De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 4 jaren, waarvan 1 jaar voorwaardelijk, het betalen van een schadevergoeding, stelt als bijzondere voorwaarde dat hij zich meldt bij de Reclassering en legt hem een contactverbod op met de familie van de slachtoffe
Wetboek van Strafvordering
Art. 342 Sv
Genoemd in 1.667 uitspraken · Officiële wettekst
1.667 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van 'verkrachting' tot een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden met aftrek van het voorarrest.
Zedenzaak. Veroordeling voor feitelijke aanranding van de eerbaarheid en het plegen van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaar. Bij de afdoening volgt een splitsing in een minderjarig en een mee
Conclusie AG. Mishandeling door met emmer in het gezicht te slaan. Volgens AG slaagt klacht dat bewijsvoering van hof niet voldoet aan bewijsminimum in art. 342 lid 2 Sv (unus testis nullus testis).
Vrijspraak, artikel 243 (oud) Sr. Geen steunbewijs dat bij seksueel contact ook sprake was van daadwerkelijk seksueel binnendringen
Veroordeling voor ontucht en ontucht waaronder seksueel binnendringen, met 13 minderjarige jongens die in de meeste gevallen aan de zorg van verdachte waren toevertrouwd en voor het maken en bezitten van kinderporno. Verdachte kwam in contact met de jongens als directeur van een
Vrijspraak seksuele aanranding van een tienjarig meisje. De verklaring van het meisje is betrouwbaar. Onvoldoende steunbewijs. De nadien bij het meisje waargenomen emoties en de confrontatie tussen vader en verdachte zijn daarvoor onvoldoende. De rechtbank neemt geen schakelbewij
De rechtbank veroordeelt de verdachte wegens aanranding van een vijftienjarige tot een onvoorwaardelijke taakstraf voor de duur van 240 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden. De verdachte heeft het slachtoffer aangerand door meermalen in haar bors
Jeugdstrafrecht. Veroordeling voor verkrachting. De rechtbank is van oordeel dat de verklaring van aangeefster betrouwbaar is en deze vindt daarnaast steun in het dossier.
Conclusie AG. Poging tot afpersing in vereniging, meermalen gepleegd (art. 317 Sr), diefstal met geweld in vereniging, meermalen gepleegd (art. 312 Sr) en medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282 Sr). 1. Klacht over ontbreken processen-verbaal terechtzitting hoger
Conclusie AG. Verkrachting (art. 242 (oud) Sr). 1. Falende klacht m.b.t. motivering bewezenverklaring verkrachting. 2. Falende klacht m.b.t. verwerping verweer dat geen sprake was van “dwang” i.d.z.v. art. 242 (oud) Sr onder meer omdat slachtoffer zich niet zou hebben verzet. A-G
Vrijspraak van 249 Sr (oud), aanranding van minderjarige (12-), bij gebrek aan steunbewijs. Verweer tot bewijsuitsluiting van (proces)stukken van twee al afgedane zaken en een daarbij horend vrijspraakvonnis wordt verworpen. Deze stukken zijn in dit geval echter onvoldoende om mo
Veroordeling voor drie aanrandingen van kinderen jonger dan twaalf 12, sexchatting met twaalf kinderen en het tonen van zijn geslachtsdeel aan één van de kinderen. Bespreking van bestanddeel indringend seksueel benaderen. Gebruik van schakelbewijs. Geen binnendringen, vrijspraak
Vrijspraak van verkrachting en/of het plegen van ontuchtige handelingen. Onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.
Verweer ten aanzien van de niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie verworpen. Vrijspraak voor twee verkrachtingen wegens het ontbreken steunbewijs en vrijspraak voor bedreiging. Uitvoerige motivering omtrent het beslag gelet op teruggave persoonlijke foto’s. Veroordeel
Veroordeling wegens ontucht met destijds minderjarige kleindochter. Vrijspraak voor ontucht met andere kleindochter wegens het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs.
Verdachte is veroordeeld voor opzetverkrachting tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en een proeftijd van 3 jaar met bijzondere voorwaarden. Verdachte wordt vrijgesproken van gekwalificeerde opzetverkrachting. Tevens is verdachte ontzet van he
Zedenzaak. Ontucht met (meermalen gepleegd) en verkrachting van (meermalen gepleegd) zijn 2 minderjarige stiefdochters, art. 242 (oud), 244 (oud), 247 (oud) en 248.2 (oud) Sr. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Vinden verklaringen van aangeefsters voldoende steun in ande
Zedenzaak. De dochter van de verdachte heeft aangifte tegen haar vader gedaan van seksueel misbruik en mishandeling. Dit zou hebben plaatsgevonden gedurende een groot deel van haar jeugd. De verdachte heeft de beschuldigingen ontkend. De rechtbank acht de ten laste gelegde feiten
Zedenzaak. De jongere zus van de verdachte heeft aangifte tegen haar broer gedaan van seksueel misbruik gedurende een groot deel van haar jeugd. De verdachte heeft de beschuldigingen deels ontkend. De rechtbank acht de ten laste gelegde feiten bewezen, omdat zij de verklaringen v
Zedenzaak. De jongere zus van de verdachte heeft aangifte tegen haar broer gedaan van seksueel misbruik gedurende een groot deel van haar jeugd. De verdachte heeft de beschuldigingen deels ontkend. De rechtbank acht de ten laste gelegde feiten bewezen, omdat zij de verklaringen v
Verdachte wordt veroordeeld voor feitelijke aanranding van de eerbaarheid en dwang. Hij is werkzaam als rij-instructeur en heeft in april en mei 2024 rijlessen gegeven aan het destijds zeventienjarige slachtoffer. Tijdens de rijlessen heeft verdachte het slachtoffer meermaals bet
Conclusie AG. Seksueel binnendringen en plegen van ontucht bij persoon onder twaalf jaren die aan zorg en waakzaamheid verdachte was toevertrouwd (art. 244, 248.2, 249.1 (oud) Sr). Middelen over redengevendheid verklaring getuige en over schending bewijsminimumregel (art. 342.2 S
Zeden. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan gekwalificeerde opzetverkrachting in vereniging, voorafgegaan door en vergezeld van dwang. Oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren en de bijz
De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij. De verdachte was ten laste gelegd dat hij het slachtoffer had verkracht.