Afwijzing aanhoudingsverzoek wegens ziekte. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AA5730 t.a.v. aanhoudingsverzoeken wegens ziekte. Het staat ter beoordeling van de rechter of hij de aangevoerde reden voor het aanhoudingsverzoek aannemelijk en van voldoende gewicht ach
Wetboek van Strafvordering
Art. 281 Sv
Genoemd in 86 uitspraken · Officiële wettekst
86 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Profijtontneming. Afwijzing aanhoudingsverzoek, aanwezigheidsrecht art. 6 EVRM. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AA5730. Het stond het Hof vrij om voor de beoordeling van het aanhoudingsverzoek wegens ziekte van betrokkene bewijsstukken of nadere inlichtingen te v
1. Horen getuigen in elkaars aanwezigheid, artt. 289, 296, 297 Sv. 2. Opmaken verkort pv, art. 281.4 Sv. Ad 1. Art. 289 Sv, dat ex art. 415 Sv ook in appèl van toepassing is, geeft voorschriften omtrent de volgorde van de gang van zaken bij het verhoor van getuigen, Ex art. 289.
1. Horen getuigen in elkaars aanwezigheid, artt. 289, 296, 297 Sv. 2. Opmaken verkort pv, art. 281.4 Sv. Ad 1. Art. 289 Sv, dat ex art. 415 Sv ook in appèl van toepassing is, geeft voorschriften omtrent de volgorde van de gang van zaken bij het verhoor van getuigen, Ex art. 289.
Uitlevering. Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Servië van 11 maart 1896 tot regeling der wederzijdsche uitlevering van misdadigers (hierna: Ovk.). 1. Uitlevering deels ontoelaatbaar. 2. Ontkennen van schuld. 3. Nog te ondergane straf en al onder
Afbeelding van een seksuele gedraging ex art. 240b (oud) Sr. Art. 240b Sr strekt ertoe om kinderen te beschermen tegen seksuele exploitatie. Uit de wetsgeschiedenis omtrent het begrip “seksuele gedraging” volgt dat uitgangspunt daarbij dient te zijn of het gaat om een ge-draging
Toelaatbaarheid voor het bewijs van tegenover de politie afgelegde getuigenverklaring. Indien de verdediging niet in enig stadium de gelegenheid heeft gehad die getuige te (doen) ondervragen, staat art. 6 EVRM aan het gebruik tot het bewijs van die verklaring niet in de weg, als
Vervolgingsuitlevering aan Duitsland mede t.z.v. feiten die onderwerp waren van een Nederlands GVO waarin de o.p. een kennisgeving niet verdere vervolging heeft ontvangen. Uit art. 9 lid 3 Uw volgt dat een dergelijke beëindigde vervolging niet aan uitlevering in de weg staat indi
-
Het middel behelst onder meer de klacht dat de verdachte door het Hof is veroordeeld op grond van bepalingen die niet overeenkomstig de notificatierichtlijn 94/10/EG aan de Europese Commissie zijn medegedeeld en derhalve buiten toepassing dienen te blijven. Het middel voert daart
-