Art. 180.3 WVW 1994, tenuitvoerlegging OBM. Uit de bewoordingen van de in art. 180 WVW 1994 neergelegde regeling volgt dat juist is de opvatting dat aan de eisen van art. 180.3 WVW 1994 slechts is voldaan indien het daar bedoelde schrijven aan veroordeelde in persoon is uitgereik
Wetboek van Strafvordering
Art. 359 Sv
Genoemd in 2.762 uitspraken · Officiële wettekst
2.762 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 40 · live
HR ambtshalve: Ingevolge art. 335 en 361.4 jo. art. 415 Sv was het Hof gehouden op de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen (vgl. HR LJN AT1812). De bestreden uitspraak ontbeert een dergelijke beslissing en kan daarom in zoverre niet in stand blijven.
Militaire zaak. Ongeoorloofd afwezig zijn i.d.z.v. art. 114.3 WMSr. ’s Hofs oordeel dat verdachte ongeoorloofd afwezig is geweest i.d.z.v. art. 114.3 WMSr is onjuist, noch onbegrijpelijk. De opvatting dat voor een veroordeling t.z.v. art. 100.1.2° WMSr sprake dient te zijn van ee
Profijtontneming. HR: art. 81 RO.
Middelen over afwijzing verzoeken, bewezenverklaring en bewijsvoering. HR: art. 81 RO.
Profijtontneming. 1. Verwerping gevoerd verweer. 2. Bewijs hoeveelheid heroïne. Ad 1. ‘s Hofs ordeel geeft, ook in het licht van het in het middel genoemde en tevens door het Hof aangehaalde arrest van het EHRM van 1 maart 2007, NJ 2007, 349 (Geerings tegen Nederland) geen blijk
OM-cassatie. Verdachte is vervolgd voor betrokkenheid bij door Liberiaanse troepen en/of milities gepleegde oorlogsmisdrijven en bij illegale wapenleveranties aan het regime van Charles Taylor tussen 2000 en 2003. Art. 226a Sv. Afwijzing verzoek ex art. 226a Sv om anonieme getuig
Antilliaanse zaak. Strafoplegging. Het Hof heeft bij de strafoplegging betrokken dat verdachte in 2001 in Canada is veroordeeld. Uit hetgeen de stukken inhouden m.b.t. de bedoelde veroordeling, heeft het Hof kennelijk afgeleid, hetgeen niet onbegrijpelijk is, dat het om een onher
Geen beslissing op de door de BP ingediende vordering tot toewijzing van wettelijke rente. De HR doet wat het Hof had behoren te doen. HR ambtshalve: de HR brengt de door het Hof opgelegde proeftijd van drie jaren terug naar twee jaren. Gelet op art. 14b.2 jo. art. 14c.1 Sr, zoal
Art. 126aa jo. 218 Sv. Verschoningsrecht. Tapverbalen van gesprekken met advocaat. 1. Art. 126aa Sv en zeer uitzonderlijke omstandigheden. 2. Bevoegdheid zittingsrechter t.a.v. machtiging r-c tot ex art. 126aa Sv toevoeging van pv’s aan dossier. De HR herhaalt relevante overwegin
Conclusie AG o.m. over het onderbreken van de zitting voor alleen nog het laatste woord. HR: 81 RO.
Bewijsklacht. Denatureren door achter de verklaring van verdachte: “het klopt dat ik twee handtekeningen heb” het woordje “gezet” toe te voegen. Middel slaagt.
Vormverzuimen. 1. Anoniem verstrekte informatie. Voldoende vermoeden van schuld? 2. Gebruik van een voicemailbericht aan een geheimhouder. Ad 1. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BK3201. De anoniem verstrekte informatie was i.c. vervat in twee bij de RCIE binneng
Art. 359.2 Sv. UOS. Voldoende gerespondeerd? HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN AU9130. Het Hof heeft bij e.e.a. onder ogen gezien dat de getuige “bij diverse gelegenheden anders en/of tegenstrijdig heeft verklaard”, maar het is tot de slotsom gekomen dat die omstandighe
Bewijsklacht medeplegen slaagt.
Witkiel; grootschalige (internationale) hennephandel. Verdachte heeft binnen de organisatie een leidende functie ingenomen. Daarnaast heeft verdachte zowel in zijn woning als in de werkplaats aan de [adres 1] wapens voorhanden gehad. Ten slotte heeft verdachte grondstoffen voorha
Vordering benadeelde partij. In aanmerking genomen dat de zaak i.c. na vernietiging door de HR door het Hof op het bestaande h.b. opnieuw diende te worden berecht en afgedaan en de b.p. zich in dat h.b. o.g.v. art. 421.3 Sv binnen de grenzen van haar oorspronkelijke vordering opn
HR: 81 RO.
Afwijzing getuigenverzoek. Appelschriftuur. Fax. Een op de voet van art. 410.3 Sv door verdachte bij schriftuur gedane opgave van te horen getuigen wordt ingevolge die bepaling aangemerkt als een opgave i.d.z.v. art. 263.2 Sv. Nu een opgave in laatstbedoelde zin ook per fax kan w
Ontvankelijkheid vordering b.p. Het Hof heeft als zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat de omstandigheid dat de b.p. X zich tot de civiele rechter heeft gewend en dat deze voor recht heeft verklaard dat de gedaagde (de verdachte) aansprakelijk is voor de schade van X a.g.v. h
Profijtontneming. Redelijke termijn. Specifiek voor ontnemingszaken geldende omstandigheden kunnen meebrengen dat meer dan 2 jaren kunnen zijn verlopen zonder dat van een overschrijding van de redelijke termijn a.b.i. art. 6 EVRM kan worden gesproken (HR LJN AW0254). In dat lich
Profijtontneming. Redelijke termijn. Specifiek voor ontnemingszaken geldende omstandigheden kunnen meebrengen dat meer dan 2 jaren kunnen zijn verlopen zonder dat van een overschrijding van de redelijke termijn a.b.i. art. 6 EVRM kan worden gesproken (HR LJN AW0254). In dat lich
Profijtontneming. Redelijke termijn. Specifiek voor ontnemingszaken geldende omstandigheden kunnen meebrengen dat meer dan 2 jaren kunnen zijn verlopen zonder dat van een overschrijding van de redelijke termijn a.b.i. art. 6 EVRM kan worden gesproken (HR LJN AW0254). In dat lich
Profijtontneming. Redelijke termijn. Specifiek voor ontnemingszaken geldende omstandigheden kunnen meebrengen dat meer dan 2 jaren kunnen zijn verlopen zonder dat van een overschrijding van de redelijke termijn a.b.i. art. 6 EVRM kan worden gesproken (HR LJN AW0254). In dat lich
Bewijsmotivering. Nu de bewezenverklaring, vzv. behelzende dat de douane-expediteurs X en Y strafrechtelijk niet aansprakelijk zijn, niet zonder meer kan worden afgeleid uit de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen, is 's Hofs uitspraak niet naar de eis der wet met redenen omkle