Conclusie A-G. Veroordeling voor o.m. medeplegen van poging tot invoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet). 1. Klacht over verwerping van verweer strekkend tot bewijsuitsluiting van de in de woning van de verdachte opgenomen OVC-gesprekken. 2. Klacht over ’s hofs oordeel dat sprake i
Wetboek van Strafvordering
Art. 311 Sv
Genoemd in 309 uitspraken · Officiële wettekst
309 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Ontneming. Openbaar Ministerie ontvankelijk: geen sprake van een schending van het weergegeven voorschrift van artikel 311, lid 1 Wetboek van Strafvordering. Veroordeelde heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan betrokkenheid bij de teelt van hennep en daarmee aan overtreding va
Ten aanzien van de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie: Bij beslissing van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen, van 6 april 2018, is het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte, vanwege de gang van zaken rond de voeging aan
Conclusie AG. Mishandeling (art. 300 jo. 304 lid 1 sub 1 en 3 Sr) en bedreiging (art. 285 Sr). De eerste twee middelen bevatten motiveringsklachten (uos, bewijs) m.b.t. de bewezenverklaarde mishandelingen. Het derde middel klaagt dat de door de verdachte ter terechtzitting in ho
Conclusie AG. Ontuchtzaak rondom zorginstellingen De Neshoeve en Hoeve Jedidja. De verschillende in cassatie opgevoerde klachten leiden naar het oordeel van de AG niet tot cassatie, m.u.v. het aantal toe te passen dagen gijzeling m.b.t. de opgelegde schadevergoedingsmaatregelen.
Conclusie AG. Inzittenden van twee stilstaande auto’s beschieten elkaar over en weer. Na terugwijzing HR verwerpt het hof i. het beroep op noodweer omdat niet is voldaan aan het onttrekkingsvereiste en ii. het beroep op noodweerexces omdat geen sprake is van een hevige gemoedsbew
Conclusie AG. Profijtontneming. Middel dat klaagt over het ontbreken van de bewijsmiddelen in het arrest of een aanvulling en middel dat klaagt over het ontbreken van een uitgewerkt proces-verbaal slagen. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing
Het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat, wordt door de rechtbank vastgesteld op € 156.478,78.
Op tegenspraak. Ontnemingsvordering. De rechtbank verklaart de officier van justitie ontvankelijk in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en wijst de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel af.
Conclusie AG. Ontnemingszaak. OM-cassatie tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de ontnemingsvordering wegens overschrijding van de tweejaarstermijn van art. 511b lid 1 Sv. Een middel met rechts- en motiveringsklachten. De motiveringsklacht slaagt. De conclusie strekt tot vern
Conclusie AG. Ontnemingszaak. OM-cassatie tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de ontnemingsvordering wegens overschrijding van de tweejaarstermijn van art. 511b lid 1 Sv. Een middel met rechts- en motiveringsklachten. De motiveringsklacht slaagt. De conclusie strekt tot vern
Conclusie AG. Ontnemingszaak. OM-cassatie tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de ontnemingsvordering wegens overschrijding van de tweejaarstermijn van art. 511b lid 1 Sv. Een middel met rechts- en motiveringsklachten. De motiveringsklacht slaagt. De conclusie strekt tot vern
Conclusie AG. Ontnemingszaak. OM-cassatie tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de ontnemingsvordering wegens overschrijding van de tweejaarstermijn van art. 511b lid 1 Sv. Een middel met rechts- en motiveringsklachten. De motiveringsklacht slaagt. De conclusie strekt tot vern
Verdachte is veroordeeld voor faillissementsfraude en heeft daardoor in totaal € 803.376,67 wederrechtelijk voordeel verkregen. De redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM is overschreden met twee jaar en drie maanden. Om die reden wordt de verplichting tot betaling van vo
Onderzoek Puma. Ontneming
OM-cassatie. OM o.g.v. art. 349.3 Sv niet-ontvankelijk in vervolging t.z.v. medeplegen van zware mishandeling in discotheek in Nijmegen (art. 302.1 Sr), omdat OM vanwege zwaarwegend opsporingsbelang heeft geweigerd medewerking te verlenen aan bevel van RC om informant als getuige
Profijtontneming, w.v.v. uit valsheid in geschrift en witwassen. Heeft hof niet beslist op tot niet-ontvankelijkheid OM in ontnemingsvordering strekkend verweer dat betrokkene eerder is veroordeeld terwijl t.z.v. die veroordeling geen ontnemingsprocedure is gevoerd, zodat dat voo
Uitkeringsfraude door in formulieren m.b.t. haar bijstandsuitkering jarenlang te verzwijgen dat zij eigenaar is van appartement in Turkije, art. 227b Sr. Vormverzuim t.g.v. onrechtmatige handeling verricht door andere functionaris of persoon dan ambtenaar die met opsporing en ver
Conclusie plv-AG. OM-cassatie. Het hof heeft het OM niet-ontvankelijk verklaard in de strafvervolging omdat het OM weigert uitvoering te geven aan de opdracht van het hof om een CIE-informant als getuige op te roepen. In cassatie wordt de vraag opgeworpen of de arresten van 1 dec
Spreekgerechtigde is geen procespartij; spreekrecht uitoefenen voorafgaande aan het requisitoir; geen schending art. 6 EVRM/hoor wederhoor nu spreekgerechtigde geen tweede termijn krijgt; raadsman die een nabestaande/slachtoffer bijstaat voert niet diens verdediging.
Conclusie AG. Uitkeringsfraude art. 227b Sr, art. 359a Sv. Vormverzuim in bestuursrechtelijk onderzoek is volgens de AG van bepalende invloed geweest ‘op het verloop van het opsporingsonderzoek naar en/of de (verdere) vervolging van de verdachte ter zake van het tenlastegelegde f
Conclusie AG. Falende klachten over (1) gesteld nalaten door het hof om een uitdrukkelijke beslissing te nemen op het verzoek van de verdediging om de b.p. niet-ontvankelijk te achten in de vordering en over (2) de toewijzende beslissing van het hof op de vordering van de b.p. to
-
Rijden terwijl verdachte wist dat rijbewijs ongeldig was verklaard (art. 9.2 WVW 1994). Laatste woord (art. 311.4 Sv). Uit het p-v ttz. in h.b. blijkt niet dat aan verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het voorschrift dat
Vernietiging vonnis politierechter, waarbij de Officier van justitie niet-ontvankelijk werd verklaard in de strafvervolging van de verdachte omdat was nagelaten een tolk in de Poolse taal op te roepen voor de zitting, terwijl uit de stukken bleek dat de verdachte de Nederlandse n