Art. 80a RO. HR wijst overzichtsarrest i.v.m. het op 1 juli 2012 in werking getreden art. 80a RO: de mogelijkheid om het beroep in cassatie n-o te verklaren. De HR geeft aan welke zaken zich daarvoor kunnen lenen en hoe de HR voornemens is met art. 80a RO procedureel gezien om te
Wetboek van Strafvordering
Art. 364 Sv
Genoemd in 12 uitspraken · Officiële wettekst
12 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Schade ontstaan door openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen (art. 141 lid 1 Sr), medeplegen van poging tot doodslag, meermalen gepleegd (art. 45 jo. 287 Sr) en openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen, terwijl geweld de dood ten gevolge heeft
Conclusie AG over het tijdig instellen van hoger beroep bij de juiste griffie en het aanwenden van dit rechtsmiddel op de laatste dag van de beroepstermijn na sluitingstijd van de griffie. De AG adviseert de Hoge Raad het cassatieberoep te verwerpen.
Ontvankelijkheid verdachte in appèl. 1. Indien duidelijk en gemotiveerd het verweer is gevoerd dat een termijn voor het instellen van een rechtsmiddel verontschuldigbaar is overschreden, is de rechter verplicht bij verwerping daarvan die beslissing uitdrukkelijk en met redenen om
-
-
Conclusie AG. Grootschalige DigiD-fraude. 1: Van terechtzitting in hoger beroep zijn twee processen-verbaal vastgesteld met andere inhoud. 2: Voorzitter hof heeft via audiovisuele verbinding deelgenomen aan terechtzitting waarop sluiting o.t.t. en uitspraak heeft plaatsgevonden.
Identiteitsbewijs ex art. 231 Sr. Art. 1 Wet op de Identificatieplicht. Art. 2 Paspoortwet. Is de valse Iraakse identiteitskaart een identiteitsbewijs a.b.i. art. 231 Sr? Blijkens de MvT bij de wijziging van art. 231 Sr waarbij “Nederlandse identiteitskaart” is vervangen door “id
Conclusie AG. Appeltermijn. Kon het Hof uit reclasseringsrapport afleiden dat sprake was van een omstandigheid waaruit voortvloeit dat de einduitspraak verdachte bekend is a.b.i. art. 408 lid 2 Sv?
Niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn h.b. Verontschuldigbare termijnoverschrijding? De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2004:AO5706. Het Hof heeft geoordeeld dat de omstandigheden waarop door de raadsvrouwe een beroep is gedaan, niet kunnen worde
Ontvankelijkheid in h.b. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AR3700 m.b.t. de responsieplicht van de rechter bij een duidelijk en gemotiveerd verweer aangaande verontschuldigbare termijnoverschrijding. Hetgeen door verdachte is aangevoerd kan bezwaarlijk anders worde
Art. 265.2 Sv. Dagvaardingstermijn. Kan een gemachtigd raadsman afstand doen van de dagvaardingstermijn? HR: uitgangspunt is dat ovk. art. 265.3 Sv het onderzoek wordt geschorst indien verdachte geen toestemming tot verkorting van de termijn voor dagvaarden geeft. Als verdachte i