Bewijsminimum art. 342.2 Sv (unus testis nullus testis). HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM2452. Het oordeel van het Hof dat de verklaringen van aangever X voldoende steun vinden in het overige gebezigde bewijsmateriaal geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatt
Wetboek van Strafvordering
Art. 342 Sv
Genoemd in 1.667 uitspraken · Officiële wettekst
1.667 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 56 · live
1. Voortbouwend appel, art. 415.2 Sv. 2. Gegronde bewijsklacht. Ad 1. De mededeling van de voorzitter dat het Hof in het kader van het voortbouwend appel niet alle aan verdachte tenlastegelegde feiten apart met hem gaat bespreken, nu dit reeds in eerste aanleg is gebeurd, strookt
Bewijsminimum art. 342.2 Sv (unus testis nullus testis). HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM2452. In het onderhavige geval kan niet kan worden gezegd dat de tot bewijs gebezigde verklaringen van getuige X onvoldoende steun vinden in het overige bewijsmateriaal. Geen
Zedenzaak. HR: art. 81 RO en ambtshalve: overschrijding redelijke termijn.
Denaturering verklaring verdachte. Het was het Hof niet toegestaan de door verdachte ter terechtzitting in hoger beroep afgelegde verklaring weer te geven op de wijze als in het bewijsmiddel is opgenomen.
Bewijsminimum art. 342.2 Sv (unus testis nullus testis). HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM2452. In het onderhavige geval kan niet kan worden gezegd dat de tot bewijs gebezigde verklaring van getuige X onvoldoende steun vindt in het overige bewijsmateriaal. Geen sch
Weigerende observandus. Tbs. Eigen verantwoordelijkheid rechtbank.
De rechtbank acht bewezen dat verdachte zijn ex-vriendin in haar eigen huis heeft verkracht. Hij wordt veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.
Bewijsklacht poging bedreiging met zware mishandeling. Uit de bewijsvoering kan niet worden afgeleid dat verdachtes opzet erop was gericht dat X op de hoogte zou geraken van de inhoud van de brief, nu verdachte die brief aan de politie had gestuurd. Indien het Hof van het opzet i
Bewezenverklaring van onder meer ontucht met diverse minderjarigen. Vrijspraak van ontucht met een aantal minderjarigen op basis van de unus testis-jurisprudentie. Verwerping Meer en Vaart-verweer vanwege de ongeloofwaardigheid van het door de verdachte geschetste alternatieve sc
Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan het medeplegen van mensenhandel. In georganiseerd verband heeft verdachte gedurende langere tijd een drietal Oekraïners die illegaal in Nederland door hun te werk zijn gesteld uitgebuit. Verdachte was op de hoogte van de
Art. 1.1 Awbi. Verweer strekkende tot bewijsuitsluiting. Degene die in een woning binnentreedt, is ingevolge art. 1.1 Awbi verplicht zich voorafgaand te legitimeren en mededeling te doen van het doel van het binnentreden. Dit voorschrift is ook van toepassing in het geval dat met
De vraag of aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is voldaan, laat zich niet in algemene zin beantwoorden, maar vergt een beoordeling van het concrete geval. De Hoge Raad heeft zich in verschillende concrete gevallen uitgelaten of e
De rechtbank heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden in verband met het meermalen plegen van ontuchtige handelingen met zijn minderjarige kleinkinderen en met hun minderjarige vriendjes. Voorts heeft de rechtbank de vorderingen toegewezen.
HR: 81RO.
Promis; medeplegen poging tot moord. Verdachte heeft zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan een poging tot moord door - kort samengevat - onder valse voorwendsels met het slachtoffer af te spreken, hem onder bedreiging mee te nemen in een auto en hem - toen bleek dat h
Eindhovense zedenzaak. HR: art. 81 RO.
Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Hetgeen naar voren is gebracht met betrekking tot de betrouwbaarheid van de verklaringen van de aangeefster en een drietal getuigen kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten gesch
Vervolgingsuitlevering naar de VS. De Rechtbank heeft tot uitdrukking gebracht dat niet is voldaan aan de door art. 9.3b, van het toepasselijke Verdrag gestelde eis dat bij een verzoek tot uitlevering van een persoon die wordt gezocht met het oog op vervolging, het bewijsmateriaa
1. Unus testis, nullus testis. Art. 342.2 Sv. Het Hof heeft gemotiveerd uiteengezet dat en waarom het van oordeel is dat de verklaringen van aangeefsters voldoende steun vinden in het overige gebezigde bewijsmateriaal. Dat oordeel geeft niet blijk van miskenning van art. 342.2 Sv
1. Denaturering. 2. Unus testis, nullus testis. 3. Voorbedachte raad. Ad 1) Blijkens de nadere bewijsoverweging van het Hof heeft het de door de verdachte in hoger beroep afgelegde, en tot het bewijs gebezigde verklaring mede redengevend geacht voor het bewijs van de voorbedachte
Mensenhandelzaak "Judo". Mensenhandel en loverboys: algemene en bijzondere overwegingen ten aanzien van het bewijs op grond van de specifieke aard van achtereenvolgens de strafbaar gestelde gedragingen en slachtofferschap. Verwerping van op schending gelijkheidsbeginsel en op ver
Mensenhandelzaak "Judo". Mensenhandel en "loverboys": algemene en bijzondere overwegingen ten aanzien van het bewijs op grond van de specifieke aard van achtereenvolgens de strafbaar gestelde gedragingen en -ook ontkend- slachtofferschap. Betekenis van de bewijs-minimumregel en v
Mensenhandelzaak "Judo". Mensenhandel en "loverboys": algemene en bijzondere overwegingen ten aanzien van het bewijs op grond van de specifieke aard van achtereenvolgens de strafbaar gestelde gedragingen en slachtofferschap. Betekenis van de bewijs-minimumregel en van schakelbewi
Bewijsklacht. Het middel berust op de onjuiste opvatting dat van “aan zijn waakzaamheid toevertrouwd” a.b.i. art. 249 Sr, slechts sprake kan zijn indien aan de zijde van de ouder(s) van de minderjarige wetenschap bestond van de aanwezigheid van de minderjarige bij de dader van de