Medeplegen gekwalificeerde diefstal door in te breken bij bloemenboetiek en muntgeld weg te nemen, art. 311.1 Sr. Informatie ontleend aan “Google Maps” aan te merken als feit van algemene bekendheid? Art. 339.2 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:522, inhou
Wetboek van Strafvordering
Art. 339 Sv
Genoemd in 168 uitspraken · Officiële wettekst
168 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Conclusie plv. AG. Bewijsklacht mishandeling en klacht betreffende het gebruik van een verklaring van een (beperkt) anoniem gebleven getuige voor het bewijs.
Conclusie AG over koolmonoxidevergiftiging als gevolg waarvan een vader en zoon op een vakantiepark zijn overleden, waarbij de installateurs van een cv-ketel als verdachte zijn aangemerkt. OM-cassatie. CAG gaat in op algemene ervaringsregels en causaliteit. CAG strekt tot verwerp
Venrayse moordzaak waarbij daders “hennep-rip” in 2006 d.m.v. nekschot om het leven zijn gebracht. Tweemaal medeplegen doodslag en medeplegen verbergen van een lijk met het oogmerk om het feit en de oorzaak van het overlijden te verhullen. Is het recht tot strafvordering t.a.v. h
Overeenkomstenrecht. Uitleg onderwijsovereenkomst hbo. Toezeggingen omtrent te verwerven graad MA? Tekortkoming? Toerekenbaar? Wijziging van eis in hoger beroep, rechtsmiddelenverbod (art. 130 lid 2 Rv).
Economische zaak. Feiten van algemene bekendheid. Art. 339.2 Sv en art. 301.4 Sv. Casus: het Hof heeft geoordeeld dat Aloë capensis niet hetzelfde is al Aloë vera en dus niet mag worden ingevoerd. Het Hof heeft dit oordeel voor een belangrijk deel doen steunen op gegevens die het
Schriftelijk bescheid, art. 344 Sv. Het Hof heeft het door de OvJ “voor fotocopie conform” gewaarmerkt p-v kennelijk gebezigd als een bewijsmiddel i.d.z.v. art. 344.1.2 Sv. Het in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel van het Hof dat deze kopie met het origineel van he
Strafzaak tegen negen Somalische piraten. Ten laste is gelegd medeplegen van zeeroof ex artikel 381 van het Wetboek van Strafrecht en medeplegen van poging moord/poging doodslag c.q. daden van geweld tegen Nederlands marinepersoneel. Verhouding militaire taken en opsporingstaken
Wanneer de b.p. gebruik maakt van de haar in art. 334.3 Sv gegeven bevoegdheid tot toelichting van haar vordering, treedt zij niet op als getuige. De in dat verband afgelegde verklaring kan daarom door de rechter niet worden gebruikt voor het bewijs.
HR: 81.1 RO.
Antilliaanse zaak. HR: art. 81.1 RO.
Falende bewijsklacht art. 312 Sv. Vooropgesteld moet worden dat aan het enkele voorhanden hebben van door een vermogensdelict ontvreemde goederen niet zonder meer de conclusie kan worden verbonden dat de betrokkene die goederen ook door het samen en in vereniging met een ander pl
Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder A, gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van een middel, meermalen gepleegd
Bewijsklacht. Het middel klaagt op zichzelf terecht dat het Hof de bewezenverklaring heeft doen steunen op de verklaring die medeverdachte X heeft afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep, waar diens zaak tegelijk, doch niet gevoegd, met die van verdachte werd behandeld. In he
Piranha II. 1. Slagende bewijsklacht medeplegen voorbereidingshandelingen moord/doodslag, 2. Psychische overmacht. Ad 1. Uit de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen kan niet volgen dat verdachte t.a.v. enkele van de bewezenverklaarde voorbereidingshandelingen zo nauw en bewust
Piranha II. 1. Slagende bewijsklacht art. 140a Sr, 2. Slagende bewijsklacht medeplegen voorbereidingshandelingen moord/doodslag, 3. Psychische overmacht. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1998/225 m.b.t. art. 140a Sr. Uit de bewijsvoering kan de wetenschap dat de
Verbeurdverklaring. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat zij haar twee kinderen om het leven heeft gebracht. De kleding die zij destijds droeg is inbeslaggenomen. Het oordeel van het Hof dat de kleding kan worden verbeurd verklaard omdat het bewezenverklaarde “met b
Profijtontneming. Feit van algemene bekendheid. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN BP0291. ’s Hofs oordeel dat het een feit van algemene bekendheid is dat met 10 liter plantenvoeding ongeveer 200 hennepplanten kunnen worden geteeld, is niet zonder meer begrijpelijk.
1. ‘Gemeen gevaar voor goederen’ als bedoeld in art. 157 Sr. 2. Redelijke termijn in feitelijke aanleg. Ad 1. In art. 157 Sr is straf bedreigd tegen onder anderen degene die opzettelijk brand sticht indien daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is. Om in rechte het gemeen
Bewijsklacht. Art. 8.1 WVW 1994. Rijden onder invloed. In aanmerking genomen dat het een feit van algemene bekendheid is dat het gebruik van morfine, codeïne en cocaïne de rijvaardigheid kan verminderen en verdachte niet heeft aangevoerd daarvan niet op de hoogte te zijn, is de
Profijtontneming. Conclusie van antwoord wettig bewijsmiddel? In de kasopstelling van het Hof is een post opgenomen die o.m. is ontleend aan de conclusie van antwoord van de raadsman. Ingevolge art. 511g.2 Sv jo. art. 415 Sv en art. 359.3 Sv dient de uitspraak op een vordering a.
Profijtontneming. De beslissing op een vordering a.b.i. art. 36e Sr dient op straffe van nietigheid de inhoud te bevatten van de (wettige) bewijsmiddelen waaraan de schatting van het w.v.v. is ontleend. Daarom moet ook in ontnemingszaken van de rechter worden gevergd dat hij met
Profijtontneming. 1. Gebruik van een belastende politieverklaring van een getuige die later bij de RC een ontlastende verklaring aflegt. 2. Gebondenheid oordeel strafrechter. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1994, 427 en vervolgt: Het middel berust op de opvatti
Verklaringen en mededelingen van de raadsman die ttz. al dan niet op de voet van art. 279.1 Sr, als zodanig optreedt, kunnen niet als wettige bewijsmiddelen gelden (vgl. HR LJN AX9179).
Verstek; aanwezigheidsrecht. Uit de stukken van het geding kan niet blijken dat de oproeping voor ‘s Hofs terechtzitting aan het op de akte rechtsmiddel vermelde adres is verzonden, zodat ervan moet worden uitgegaan dat dit niet is geschied. Daarom had het Hof, in aanmerking geno