De minderjarige is door de politie van school gehaald om als getuige te worden gehoord. Naar het oordeel van de rechtbank had de minderjarige direct als verdachte moeten worden aangemerkt. Verdachte is niet gewezen, en heeft geen gebruik kunnen maken, van het recht op consultatie
Wetboek van Strafvordering
Art. 29 Sv
Genoemd in 557 uitspraken · Officiële wettekst
557 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Schriftelijk vonnis bij de economische politierechter inzake het onthouden van de nodige verzorging van vee en niet voldoen aan de registratie en identificatie van dieren. De economische politierechter past art. 9a Sr toe in een geval waarin zowel de officier van justitie als bui
Salduz. HR herhaalt LJN BH3079, HR LJN BQ8907 en HR LJN BN9293. Het Hof heeft door te volstaan met de constatering dat sprake is van een vormverzuim, e.e.a. miskend.
Art. 1.4 Awbi en raadplegen advocaat. De opvatting dat uit HR LJN BH3079 moet worden afgeleid dat, indien de bewoner als verdachte is aangehouden, de in art. 1.4 Awbi bedoelde toestemming pas mag worden verzocht nadat die aangehouden bewoner in de gelegenheid is gesteld een advoc
Dodelijke overval Haulerwijk. Verdachte wordt veroordeeld tot gevangenisstraf van 9 jaar en 7 maanden voor doodslag op een man in Haulerwijk.
Salduz-verweer. De Hoge Raad herhaalt en verduidelijkt de toepasselijke overweging uit HR LJN BH3079. Het verzuim dat een aangehouden verdachte niet of niet binnen redelijke grenzen de gelegenheid is geboden om voorafgaand aan het eerste politieverhoor een advocaat te raadplegen,
Zwolse woonbootmoord. Hof wijst arrest na verwijzing door de Hoge Raad. Hof neemt, ondanks verweer, voorbedachte raad aan en legt evenals de rechtbank een gevangenisstraf van 16 jaar op. De door de verdediging gestelde vormverzuimen die aanleiding zouden moeten zijn tot strafverm
Bewijsklacht (voorwaardelijk) opzet invoer cocaïne.
Algehele vrijspraak, geen wettig bewijs. Salduz-verweer. Schending cautieplicht. Bewijsuitsluiting. Belastende verklaring van verdachte bij door hem gedane aangifte, dient ook van het bewijs te worden uitgesloten. Gelet op de positie van verdachte in dit bijzondere geval, had ver
HR: 81 RO.
Promis. Strafzaak tegen vijf Somalische piraten. Ten laste is gelegd zeeroof ex artikel 381 van het Wetboek van Strafrecht. Verwerping van de verweren strekkende tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie. Nederland heeft in het Wetboek van Strafrecht universele recht
Vierentwintig maanden cel voor grootschalige oplichting via internet Arnhem, 25 februari 2010 - De meervoudige kamer van de rechtbank Arnhem heeft een 30-jarige man veroordeeld voor het – ten dele samen met een ander – plegen van grootschalige oplichting via internet. Daarnaast i
Ondanks cautie-perikelen wordt aan de verdachte ter zake van het plegen van een ontuchtige handeling met zijn minderjarige verstandelijk gehandicapte schoonzusje een onvoorwaardelijke gevangenisstraf en de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd. Op grond va
Rechtbank Rotterdam. Vonnis met uitgebreide Promismotivering inzake invoer van +/-1100 kg heroïne. Verwerping van niet-ontvankelijkheids-/bewijsuitsluitingsverweren m.b.t. gestelde onduidelijkheden en tegenstrijdigheden t.a.v. door middel van rechtshulp verkregen tapgesprekken; ‘
Rechtsbijstand m.b.t. politieverhoor. Niet blijkt dat de klacht, dat het Hof – in strijd met art. 6 EVRM – de verklaring die verdachte heeft afgelegd bij de politie zonder dat hij voorafgaand aan het verhoor in de gelegenheid was gesteld een advocaat te raadplegen bij de bewijsvo
Rechtsbijstand m.b.t. politieverhoor. Niet blijkt dat de klacht, dat het Hof – in strijd met art. 6 EVRM – de verklaring die verdachte heeft afgelegd bij de politie zonder dat hij voorafgaand aan het verhoor in de gelegenheid was gesteld een advocaat te raadplegen bij de bewijsvo
zedenzaak, geen cautie, onvoldoende bewijs.
OM-cassatie. Art. 165 WVW 1994 (vordering om als kentekenhouder naam en personalia van de bestuurder kenbaar te maken) en zwijgrecht. Nu de wettelijke regeling tz. naar de kern genomen niet is gewijzigd, heeft het Hof terecht tot uitgangspunt genomen hetgeen in HR LJN ZC9475 uit
Gebruik DNA-vergelijking als bewijs; art. 151a en 151 b Sv en art. 16, 17 Besluit DNA-onderzoek in strafzaken (hierna: Besluit). Begrip verdachte a.b.i. art. 16.1 (oud) Besluit. De vergelijking van een in de databank opgenomen nieuw DNA-profiel van een verdachte met de in die dat
1. Beletten van vragen door hof i.c. onbegrijpelijk. 2. Toelaatbaarheid stelselmatig inwinnen van informatie door opsporingsambtenaar incognito terwijl verdachte voorlopig is gehecht. Ad 1. Beletten door hof van vragen van raadsman aan getuige die van belang konden zijn voor de w
-
-
-
-
-