Belediging ambtenaar in functie, meermalen gepleegd (art. 267.2 jo. 266.1 Sr) en wederspannigheid (art. 180 Sr). Niet beslist op voorafgaand aan tz. per e-mail gedaan en ttz. herhaald aanhoudingsverzoek van gemachtigde raadsvrouwe op de grond dat verdachte is verhinderd omdat hij
Wetboek van Strafvordering
Art. 329 Sv
Genoemd in 15 uitspraken · Officiële wettekst
15 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Beslissing op (voor de terechtzitting ontvangen) aanhoudingsverzoek ex art. 278.3 Sv van verdachte of gemachtigde raadsman. Uit de art. 278.3 en 4, 329, 330 en 331.1 Sv volgt dat op een verzoek van verdachte ex art. 278.3 Sv ter terechtzitting moet worden beslist, nadat het OM om
Overdragen van wapen, art. 31.1 55 WWM. Bewijsklacht t.a.v. processen-verbaal van politie waarin delen van verklaringen van getuigen zijn “weggelakt”. Kunnen verklaringen voor bewijs worden gebruikt? HR gaat in op onderling samenhangend systeem voor omgang met en verantwoordelijk
Conclusie AG. Mishandeling. 4 middelen. Het eerste middel klaagt dat het hof heeft verzuimd te beslissen op een door de verdachte voorafgaand aan de zitting gedaan aanhoudingsverzoek. Het hof was hiertoe in het kader van art. 328 jo 331 jo 281 Sv niet gehouden omdat de reden voor
Wrakingsverzoek ingediend tegen de rechters van de strafkamer naar aanleiding van gegeven tussenbeslissing. Wrakingsverzoek afgewezen, geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.
-
Horen getuige met gesloten deuren en buiten aanwezigheid van verdachte en raadsman. HR: Het Hof heeft de bevoegdheid op de gronden als vermeld in art. 269.1 Sv te bevelen dat een gedeelte van de behandeling van de zaak met gesloten deuren plaatsvindt. De wet voorziet echter noch
HR: art. 81.1 RO.
Vervolg op HR LJN BX4491. HR: 81 RO.
Verbeurdverklaring, art. 33a Sr. ’s Hofs oordeel dat de inbeslaggenomen auto vatbaar is voor verbeurdverklaring aangezien het een voorwerp is met behulp waarvan het bewezenverklaarde is begaan, is niet z.m. begrijpelijk.
WOTS-zaak. 1. (voorwaardelijk) aanhoudingsverzoek i.v.m. bij EHRM gestarte procedure. 2. in mindering brengen overleveringsdetentie. Ad 1. Exequaturrechter moet bij zijn beslissing uitgaan van de juistheid van de veroordeling door de buitenlandse rechter v.w.b. zowel de inhoud al
Geen beslissing op aanhoudingsverzoek. Het Hof heeft het betoog van de raadsman kennelijk uitgelegd als een betwisting van de juistheid van de door het Hof gegeven afwijzende beslissing op een eerder ter terechtzitting gedaan aanhoudingsverzoek en niet als een uitdrukkelijk gedaa
Ceteco-affaire. Afwijzing door hof van vordering wijziging tenlastelegging (strekkende tot toevoeging van op verduistering toegesneden variant) is zonder nadere motivering, die ontbreekt, onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat de gevorderde wijziging wat betreft tijd en plaat
Gevangenneming door hof bevolen. 1. Bij de middelen over het bevel gevangenneming mist verdachte redelijk belang, omdat het arrest van de HR meebrengt dat de bij 's Hofs arrest bepaalde gevangenisstraf, waarvan de voorlopige hechtenis wordt afgetrokken, op de dag van de uitspraak
30 september 2003 Strafkamer nr. 02259/02 EdK/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 4 september 2002, nummer 21/000134-02, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum]