Artt. 360.1, 360.4 en 344a.3 Sv. HR herhaalt de relevante overwegingen uit HR LJN ZD1460 over de motiveringseisen t.a.v. het gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. Het Hof heeft tot het bewijs geb
Wetboek van Strafvordering
Art. 360 Sv
Genoemd in 247 uitspraken · Officiële wettekst
247 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Personen wier identiteit niet blijkt of beperkt anoniem verhoorde getuigen? Art. 190.3 Sv, 344a.3 Sv en art. 360.1 Sv. Personen wier identiteit niet blijkt ex art. 344a.3 Sv omvat niet personen wier persoonsgegevens niet (volledig) zijn vermeld in het p-v waarin hun verklaringen
Art. 360.1 Sv en art. 216a.2 Sv. Motivering gebruik getuigenverklaring van iemand die de leeftijd van 16 jaar nog niet heeft bereikt. Gelet op vaste jurisprudentie en wetsgeschiedenis kan de in art. 360.4 Sv gestelde nietigheid onder omstandigheden buiten toepassing blijven t.a.v
Art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. De pleitnotities houden een uitvoerige opsomming in van argumenten op grond waarvan de gewraakte getuigenverklaringen als onbetrouwbaar aangemerkt moeten worden. In het middel wordt echter niet met voldoende
Profijtontneming. Motiveringseisen aan het gebruik van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. Art. 344a.3 en 360.1 Sv. Als de rechter in de ontnemingsprocedure de schatting van het w.v.v. mede ontleent aan een schriftelijk
Het hof heeft voor het bewijs gebezigd de op 23-12-04 door het minderjarige slachtoffer X tijdens een studioverhoor bij de politie afgelegde verklaring. Dit t.t.v. de gepleegde feiten 9-jarige slachtoffer heeft a.g.v. een schot in haar hoofd ernstig hersenletsel opgelopen. In het
Art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. Het hof heeft het gevoerde betoog kennelijk niet opgevat als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt ex art. 359.2 Sv. Dat oordeel is onjuist noch onbegrijpelijk.
Reikwijdte art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. Het middel betreft “de verweren” die ter terechtzitting in appèl zijn gevoerd. Daarbij is niet nader aangeduid op welke verweren de klacht ziet. Aldus is niet met voldoende precisie aangegeven op w
volgt.
Poging uitlokking moord. 1. Gebruik als bewijs van p-v’s die door onder codenummers aangeduide opsporingsambtenaren zijn opgemaakt. Motiveringsvoorschrift van art. 360.1 Sv verzuimd? 2. Vrijwillige terugtred; art. 46b Sr. Ad 1. De kennelijk aan het middel ten grondslag liggende o
Afwijzing verzoek horen getuige. ’s Hofs oordeel dat het verzoek tot het horen van de aangeefster als getuige moet worden afgewezen op de grond dat “de getuige twee keer eerder is gehoord ten overstaan van een rechter” en “dat er niets nieuws is opgeworpen ten opzichte van de eer
Art. 344a Sv: verklaring anonieme getuige als bewijsmiddel. 1. Ingevolge art. 360.1 en 360.4 Sv moet de rechter het gebruik van de verklaring van een anonieme getuige (als bedoeld in art. 344a.3 Sv) als bewijsmiddel op straffe van nietigheid nader motiveren. De rechter die in dat
Profijtontneming. Artt. 344a.3, 360.1 en 4, 511e.1, 511g, 511f en 415 Sv. Motiveringseisen aan het gebruik van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt in een ontnemingsprocedure. Art. 344a Sv is op zichzelf niet van toepassing
Afwijzing getuigenverzoeken. Maatstaf. De getuigen zijn bij appelschriftuur opgegeven. Het Hof kon, gelet op art. 418.1 Sv jo. art. 288 Sv de getuigen slechts afwijzen op de gronden vermeld in art. 288.1 Sv. Dit kan niet zonder meer volgen uit ‘s Hofs beslissing.
Art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. Het middel betreft “de verweren” die ter terechtzitting in appèl zijn gevoerd. Daarbij is niet nader aangeduid op welke verweren de klacht ziet. Aldus is niet met voldoende precisie aangegeven op welke met ar
Reikwijdte art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. Het middel betreft “de verweren” die ter terechtzitting in appèl zijn gevoerd. Daarbij is niet nader aangeduid op welke verweren de klacht ziet. Aldus is niet met voldoende precisie aangegeven op w
Reikwijdte art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. Het middel betreft “de verweren” die ter terechtzitting in appèl zijn gevoerd. Daarbij is niet nader aangeduid op welke verweren de klacht ziet. Aldus is niet met voldoende precisie aangegeven op w
Conclusie AG in de megazaak Eris (liquidaties en voorbereidingen van liquidaties). Middelen over o.m. de rechtmatigheid van de deal met de kroongetuige en over de enkele ambtshalve constatering door het hof van vormverzuimen die verband houden met de Landeck- en Prokuratuur-probl
Conclusie AG in de megazaak Eris (liquidaties en voorbereidingen van liquidaties). Middelen over o.m. de rechtmatigheid van de deal met de kroongetuige en over de enkele ambtshalve constatering door het hof van vormverzuimen die verband houden met de Landeck- en Prokuratuur-probl
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit telen 144 hennepplanten (art. 3.B Ow). M1: klacht dat hof zonder motivering voor schatting w.v.v. gebruik heeft gemaakt van schriftelijk bescheid houdende verklaring persoon wiens identiteit niet blijkt. M2: klacht dat hof schatting w.v.
Conclusie AG. Telen van 144 hennepplanten (art. 3.B Ow) en diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking (art. 311.1.5 Sr). M1: klacht dat hof zonder motivering voor bewijs gebruik heeft gemaakt van schriftelijk bescheid houdende verklaring persoon wiens identiteit niet blijkt. M2-3:
Conclusie AG. Jeugdzaak. Veroordeling wegens verkrachting (art. 242 (oud) Sr). Volgens het eerste middel heeft het hof ten onrechte de zaak wegens de jonge leeftijd van de verdachte niet met gesloten deuren behandeld. Dit is terecht opgemerkt, maar hoeft volgens de AG niet tot ca
Conclusie AG. Medeplegen van een nachtelijke woninginbraak (art. 311 Sr). Het middel bevat de klacht dat het hof een anonieme melding voor het bewijs heeft gebezigd zonder een gemotiveerd oordeel te hebben gegeven over de betrouwbaarheid van de anonieme verklaring. Het middel kla
Conclusie AG. Slagende klacht over bewijsmotivering medeplegen woningoverval (art. 312 Sr) omdat het hof (a) (in beslissende mate) de verklaring van een bedreigde getuige (art. 226a Sv; art. 344a.2 Sv) heeft gebruikt voor het bewijs en dit in strijd met art. 360.1 Sv niet heeft
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit andere strafbare feiten a.b.i. art. 36e.2 Sr, te weten hennepteelt voorafgaand aan de in de strafzaak bewezen verklaarde datum. Hof heeft oordeel dat in de kwekerij twee eerdere oogsten zijn gerealiseerd onder meer doen steunen op verkla