Antilliaanse zaak. Schietpartij op Bonaire. Beperking voeren woord tot verdediging ex art. 353.2 en 373.1 WvSv BES (in essentie gelijkluidend aan art. 311.2 resp. art. 331, eerste lid, Sv). Verdachte is veroordeeld wegens doodslag, poging tot doodslag en het voorhanden hebben van
Wetboek van Strafvordering
Art. 353 Sv
Genoemd in 243 uitspraken · Officiële wettekst
243 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Bewaring t.b.v. rechthebbende van motorblok en een frame van een motorfiets, art. 353.2 onder c Sv. (De beslagene is vrijgesproken van opzetheling van de motorfiets en het motorblok, vervolg op HR 14 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1201.) Middel tegen toepassing door het hof van de m
Vrijspraak van invoer partijen cocaine via Antwerpse haven.
Veroordeling 30 maanden voor (voorbereidingshandelingen) invoer van partijen cocaine via Antwerpse haven. Belgische indicatieve Scott Nark test alleen is onvoldoende voor bewijs van aanwezigheid van cocaine. Gedeeltelijke vrijspraak.
Falende klachten over het afwijzen van een herhaald verzoek tot aanhouding i.v.m. het aanwezigheidsrecht. 1. Ziekte verdachte. Raadsman heeft aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat verdediging zich niet deugdelijk heeft kunnen voorbereiden en niet dat verdachte ttz. aanwezig w
overheidsaansprakelijkheid: inbeslagname hennepplanten gevolgd door ovar, geen onrechtmatigheid op grond van Begaclaim-gronden, evenmin onrechtmatigheid op grond van onjuiste toepassing van 119, tweede lid, Sv
Opiumwet. Oplegging van 5 jaren gevangenisstraf. Overwegingen omtrent bruikbaarheid van getuigenverklaringen, medeplegen, poging en voorbereiding van invoer van cocaïne en de deelname aan een criminele organisatie als omschreven in artikel 11a Opiumwet. Verdachte heeft deelgenome
Mega Djahé. Ontvankelijkheid OM. Vrijspraak. AWBZ. Geen sprake van een zodanig ernstige inbreuk op beginselen van een behoorlijke procesorde dat daardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte rechtspersoon is tekortgedaan aan zijn recht op een e
HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve: constatering dat de redelijke termijn is overschreden.
Slagende bewijsklacht overtreding art. 9 Wet MOT. Wettekst noch wetsgeschiedenis biedt enig aanknopingspunt voor de opvatting dat eerst dan volledig aan de meldingsplicht van ongebruikelijke financiële transacties is voldaan, indien naast de objectieve indicatoren ook de subjecti
De rechtbank Midden-Nederland heeft acht mannen veroordeeld tot gevangenisstraffen variërend van 8 maanden tot 33 maanden (deels voorwaardelijk) voor grootschalige hennepteelt en voor deelname aan de criminele organisatie die zich daarmee bezig hield.
Verdachte is ten laste gelegd dat hij samen met vijf anderen onder bedreiging van geweld een man heeft gedwongen tot afgifte van een Porsche en geld, en dat hij later nogmaals heeft geprobeerd de man geld afhandig te maken. De rechtbank heeft op basis van de niet voldoende betro
Beslag. De bestreden uitspraak houdt in strijd met art. 353.1 Sv geen beslissing in ten aanzien van inbeslaggenomen voorwerpen. Dit verzuim behoeft evenwel niet tot cassatie te leiden, aangezien de verdachte binnen de in art. 552a.3 Sv gestelde termijn van 3 mnd na de dag waarop
Beslag. Art. 353.1 Sv. De bestreden uitspraak houdt in strijd met art. 353.1 Sv geen beslissing in t.a.v. een inbeslaggenomen vuurwapen. HR verklaart om doelmatigheidsredenen het vuurwapen ex art. 36b.1.1 jo. art. 36c.2 Sr onttrokken aan het verkeer. HR ambtshalve: vermindering
Beklag ex art. 552b Sv. De Rb heeft miskend dat voor de beoordeling van de vraag of een o.d.v.v. art. 552b Sv ingediend klaagschrift ontvankelijk is, niet van belang is of de inbeslaggenomen voorwerpen (ten tijde van het indienen van het klaagschrift) vernietigd zijn.
1. Beslissing beslag, bewaring t.b.v. de rechthebbende. 2. Vordering b.p., rechtstreekse schade. Ad 1. Uit de beslaglijst en uit de door de A-G ingewonnen inlichtingen blijkt dat het beslag op de in het middel bedoelde voorwerpen reeds was opgeheven t.t.v. de behandeling van de z
Geen beslissing op beslag, art. 353 Sv. Middel kan niet tot cassatie leiden op gronden als vermeld in conclusie AG.
Beslag. Art. 94 Sv en art. 353.1 Sv. De bestreden uitspraak houdt in strijd met art. 353.1 Sv geen beslissing in t.a.v. een aantal met toepassing van art. 94 Sv inbeslaggenomen voorwerpen. HR wijst de zaak terug naar het Hof opdat de zaak wat betreft bedoelde inbeslaggenomen voor
Beslag. Art. 94 Sv en art. 353.1 Sv. De bestreden uitspraak houdt in strijd met art. 353.1 Sv geen beslissing in t.a.v. een aantal met toepassing van art. 94 Sv inbeslaggenomen voorwerpen. HR wijst de zaak terug naar het Hof opdat de zaak wat betreft bedoelde inbeslaggenomen voor
Verdachte en OM-cassatie. 1. Strafbaarheid tlgd. Art. 1 Sr, art. 7 EVRM. Paintballmarker (paintballwapen). WWM, Regeling wapens en munitie. 2. Rechtsdwaling. 3. Middel A-G, nietigheid dagvaarding. Ad 1. Het Hof heeft overwogen dat een paintballmarker (paintballwapen) valt onder C
Stempelvonnis ex art. 378a Sv en het verlenen van verlof ex art. 410a Sv. Vzv. wordt geklaagd dat het vonnis uitgewerkt had moeten worden miskent het middel dat indien een stempelvonnis is gewezen o.g.v. art. 422 Sv de beraadslaging alleen n.a.v. het onderzoek in h.b. plaatsvindt
De rechtbank stelt vast dat - nu deze machtiging is verleend en de voorwerpen niet om baat zijn vervreemd - ingevolge artikel 134, tweede lid Sv, het beslag ten tijde van de behandeling in raadkamer is beëindigd. Het voorgaande brengt ingevolge rechtspraak van de Hoge Raad (LJN A
Promis. Onderzoek Ceres. Medeplegen opzettelijke invoer van cocaine (in totaal bijna 55 kilo) via de luchthaven Schiphol. Witwassen. Deelneming aan criminele organisatie. Verdachte had in de organisatie een enigszins coördinerende, maar voornamelijk uitvoerende rol. Verdachte wer
Onderzoek Ceres. Medeplegen opzettelijke invoer van cocaine (in totaal bijna 55 kilo) via de luchthaven Schiphol. Deelneming aan criminele organisatie. Verdachte had in de organisatie een uitvoerende rol. Verdachte werd bij het feitelijk van boord halen van de cocaïne ingeschakel
Geen beslissing op beslag, art. 353 Sv. Kennelijk heeft het Hof uit het pv van de tz. in e.a. en het vonnis afgeleid dat geen beslag ex art. 94 Sv meer rustte op het geldbedrag. In aanmerking genomen dat in e.a. is geen beslissing genomen omtrent de door de OvJ gevorderde verbeur