Conclusie AG, profijtontneming. De door het hof opgelegde betalingsverplichting wijkt in aanzienlijke mate af van de vordering van het OM. In cassatie kan evenwel niet met vrucht worden geklaagd over u.o.s. van het OM, of over tekortkomingen in de motivering daarvan. Evenmin heef
Wetboek van Strafvordering
Art. 311 Sv
Genoemd in 309 uitspraken · Officiële wettekst
309 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Ontvankelijkheidsverweren verworpen. Art 126f Sv. Uitbreiding ontnemingsvordering in later stadium. Afwijzing van een deel van de ontnemingsvordering wegens onvoldoende rechtstreeks verband tussen de bewezen verklaarde valsheid in geschrift (m.b.t. hypothecaire lening) en het pro
De rechtbank Overijssel verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
De rechtbank Overijssel verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
De rechtbank Overijssel verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
ontnemingszaak. Wederrechtelijk verkregen voordeel ad € 148.395,12 en betalingsverplichting ad € 145.895,12 in verband met overschrijding van de redelijke termijn.
Conclusie AG. Belastingfraude door facturen voor verbouwing privéwoning in de bedrijfsadministratie op te nemen. Cassatiemiddelen over o.m. het beroep op de inkeerregeling van art. 69 lid 3 AWR dienen volgens de AG te worden verworpen. Wel strafvermindering wegens overschrijding
Conclusie AG. Klacht over overschrijding van de tweejaarstermijn van art. 511 b Sv. Conclusie strekt tot vernietiging.
Tafelberg. Medeplegen van moord en medeplegen wegmaken van het stoffelijk overschot.
Profijtontneming onderzoek ARMOR. Berekening wvv op transactiebasis. Pondspondsgewijze verdeling tussen 7 veroordeelden. Geen wvv uit ‘andere strafbare feiten’, omdat niet kan worden vastgesteld of het TorRAT-csv direct toegang had tot de bankrekeningen van de money mules. Daardo
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel € 39.407,97. Overschrijding van de redelijke termijn met 23 maanden. De rechtbank zal daarom het ontnemingsbedrag met een bedrag van € 5.000,00 verminderen. Bij arrest van 22 juni 2017 heeft het gerechtshof Amsterdam veroordeelde – kor
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel € 2.953.186,05. Overschrijding van de redelijke termijn met 23 maanden. De rechtbank zal daarom het ontnemingsbedrag in redelijkheid met een bedrag van € 10.000,00 verminderen. Bij arrest van 22 juni 2017 heeft het gerechtshof Amsterda
Profijtontneming, w.v.v. uit hennepkwekerij. 1. Motiveringsklacht m.b.t. oordeel Hof dat betrokkene één eerdere (geslaagde) oogst heeft gehad en daaruit voordeel heeft verkregen. 2. Aanvangsdatum redelijke termijn in e.a. HR: art. 81.1 RO.
Conclusie AG over redelijke termijn in WOTS-zaken. Uitgangspunt van de rechtbank dat het aanvangsmoment voor de redelijke termijn moet worden bepaald op de betekening van de vordering van de officier van justitie ex art. 18 WOTS en dat het beroep op, overschrijding van de termijn
Niet beslist op telefonisch aanhoudingsverzoek van secretaresse van raadsvrouwe. Hof heeft met het oog op het belang van het recht van verdachte op verdediging in de onverklaarde afwezigheid van de raadsvrouwe aanleiding gevonden door de griffier te laten onderzoeken of zij op de
Ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Vordering wederrechtelijk verkregen voordeel.
Ontneming in de megazaak Begonia. Vordering van de officier van justitie bedroeg EUR 876.351,-. Het te ontnemen bedrag is door de rechtbank vastgesteld op EUR 485.983,- Wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt een bedrag van EUR 5.000,- in mindering gebracht zodat als
Profijtontneming. 1. Motivering schatting w.v.v. Art. 359.3, 511f en 511g Sv. 2. Verwerping verweer m.b.t. het terugstorten van gelden aan de Vereniging van Eigenaren. 3. Oordeel Hof m.b.t. aanvangsmoment redelijke termijn. Ad. 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR
Promis; ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel; overschrijding van de redelijke termijn; verweren verworpen met betrekking tot geen sprake van financiële een en ondeelbaarheid nu sprake is van een affectieve relatie, zodat ook de posten van de partner van veroordeelde bij d
Profijtontneming. Ontvankelijkheid OM in ontnemingsvordering. Het Hof heeft het verweer dat het OM in zijn ontnemingsvordering n-o dient te worden verklaard, verworpen op de grond dat "geen sprake [kan] zijn van een te honoreren gerechtvaardigd vertrouwen". Dat oordeel geeft niet
redelijke termijn; afwijzing ontnemingsvordering, ontbreken onderliggende stukken, gevolgen veroordeelde De rechtbank overweegt dat gelet op bestendige jurisprudentie van de Hoge Raad overschrijding van de redelijke termijn niet kan leiden tot de niet-ontvankelijkverklaring van h
Profijtontneming. HR: 81.1 RO. Vermindering opgelegde betalingsverplichting wegens schending redelijke termijn.
Profijtontneming. Kenbaar maken door de OvJ van zijn voornemen de vordering ex art. 36e Sr aanhangig te maken, art. 311.1 Sv. HR herhaalt HR LJN AK3574 en HR LJN BN2297 m.b.t. de in het geding zijnde rechtszekerheid en de door de rechter bij gebreke van de aankondiging te maken a
ontneming na internetoplichting