Diplomatieke immuniteit. “Note Verbale” van 21 april 2011 van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Republiek Bosnië en Herzegovina aan het Nederlandse Ministere van Buitenlandse zaken. Artt. 31.1, 32.1 en 2 en 37.1 Verdrag van Wenen. Casus: verdachte, zoon van een diploma
Wetboek van Strafvordering
Art. 360 Sv
Genoemd in 247 uitspraken · Officiële wettekst
247 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Motivering gebruik anonieme getuigenverklaring. Art. 190, 344a en 360.1 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 2009/239 en HR NJ 1998/135. Het Hof heeft nagelaten het gebruik van het bewijsmiddel nader te motiveren.
1. Gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende een verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. 2. Art. 304 Sr. Ad 1. Het Hof heeft in strijd met art. 360.1 Sv nagelaten het gebruik van dit bewijsmiddel, v.zv. inhoudende de verklaring van een onbeke
1. Horen getuige met gesloten deuren. 2. Afwijzing verzoek tot het oproepen van een niet verschenen getuige, art. 288.1 onder b Sv. Ad 1. Nu de raadsman ttz. heeft ingestemd met het horen van de getuige buiten aanwezigheid van publiek kan het middel bij gebrek aan belang niet tot
HR: 81 RO. Ambtshalve: vermindering gevangenisstraf i.v.m. overschrijding van de redelijke termijn in de cassatiefase.
Verklaring getuige wiens identiteit niet blijkt. Klaarblijkelijk is de getuige, wiens verklaring als bewijsmiddel is gebezigd, door de Rechter-Commissaris gehoord op de voet van art. 190.2 Sv. Uit de ingevolge art. 360.1 Sv vereiste motivering van het gebruik van zo’n verklaring
Verklaring getuige wiens identiteit niet blijkt. Klaarblijkelijk is de getuige, wiens verklaring als bewijsmiddel is gebezigd, door de Rechter-Commissaris gehoord op de voet van art. 190.2 Sv. Uit de ingevolge art. 360.1 Sv vereiste motivering van het gebruik van zo’n verklaring
Art. 344a.3 Sv. Gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. HR herhaalt relevante overwegingen uit LJN ZA1460 m.b.t. motiveringsplicht rechter en LJN AE1195 m.b.t. de term “een persoon wiens identiteit
Art. 359.2 Sv. U.o.s. Hetgeen door de raadsvrouwe ttz. in h.b. is aangevoerd m.b.t. de verklaring van de aangeefster kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien van een ondubbelzinnige conclusie ten overstaan
Verklaring getuige wiens identiteit niet blijkt. Ingevolge het ook in h.b. toepasselijke art 360.1 en art. 360.4 Sv behoort de rechter het gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt, a.b.i. art. 344a.3
Art. 190 Sv jo. 360 Sv. Betrouwbaarheid anonieme getuigenverklaring. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN AE1195 en LJN BF2082. I.c. is geen sprake van ‘een persoon wiens identiteit niet blijkt’ a.b.i. art. 344a.3 Sv. Kennelijk is de getuige gehoord door de r-c op de voet
uitspraak inzake openlijke geweldpleging en erfvredebreuk door krakers in Amsterdamse buurt De Pijp. Verweren inzake gebruikmaking van anonieme aangiftes en anonieme getuigenverklaringen en onzorgvuldige spiegelconfrontaties verworpen.Onvoorwaardelijke gevangenisstraffen en geldb
uitspraak inzake openlijke geweldpleging en erfvredebreuk door krakers in Amsterdamse buurt De Pijp. Verweren inzake gebruikmaking van anonieme aangiftes en anonieme getuigenverklaringen en onzorgvuldige spiegelconfrontaties verworpen.Onvoorwaardelijke gevangenisstraffen en geldb
Art. 359.2 Sv. Anders dan het middel voorstaat, heeft het Hof het betoog niet behoeven op te vatten als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt i.d.z.v. art. 359.2 Sv. Het aangevoerde houdt immers niet in op grond waarvan de enkele omstandigheid dat de verhuur alleen heeft plaatsg
Het hof heeft voor het bewijs gebezigd de op 23-12-04 door het minderjarige slachtoffer X tijdens een studioverhoor bij de politie afgelegde verklaring. Dit t.t.v. de gepleegde feiten 9-jarige slachtoffer heeft a.g.v. een schot in haar hoofd ernstig hersenletsel opgelopen. In het
1. Onpartijdig gerecht ex art. 6.1 EVRM en oordeel over ontvankelijkheid OM in kader verzoek tot opheffing voorlopige hechtenis. 2. Ontvankelijkheid OM en vernietiging inbeslaggenomen voorwerpen. 3. Motivering ex art. 360.1 Sv van gebruik voor bewijs van verklaring bedreigde getu
Doodslag zonder lijk. 1. Politie-undercover (A1052) in de cel; verklaringsvrijheid verdachte. 2. Gebruik voor bewijs van verklaringen van als bedreigde getuige aangemerkte A1052. 3. Toekennen status bedreigde getuige en positie zittingsrechter. 4. Bewijs van voorwaardelijk opzet
In pv neergelegde verklaring van verbalisant betreffende een anonieme telefonische tip dat verdachte de overval heeft gepleegd, is een verklaring ex art. 344a.3 Sv, waarvan het gebruik als bewijsmiddel nader moet worden gemotiveerd. I.c. heeft het hof dit pv kennelijk gebezigd om
1. Strafbare voorbereidingshandelingen ex art. 46 (oud) Sr. Het voorhanden hebben van een gezamenlijkheid van voorwerpen kennelijk bestemd tot het begaan van een misdrijf als bedoeld in art. 46 (oud) Sr. 2. Motiveringsplicht art. 360, eerste lid, Sv. Weergave in bewijsmiddelen va
1 juli 2003 Strafkamer nr. 02163/02 SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 18 september 2001, nummer 21/001025-01, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972, wo
1 juli 2003 Strafkamer nr. 02163/02 SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 18 september 2001, nummer 21/001025-01, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972, wo
-
-
-
-