OM-cassatie. Profijtontneming. Art. 36e.1 Sr houdt in dat op vordering van het OM bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing aan degene die is veroordeeld wegens een strafbaar feit, de verplichting kan worden opgelegd tot betaling van een geldbedrag aan de staat ter ontneming
Wetboek van Strafvordering
Art. 361 Sv
Genoemd in 769 uitspraken · Officiële wettekst
769 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
De rechtbank acht poging tot doodslag, meermalen gepleegd, bewezen. De rechtbank verwerpt het beroep op noodweer. De rechtbank honoreert het beroep op noodweerexces. De verdachte wordt vanwege een geslaagd beroep op noodweerexces ontslagen van alle rechtsvervolging. De benadeelde
Veroordeling voor poging tot moord. Volledige ontoerekeningsvatbaarheid. Voortzetting van de huidige tbs-maatregel. Toewijzing vordering schadevergoeding en schadevergoedingsmaatregel bij OVAR zonder oplegging van een straf of maatregel.
Conclusie AG. Medeplegen opzettelijk teweegbrengen ontploffing (art. 157 Sr). Middel bevat klachten over oordeel hof dat kosten voor inhuur van beveiligingsmedewerker als ‘rechtstreekse schade’ kunnen worden aangemerkt. Middel faalt. Conclusie strekt tot verwerping.
Veroordeling voor bedreiging, voorhanden hebben wapens en opzettelijk aanwezig hebben hennep. Gevangenisstraf van 137 dagen, waarvan 90 voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren en daaraan gekoppeld bijzondere voorwaarden. Dadelijke uitvoerbaarheid van die bijzondere voorwaar
De rechtbank komt tot de conclusie dat de beschuldigingen (verkrachting, dan wel ontucht, of aanranding) niet kunnen worden bewezen. Dat betekent dat verdachte wordt vrijgesproken. De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vordering.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één week. De verdachte is schuldig bevonden aan diefstal. De rechtbank heeft de verdachte vrijgesproken van poging tot doodslag, zware mishandeling en poging tot zware mishandeling nu niet kan worden v
De rechtbank veroordeelt een 38-jarige man tot een taakstraf van 40 uren voor plegen van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of bedreiging met zware mishandeling tegen zijn ex-partner en haar toenmalige partner.
Witwassen van geldbedragen, art. 420bis.1.b Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Bewijsklachten gebruik van geldbedragen en opzet. Kon hof oordelen dat sprake is van “witwassen” a.b.i. art. 420bis Sr? 2. Vordering benadeelde partijen, rechtstreekse schade. Kunnen door beleggers in
Veroordeling voor feitelijke leidinggeven aan oplichting, meermalen gepleegd en van witwassen een gewoonte maken tot een gevangenisstraf voor de duur van 38 maanden. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een zogenoemde Ponzifraude en heeft een deel van de opbrengsten daaruit
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 285 dagen en beveelt de uitvoer van een eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van 2 weken. De verdachte is schuldig bevonden aan opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te
Diefstallen horecagelegenheden en bedreiging met nepwapen; bewezen.
MK Jeugdstrafrecht. Verdachte heeft zich binnen een jaar schuldig gemaakt aan diverse delicten, waaronder diefstal in vereniging door middel van braak en bedreiging met een nepvuurwapen. Anders dan door de Raad voor de Kinderbescherming geadviseerd, legt de rechtbank naast een we
De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt haar daarvan vrij. Verdachte was ten laste gelegd dat zij meermaals had meegedaan aan het plegen van oplichting.
Verdachte wordt beschuldigd van zogenoemde bankhelpdeskfraude en veroordeeld tot een gevangenisstraf van 400 dagen, waarvan 105 voorwaardelijk en een taakstraf van 240 uur en het betalen van schadevergoeding.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 3 maanden. De verdachte is schuldig bevonden aan medeplegen van gegevens voorhanden hebben waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van een misdrijf omschreven in artikel 326 voor zover het feit betrekk
Oplichting m.b.t. niet verrichte schilderswerkzaamheden (art. 326.1 Sr) door aanbetalingen te laten doen en te doen alsof verf werd gekocht en huis zou worden geverfd. Vordering benadeelde partij (particulier), schade door niet-terugbetaalde aanbetalingen. Levert eerste aanbetali
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie van 9 maanden, legt op de voorwaardelijke maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen, stelt als bijzondere voorwaarde dat hij zich meldt bij de Jeugdreclassering en legt aan de verdachte een contactverbod t
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 10 maanden, waarvan 192 dagen voorwaardelijk, beveelt de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde werkstraf van 40 uren, stelt als bijzondere voorwaarde dat hij zich bij de Reclassering meldt en op
De rechtbank veroordeelt een 38-jarige man tot een gevangenisstraf van drie maanden en betaling van een schadevergoeding van € 7.350,-. Daarnaast wordt de tenuitvoerlegging beveelt van eerder opgelegde voorwaardelijk gevangenisstraffen van drie maanden. De verdachte heeft samen m
Beroepsmatige hennepteelt met grote hoeveelheid planten (art. 3.B jo. 11.3 Opiumwet) en diefstal van elektriciteit d.m.v. verbreking (art. 311.1.5 Sr). Vordering benadeelde partij (energieleverancier), schade door eerdere, niet tenlastegelegde diefstal van elektriciteit. Levert n
Jeugdstrafrecht. Vrijspraak voor opzet- en schuldverkrachting. Bewijsminimum in zedenzaken. Veroordeling voor poging tot zware mishandeling, mishandeling, meermalen gepleegd, bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd, belaging en verboden wapenbezit
Conclusie A-G. Aanslag op Nederlandse advocaat/curator in Gronau en beschieten sportschool in Losser. Drie middelen. De eerste twee middelen bevatten bewijsklachten tegen de bewezenverklaringen van feit 1 primair (medeplegen poging moord) en feit 2 meer subsidiair (medeplegen bed
De rechtbank verklaart niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij. Verdachte was ten laste gelegd dat hij met een persoon, die toen nog geen zestien jaren oud was, ontuchtige handelingen had gepleegd, en met een persoon ontuchtige ha
De rechtbank stelt vast dat er op 12 mei 2024 een confrontatie heeft plaatsgevonden tussen twee groepen jongeren op de kermis in Sint Annaparochie. Buiten het kermisterrein is deze confrontatie geëscaleerd en ontaard in geweld. Personen uit de ene groep hebben met messen gestoken