Art. 359.2 Sv, uos. Hetgeen door de raadsvrouwe ter terechtzitting in hoger beroep met betrekking tot het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf is aangevoerd kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voo
Wetboek van Strafvordering
Art. 359 Sv
Genoemd in 2.762 uitspraken · Officiële wettekst
2.762 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
OM-cassatie. In cassatie kan niet worden onderzocht of de feitenrechter die verdachte o.g.v. zijn feitelijke waardering van het bewijsmateriaal heeft vrijgesproken, terecht tot dat oordeel is gekomen. Ingeval de rechter die over de feiten oordeelt het tenlastegelegde bewezen acht
Conclusie AG. Politiemol Mark M. Schending van het ambtsgeheim en computervredebreuk door als politieambtenaar gegevens op te zoeken in computersystemen van de politie en te verstrekken aan onbevoegde derden, art. 272 en 138ab Sr. Kan het geautoriseerd inloggen door de verdachte
Conclusie AG. Veroordeling voor moord op zakenman. Cassatiemiddelen verdachte over o.m. de afwijzing van verzoeken tot het verrichten van nader (DNA-)onderzoek, de bewezen verklaarde feiten en de voorbedachte raad slagen volgens de AG niet. De AG gaat ambtshalve in op de vraag of
Conclusie AG. Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld voor betrokkenheid bij meerdere moorden, een poging daartoe en deelneming aan een criminele organisatie. Art. 140 en 289 Sr. Middelen verdachte over o.m. uitleg en toepassing kroongetuigenregeling art. 226g e.v. Sv
1. Falende bewijsklacht bedreiging met geweld. 2.Innerlijke tegenstrijdigheid bewijsmiddelen. Nu de gestelde tegenstrijdigheden aan een behoorlijke motivering van de bewezenverklaring niet in de weg staan is de klacht tevergeefs voorgesteld. 3. Uos. Hetgeen door de verdediging te
Profijtontneming. Art. 359.2 Sv m.b.t. elektriciteitskosten. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BC2913. Het Hof heeft hetgeen is aangevoerd kennelijk niet opgevat als een uos. Dat is onjuist noch onbegrijpelijk, mede in aanmerking genomen dat de raadsman niet heeft ges
Het hof heeft verdachtes verklaring kennelijk niet opgevat als een beroep op psychische overmacht. Dat is niet onbegrijpelijk in aanmerking genomen dat verdachte ter terechtzitting in appel werd bijgestaan door een raadsman die, naar blijkt uit het zittings-pv en de daaraan gehec
Conclusie A-G. Beklag tegen beslag n.a.v. rechtshulpverzoek, art. 552a Sv, 552d Sv en art. 13a WOTS. N.a.v. een Libisch rechtshulpverzoek heeft het OM beslag gelegd op banktegoeden van klaagsters. Op grond van art. 46 lid 20 VN-verdrag tegen corruptie hebben de Libische autoritei
Art. 359.2 Sv. Het stond het Hof vrij de verklaringen van getuigen te bezigen ondanks argumenten van de verdediging dat deze verklaringen onbruikbaar waren, en de verklaringen waarop de verdediging zich heeft beroepen terzijde te stellen. Art. 359.2 Sv noopte het Hof niet tot nad
Rijswijkse stoeptegelzaak. OM-cassatie. Art. 359.2 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen tav de aan de feitenrechter voorbehouden selectie en waardering van het bewijsmateriaal en art. 359.2 Sv uit HR LJN AO5061, LJN AV8527 en LJN AU9130. Het Hof heeft het door de AG bij het Hof
Medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr). Strafmotivering (gevangenisstraf van 4 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk, na veroordeling in eerste aanleg tot taakstraf van 150 uren, subsidiair 75 dagen). Voldoet motivering van strafoplegging aan eisen van art. 359.5 en
Conclusie AG. Prejudiciële vragen rechtbank Noord-Nederland over onder meer de toepassing van het interstatelijke vertrouwensbeginsel. Gegevens vergaard via servers waar EncroChat en SkyECC gebruik van maakten. AG maakt algemene opmerkingen over de prejudiciële procedure in straf
Conclusie A-G. Herkenning van verdachte door opsporingsambtenaar op camerabeelden. De A-G maakt onderscheid tussen herkenningen van 'goede' bekenden van de politie en herkenningen die in wezen bestaan uit een vergelijking van de verdachte met de persoon die op de beelden te zien
Conclusie A-G. Herkenning van verdachte door opsporingsambtenaar op camerabeelden. De A-G maakt onderscheid tussen herkenningen van 'goede' bekenden van de politie en herkenningen die in wezen bestaan uit een vergelijking van de verdachte met de persoon die op de beelden te zien
Liquidatieproces Passage 1. Beoordeling toepassing kroongetuigenregeling: beoordelingskader; getuigenbescherming; opportuniteitsbeginsel; 2. Manco kluisverklaringen: wél verklaard, niet gerelateerd in proces-verbaal kluisverklaringen; 4. Bewijs: betrouwbaarheid verklaringen kroon
Art. 141 Sr, openlijke geweldpleging. Blijkens de wetsgeschiedenis, zoals weergegeven in HR LJN AL6209, is van het “in vereniging” plegen van geweld sprake indien de betrokkene een voldoende significante of wezenlijke bijdrage levert aan het geweld, zij het dat deze bijdrage zelf
Beklag. 1. Beslag op aandelen ex art. 13a WOTS. 2. Art. 359.2 Sv. Ad 1. Indien o.g.v. het in art. 13d.2 WOTS van overeenkomstige toepassing verklaarde art. 552a Sv beklag is gedaan, dient de rechter te toetsen aan de in art. 13a WOTS gestelde voorwaarden. Een toetsing van de prop
Conclusie AG. Profijtontneming. Klachten (en beschouwingen) over het ontnemen van voordeel dat (ogenschijnlijk) onder een rechtspersoon is gevallen aan een natuurlijke persoon. Heeft hof toereikend geoordeeld dat het voordeel van een rechtspersoon bij de economisch eigenaar kan w
Conclusie AG. Voorbereidingshandelingen hennepteelt, art. 11a Opiumwet. Voorwerpen bestemd tot beroeps-/bedrijfsmatige of grootschalige teelt?
Doodslag bij jongerenontmoetingsplaats (Weert) in 2013. Conclusie AG over de betrouwbaarheid van de bekennende verklaringen van de verdachte (die eerst had ontkend). De AG adviseert de Hoge Raad het cassatieberoep te verwerpen.
Conclusie AG over de reikwijdte van art. 285a Sr. De AG betoogt dat de door het artikel beschermde verklaringsvrijheid niet het recht om te liegen omvat en evenmin het recht om te zwijgen, aangezien de wet de getuige verplicht om naar waarheid te spreken. Dat brengt mee dat de en
Strafmotivering. ’s Hofs kennelijke oordeel dat het onderdeel van de pleitnota dat betrekking heeft op de “mogelijke” vreemdelingenrechtelijke consequenties van het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf geen uos als bedoeld in art. 359.2 Sv oplevert, getuigt niet van
Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (uos) m.b.t. de strafoplegging. Hetgeen door de raadsman ter terechtzitting in hoger beroep naar voren is gebracht m.b.t. strafoplegging en de vreemdelingenrechtelijke consequenties daarvan voor verdachte, kan bezwaarlijk anders w
Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (uos) m.b.t. strafoplegging. Hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht m.b.t. de toepassing van art. 9a Sr kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien va