1. Art. 423.1 Sv, verzoek terugwijzing zaak naar de rb. 2. Voorwetenschap i.d.z.v. art. 46.2 Wte 1995. 3. Bewijsklacht. 4. Toepassen gunstiger bepalingen i.d.z.v. art. 1.2 Sr na wetswijziging van de artt. 46 en 46a Wte van 1 oktober 1995. 5. Strafoplegging. Ad 1. De HR herhaalt r
Wetboek van Strafvordering
Art. 319 Sv
Genoemd in 22 uitspraken · Officiële wettekst
22 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Intrekking hoger beroep door verdachte. Wet stroomlijnen hoger beroep. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BP2709. Gelet op deze overwegingen en op de omstandigheid dat de behandeling in hoger beroep een aanvang heeft genomen ter terechtzitting waar de zaak voor het eer
Getuigenverzoek. Horen gelijktijdig berechte medeverdachte als getuige. Het middel berust op de opvatting dat een medeverdachte die i .v.m. de gelijktijdige behandeling van zijn zaak ttz. aanwezig is, o.g.v. de enkele omstandigheid dat de verdediging verzoekt hem in de zaak van v
Conclusie AG. Gekwalificeerde diefstal (art. 311.1 onder 5 Sr). Middel bevat klacht over schending oproepingstermijn in hoger beroep na schorsing voor bepaalde tijd (art. 319 Sv). De conclusie strekt tot verwerping. Samenhang met 23/04687.
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit mensenhandel. Ambtshalve opmerking over de ontvankelijkheid van het cassatieberoep i.v.m. vraag of cassatieberoep tijdig is ingesteld. Klacht over schending betekeningstermijn na aanhouding voor bepaalde tijd (art. 319 Sv). De conclusie
Terugwijzing naar rechtbank. Rechtbank had niet aan behandeling van de zaak mogen toekomen. Verdachte niet op voorgeschreven wijze opgeroepen en raadsman heeft in hoger beroep beroep gedaan op nietigheid inleidende dagvaarding.
Conclusie AG. Ontbrekende betekeningstukken oproeping nadere tz. in h.b na schorsing bepaalde tijd. Conclusie gaat in op de vraag of het hof een nietige betekening voor gedekt had kunnen houden en gaat daarbij in op regelgeving en rechtspraak inzake 1. betekening en 2. onderbreki
Conclusie AG over 1. behandeling zaak door het hof na intrekking hoger beroep; 2. ontbreken pleitnotities. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
Verduistering door als penningmeester van voetbalclub verduisterde geldbedragen over te boeken naar eigen rekening, art. 321 Sr. Anders dan door misdrijf onder zich hebben. Bestanddeel moet aldus worden uitgelegd dat niet enig door verdachte begaan misdrijf ertoe heeft geleid dat
Veroordeling voormalig gedeputeerde Provincie Noord-Holland wegens omkoping, witwassen, medeplegen valsheid in geschrift en feitelijk leidinggeven aan valsheid in geschrift begaan door een rechtspersoon. OM-cassatie en cassatie verdachte. Middelen m.b.t. o.a. (i) beroep op kwalif
Intrekking hoger beroep door verdachte. Wet stroomlijnen hoger beroep. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BP2709. Gelet op deze overwegingen en op de omstandigheid dat de behandeling in hoger beroep een aanvang heeft genomen ter terechtzitting waar de zaak voor het eer
Aanzegging getuige om op de nadere t.z. weer aanwezig te zijn. Het verzoek van de rm is een verzoek a.b.i. art. 319.3 jo. 331.2 jo. 415 Sv. Het Hof had dienen te bepalen dat de aanwezigheid van de getuige bij de nadere behandeling wordt vereist, tenzij het van oordeel is dat door
Aanzegging getuige om op de nadere t.z. weer aanwezig te zijn. Het verzoek van de rm is een verzoek a.b.i. art. 319.3 jo. 331.2 jo. 415 Sv. Het Hof had dienen te bepalen dat de aanwezigheid van de getuige bij de nadere behandeling wordt vereist, tenzij het van oordeel is dat door
Art. 322.4 Sv. Casus: Hof hoort getuige ttz. Op een volgende tz. wordt het onderzoek opnieuw aangevangen. Klacht in cassatie: bij het opnieuw aanvangen heeft het Hof de bij schriftuur opgegeven getuigen niet gehoord c.q. opgeroepen. HR: onder “beslissingen van de Rb inzake het ho
Banksia- onderzoek. Medeplegen invoer cocaïne; voorbereidingshandelingen. Verweer: Beroep op niet ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep. Appel verdachte is ingetrokken na zgn regiezitting. Hof: Niet valt uit te sluiten dat hof tot een andere beslissing zou komen dan de besli
Aanhoudingsverzoek. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de AG onder 6 t/m 11 kan het middel niet tot cassatie leiden.
Art. 288.1 ahf onder a Sv jo. art. 287.3 ahf onder b Sv; mogelijkheid afzien hernieuwde oproeping van een niet verschenen getuige. Aan het middel ligt de opvatting ten grondslag dat het Hof niet had mogen afzien van het horen van getuige X, nu de verdediging niet in de gelegenhei
1. Art. 423.1 Sv, verzoek terugwijzing zaak naar de rb. 2. Voorwetenschap i.d.z.v. art. 46.2 Wte 1995. 3. Bewijsklacht. 4. Toepassen gunstiger bepalingen i.d.z.v. art. 1.2 Sr na wetswijziging van de artt. 46 en 46a Wte van 1 oktober 1995. 5. Strafoplegging. Ad 1. De HR herhaalt r
Ongeloofwaardige getuigenverklaring als bewijsmiddel. Nu het Hof de verklaring van de getuige als ongeloofwaardig heeft aangemerkt, heeft het Hof die verklaring ten onrechte als bewijsmiddel gebezigd, aangezien dit niet strookt met het wettelijk bewijsstelsel waarin ervan wordt u
Miljoenenfraude bij Aegon 1997-2002 door organisator voor evenementen en feesten. Klachten in cassatie over het tijdsverloop in de cassatiefase, de (on)partijdigheid van het OM i.v.m. het onderzoek verricht door Aegon, de onjuiste weergave van een telefoongesprek en de oproeping
Na onderbreking van de terechtzitting ex art. 277.2 Sv behoeft de verdachte niet te worden opgeroepen. Daaraan doet i.c. niet af dat op de zitting in eerste aanleg van 05-06-2001, waar de verdachte niet, maar zijn waarnemend raadsman wel aanwezig was, een vordering wijzing tenlas
-