Conclusie AG over tijdspanne tussen woningoverval en aanwezigheid van de verdachte in de omgeving en over bewijsklachten in dat verband. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
Wetboek van Strafvordering
Art. 342 Sv
Genoemd in 1.667 uitspraken · Officiële wettekst
1.667 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Conclusie AG over strafrechtelijke aansprakelijkheid in sportsituatie. Betreft een veroordeling voor zware mishandeling wegens een sliding of tackle tijdens een amateurvoetbalwedstrijd. Middelen klagen over gevoerd Meer- en Vaartverweer en schending van art. 342, eerste lid, Sv.
Poging zware mishandeling n.a.v. verkeersruzie tussen man op scootmobiel (verdachte) en man op bromfiets door bromfietser meermalen met scherp voorwerp in buik te steken, art. 302.1 Sr. Schending ondervragingsrecht, art. 6 EVRM. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2
Noodweer. Verdachte hoort dat zijn autoalarm afgaat, gaat naar buiten, ziet dat een persoon wegloopt en dat een ruit van zijn auto is ingeslagen, pakt een plank uit de schuur en gaat op zoek naar de dader, waarna aangever op enig moment op verdachte komt toegelopen en tussen hen
Doodslag op huisgenoot in eigen woning te Zaandam. CAG: Falende middelen m.b.t. voorwaardelijk opzet en het gebruik van een p-v van politie voor het bewijs. HR: art. 81.1 RO.
Behandeling van drugs- en alcoholverslaafden met het middel ibogaïne. Causaal verband tussen de door verdachte verrichte gedraging - het behandelen van X met ibogaïne - en de hartstilstand van X. Kan hartstilstand redelijkerwijs a.g.v. die gedraging aan verdachte worden toegereke
"Marktplaatsmoord". Gekwalificeerde doodslag op ouder echtpaar op hun boot in het Groningse Hoendiep. HR: art. 81.1 RO.
Economische zaak. Feiten van algemene bekendheid. Art. 339.2 Sv en art. 301.4 Sv. Casus: het Hof heeft geoordeeld dat Aloë capensis niet hetzelfde is al Aloë vera en dus niet mag worden ingevoerd. Het Hof heeft dit oordeel voor een belangrijk deel doen steunen op gegevens die het
Art. 6 en 175 WVW 1994. Schuld in de zin van roekeloosheid. De HR herhaalt de toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960. Het Hof heeft zijn oordeel dat te dezen sprake is van roekeloosheid voorzien van een motivering als bedoeld in deze overwegingen. V.zv. het middel kla
Vanwege handel in GHB wordt de verdachte veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan zes voorwaardelijk. Het verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid c.q. bewijsuitsluiting vanwege gesteld onrechtmatig handelen van een journalist wordt verworpen (geen onwettige burgeri
Vordering b.p. Het Hof heeft ten onrechte ambtshalve beslist dat het toegewezen bedrag moet worden vermeerderd met de wettelijke rente. De HR vernietigt de bestreden uitspraak op dat punt.
Falende klachten m.b.t. de motivering van de bewezenverklaring en het gebruik voor het bewijs van een verklaring van een getuige en een relaas van verbalisanten bevattende een ontoelaatbare gissing. Conclusie AG: anders.
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren voor het feitelijk leiding geven aan rechtspersonen die diverse personen hebben opgelicht door hen voor te spiegelen dat zij veilige spaarproducten kochten, terwijl er feitelijk sprake was van ris
Jeugdzaak. 1. Bewijsklacht. 2. Getuigenverklaring behelzende een feit of omstandigheid die de getuige niet zelf heeft waargenomen of ondervonden. 3. Strafoplegging in strijd met Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) en/of beginselen behoorlijke procesorde. 4. Redelijke te
Art. 51m Sv. Het middel berust kennelijk op de opvatting dat het Hof heeft verzuimd de ter terechtzitting gehoorde deskundige tevens als getuige te beëdigen berust op een onjuiste opvatting. De o.g.v. art. 51m.2 Sv door de deskundige afgelegde eed/belofte dat hij naar waarheid en
Ongeoorloofde conclusie in bewijsmiddel. Het middel keert zich tegen de verklaring van A voorzover deze inhoudt: “U vraagt mij welke mening ik nu heb over de aangifte die [het slachtoffer: X] deed in 2000. Ik geloof haar nu wel. [Verdachte] zal best wel aan de tieten van X gevoel
Door afgifte zich ontdoen van bedrijfsafvalstoffen (versnipperd snoeiafval). 1. De enkele omstandigheid dat een afvalstof moet worden beschouwd als een op de Groene lijst van afvalstoffen vermelde afvalstof, brengt niet reeds op zichzelf mee dat daarop het inzamelverbod van art.
Uit de vaststelling door het hof dat de vervolgingsbeslissing is genomen door een administratief juridisch medewerker die werkzaam is op het arrondissementsparket kan niet volgen dat deze ambtenaar daartoe bevoegd was krachtens schriftelijk mandaat van de hoofdOvJ. ’s Hofs oordee
-
-
-
-
Faillissementsfraude door bedrieglijke bankbreuk en onttrekking van goederen aan failliete boedel, meermalen gepleegd (art. 341 en 343 Sr) en belastingfraude door het doen van onjuiste belastingaangiften, meermalen gepleegd (art. 69 AWR). 1. Bewijsklacht eigen waarneming of onder