Het Hof heeft kennelijk doch niet begrijpelijk geoordeeld dat de f&o waaraan de verdediging de conclusie heeft verbonden dat de behandeling van verdachtes zaak op de dag genoemd in de dagvaarding zou worden aangehouden, niet
Ontvankelijkheid in hoger beroep. Uit de enkele omstandigheid dat raadsman aan griffie van de rechtbank te kennen geeft dat een verdachte hem om bijstand heeft verzocht, een afschrift van het desbetreffende schaduwdossier verzoekt en mededeelt dat de zaak is afgedaan, vloeit niet
Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b. omdat het te laat is ingesteld. Verontschuldigbare termijnoverschrijding op de grond dat ex art. 366.4 Sv vertaling mededeling verstekvonnis aan verdachte, die in e.a. noch in h.b. ttz. is verschenen, had moeten worden verstrekt? O.g
Onverzekerd rijden, art. 30.4 WAM. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1.a en 408.2 Sv. Ontvankelijkheid hoger beroep en betwisting dat inleidende dagvaarding of vonnis Ktr in persoon aan verdachte is uitgereikt. Kon ho
Telen van hennep (art. 3.B Opiumwet) en aanwezig hebben van hennep (art. 3.C Opiumwet). Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Kan uit omstandigheid dat verdachte gehoor heeft gegeven aan bevel OvJ tot afname van cel
Conclusie AG. Tardief appel? Geen schriftelijke vertaling mededeling uitspraak als vereist in art. 366 lid 4 Sv. Het oordeel van het hof dat de verdachte na uitreiking van de mededeling uitspraak contact heeft gehad met een tolk en heeft begrepen dat hem mededelingen werden gedaa
Conclusie AG over de ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Cassatieberoep ingesteld per e-mail.
Conclusie AG over de vraag of uit de enkele omstandigheid dat de verdachte is medegedeeld dat tegen hem een vonnis is gewezen en hij naar de inhoud daarvan had kunnen informeren, volgt dat de einduitspraak hem bekend was en hij dus binnen veertien dagen na die mededeling hoger be
Art. 408.2 Sv. Het kennelijke oordeel van het Hof dat de kennisneming door verdachte van de inleidende dagvaarding na de dag van de tz. in e.a. een omstandigheid inhoud waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte bekend is, a.b.i. art. 408.2. Sv, getuigt van een onjuist
Ontvankelijkheid verdachte in appèl; gemachtigde raadsman en appèltermijn; overgangsrecht. Het hof heeft terecht geoordeeld dat het vonnis in eerste aanleg “op tegenspraak” is gewezen, nu de behandeling van de zaak door het verschijnen van verdachte ter terechtzitting van 15-11-0
Bedreiging, art. 285.1 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Ontvankelijkheid hoger beroep en betwisting dat vonnis Pr in persoon aan verdachte is uitgereikt. Kon hof vaststellen dat vonnis Pr in persoon aan ver
Conclusie AG. Laatste woord, art. 283 lid 6 jo. lid 3 Sv. Verdachte is niet in gelegenheid gesteld om te reageren op laatste inhoudelijke opmerking advocaat-generaal, waarna verdachte niet-ontvankelijk is verklaard in h.b. Dat verzuim leidt tot nietigheid van onderzoek en arrest.