Cassatie in het belang van de wet. Procesafspraken in strafzaken. Is Rb in het licht van art. 6 EVRM op goede gronden gekomen tot oordeel dat i.h.k.v. procesafspraken de belangen van verdachte zijn geëerbiedigd en verzet WvSv zich tegen redelijkheidstoets door rechter van procesa
Wetboek van Strafvordering
Art. 313 Sv
Genoemd in 416 uitspraken · Officiële wettekst
416 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
“hetzelfde feit” als bedoeld in art. 68 Sr. Vordering tot wijziging van de tenlastelegging, art. 313 Sv. De HR verduidelijkt in voorafgaande beschouwingen de maatstaf voor de toepassing van art. 68 Sr en art. 313 Sv over “hetzelfde feit”. De aan verdachte verweten gedraging is in
-
Alcoholslotprogramma (asp). Art. 8 WVW 1994. Bij de huidige Nederlandse regelgeving is de strafvervolging van een verdachte t.z.v. het rijden onder invloed van alcoholhoudende drank in strijd met de beginselen van een goede procesorde in die gevallen waarin verdachte o.g.v. datze
-
Vordering van PG tot cassatie in het belang der wet. Procesafspraken in strafzaken waarbij OM en verdediging een gezamenlijk afdoeningsvoorstel aan de rechter voorleggen. De wet bevat geen specifieke regeling over procesafspraken. De rechtspraktijk wordt inmiddels gekenmerkt door
Easy life. Vordering wijziging tll., art. 313.2 Sv en art. 68.1 Sr. Verdachte is in e.a. t.a.v. één en hetzelfde geldbedrag veroordeeld t.z.v. oplichting (feit 2) en vrijgesproken van verduistering (feit 3), waarna alleen verdachte h.b. heeft ingesteld. OM heeft in h.b. gevorderd
-
Wijziging tenlastelegging. Art. 313.2 Sv. Verdachte werd eerst vervolgd voor het doen van een onjuiste belastingaangifte. Nadat in de belastingzaak was vastgesteld dat verdachte geen aangifte (i.p.v. een onjuiste aangifte) had gedaan vorderde de AG wijziging van de t.l.l. die doo
Wijziging tenlastelegging. Art. 313.2 Sv. Verdachte werd eerst vervolgd voor het doen van een onjuiste belastingaangifte. Nadat in de belastingzaak was vastgesteld dat verdachte geen aangifte (i.p.v. een onjuiste aangifte) had gedaan vorderde de AG wijziging van de t.l.l. die doo
In het licht van ’s hofs vaststellingen dat (i) verdachte met zijn hand naar de borst van zijn dochter is gegaan en deze heeft betast en daarbij heeft gezegd “lekkere tietjes” en (ii) verdachte snel met zijn handen vanaf de rug van zijn dochter naar haar borsten toe ging en haar
1. Wijziging tenlastelegging waarbij eerder al als ontucht tenlastegelegd tongzoenen mede als verkrachting ten laste wordt gelegd, toelaatbaar. 2. Gelet op de door het hof vastgestelde omstandigheden geeft zijn oordeel dat de slachtoffers (soldaten) aan het gezag van de verdachte
-
Onttrekking minderjarige aan wettig gezag, art. 279.1 Sr. Bewijsklacht t.a.v. opzet van verdachte op het onttrekken van de minderjarige aan het wettig gezag van haar ouders, omdat uit b.m. niet z.m. zou blijken dat de minderjarige pas zou weglopen van haar ouders als verdachte ha
OM-cassatie. Aan de op art. 163.9 WVW 1994 toegesneden tll. wilde de AG bij het Hof subsidiair art. 8.1 WVW 1994 toevoegen. Het Hof weigerde dit omdat de wijziging zou meebrengen dat niet langer hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr ten laste zou zijn gelegd. HR: Bij de beoordeling va
Opzettelijk gebruik maken van niet op zijn naam gesteld identiteitsbewijs door bij staandehouding ID-bewijs op naam van neef te overhandigen, art. 231.2 Sr. Is sprake van hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr na toewijzing vordering wijziging tll. a.b.i. art. 313 Sv, waarbij aan tlgd.
Art. 1.2 Sr. Art. 58.2 SUWI en art. 28c Wet op de loonbelasting 1964. Het Hof had het uit art. 28c Wet op de loonbelasting 1964 voortvloeiende mildere sanctieregime behoren toe te passen (vgl. ECLI:NL:HR:2011:BQ8193). Uit de beslissing van het Hof blijkt niet dat het Hof toepassi
“hetzelfde feit” als bedoeld in art. 68 Sr. Vordering tot wijziging van de tenlastelegging, art. 313 Sv. De HR verduidelijkt in voorafgaande beschouwingen de maatstaf voor de toepassing van art. 68 Sr en art. 313 Sv over “hetzelfde feit”. De aan verdachte verweten gedraging is in
Vordering b.p. Gezien de inhoud van het voegingsformulier moet het ervoor gehouden worden dat het Hof de vordering van de b.p. heeft toegewezen vzv. deze betrekking heeft op de schade aan de auto. Het verweer van verdachte kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan dat de door de
Ceteco-affaire. Afwijzing door hof van vordering wijziging tenlastelegging (strekkende tot toevoeging van op verduistering toegesneden variant) is zonder nadere motivering, die ontbreekt, onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat de gevorderde wijziging wat betreft tijd en plaat
-
Conclusie AG. Veroordelingen voor o.m. diverse Opiumwetdelicten (kort gezegd: handel in cocaïne). M1: is na verruiming van de tenlastegelegde pleegperiode (van twee weken tot één jaar) nog sprake van hetzelfde feit i.d.z.v. art. 68 Sr (jo. 313 lid 2 Sv)? In de bewijsvoering van
De verdachte heeft, terwijl tegen hem de verdenking was gerezen dat hij als lid van het boordpersoneel onder invloed van alcohol werkzaamheden had verricht aan boord van een vliegtuig, geweigerd een bevel tot medewerking aan een ademanalyse op te volgen. Verweer ten aanzien van d
Conclusie PG. Verzoek tot regeling rechtsgebied vanwege positief competentiegeschil (art. 526 Sv) en beroep op onschuldpresumptie (art. 6 lid 2 EVRM). Hebben twee gerechten zich ‘dezelfde zaak’ aangetrokken? Twee vervolgingen wegens concrete Opiumwetdelicten en deelneming aan cri
Conclusie AG. Veroordeling wegens (onder meer) medeplegen van bankbiljetten namaken, met het oogmerk om die bankbiljetten als echt en onvervalst te doen uitgeven, meermalen gepleegd, art 208 Sr. 1. Klacht over oordeel hof dat tenlastelegging in eerste aanleg is gewijzigd. 2 en 3.