Cassatie in het belang der wet. Art. 406.2 Sv. Het Hof heeft de verdachte n-o verklaard in zijn h.b. tegen de afwijzing van zijn verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis, gelet op art. 87.2 Sv. Mede gelet op de wetsgeschiedenis zoals weergegeven in de vordering moet word
Wetboek van Strafvordering
Art. 406 Sv
Genoemd in 54 uitspraken · Officiële wettekst
54 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG in Caribische zaak. Gewapende overval op een woning te Bonaire in 2016, waarbij een politieagent is doodgeschoten. Medeplegen diefstal met geweld, terwijl het feit de dood ten gevolge heeft (art. 325 SrBES) en voorbereiding van diefstal met geweld (art. 325 jo. 48a S
Conclusie AG. Diefstal (art. 310 Sr) en diefstal in vereniging (art. 311 Sr). Ambtshalve bespreking ontvankelijkheid cassatieberoep. Betekening dagvaarding in hoger beroep. De conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot nietigverklaring van de dagvaarding in
Ontvankelijkheid appel. De beperkingen in artikel 87 lid 2 Sv gelden mede indien al eerder namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen een afwijzing van een verzoek tot schorsing (of opheffing) op een eerdere terechtzitting door de rechtbank. De restrictie in artikel 87 l
Conclusie AG in Caribische zaak. Gewapende overval op een woning te Bonaire in 2016, waarbij een politieagent is doodgeschoten. Medeplegen van diefstal met geweld, terwijl het feit de dood ten gevolge heeft (art. 325 SrBES) en van voorbereiding van diefstal met geweld (art. 325 j
Conclusie AG in Caribische zaak. Gewapende overval op een woning te Bonaire in 2016, waarbij een politieagent is doodgeschoten. Medeplegen van diefstal met geweld, terwijl het feit de dood ten gevolge heeft (art. 325 SrBES) en van voorbereiding van diefstal met geweld (art. 325 j
Conclusie AG in Caribische zaak. Gewapende overval op een woning te Bonaire in 2016, waarbij een politieagent is doodgeschoten. medeplegen van diefstal met geweld, terwijl het feit de dood ten gevolge heeft (art. 325 SrBES) en voorbereiding van diefstal met geweld (art. 325 jo. 4
Niet-ontvankelijk in hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 87, tweede lid, Sv
Voorlopige hechtenis, verdachte niet-ontvankelijk
Voorlopige hechtenis
Voorlopige hechtenis
Voorlopige hechtenis: niet-ontvankelijk wegens eerder hoger beroep tegen afwijzing opheffing voorlopige hechtenis
Mogelijkheid tot instellen van beroep in cassatie door b.p.? Wet bevat geen regeling t.a.v. het instellen van beroep in cassatie door b.p. indien haar vordering door de appelrechter in het strafgeding n-o is verklaard dan wel is afgewezen en noch verdachte noch het OM cassatieber
Het hof is van oordeel dat de beperkingen in artikel 87, tweede lid Sv mede gelden ingeval het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg al is aangevangen, maar nog niet is geëindigd.
Cassatie in het belang der wet. Tekst noch strekking van art. 69.1 Sv beperken het recht van de verdachte opheffing van de voorlopige hechtenis (VH) te verzoeken. Voor een beperking tot gevallen waarin niet eerder h.b. tegen de toewijzing van de vordering gevangenhouding is inges
Cassatie in het belang der wet. Door de OvJ kan niet afzonderlijk h.b. worden ingesteld tegen een ttz. gegeven beslissing strekkende tot opheffing van de voorlopige hechtenis (VH). Gelet op art. 406 Sv staat tegen die beslissing voor de OvJ hoger beroep slechts gelijktijdig met d
Cassatie in het belang der wet. Door de OvJ kan gelet op art. 406 Sv niet afzonderlijk h.b. worden ingesteld tegen de beslissing waarbij een namens verdachte ttz.gedaan verzoek tot opheffing of schorsing van de voorlopige hechtenis (VH) door de Rb is toegewezen, ook niet als deze
OM niet-ontvankelijk. Uitleg van artikel 66 Wetboek van Strafvordering. Het OM heeft nagelaten de gevangenhouding van verdachte te vorderen tijdens het reeds aangevangen onderzoek ter terechtzitting. Het zou in strijd met het gesloten systeem van rechtsmiddelen zijn, indien het O
1. Ondertekening pv door raadsheer bij ontstentenis vz. en griffier. 2. Art. 359.1 Sv vordering in uitspraak. 3. Strafmotivering, fraudebedrag en fiscaal pleitbaar standpunt. 4. Compensatie door voortvarende appèlbehandeling van overschrijding redelijke termijn in eerste aanleg.