HR wijst overzichtsarrest inzake het oproepen en horen van getuigen t.tz. op verzoek van de verdediging in gewone strafzaken. Ic heeft het Hof het horen van de getuigen niet noodzakelijk geacht. Dat is een beslissing ex. art. 328 en 331.1 jo art. 315 Sv welke bepalingen op de voe
Wetboek van Strafvordering
Art. 263 Sv
Genoemd in 171 uitspraken · Officiële wettekst
171 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Horen getuigen in h.b. HR geeft antwoorden op in de praktijk gerezen vragen aangaande de Wet van 10 november 2004 tot wijziging van Sr, Sv en RO i.v.m. het horen van getuigen en enkele aanverwante onderwerpen (Stb. 579). 1. Onderscheid “niet noodzakelijk” en “redelijkerwijs (niet
Getuigenverzoek, maatstaf. In art. 410.3 Sv jo. art. 263.2 Sv ligt als vereiste besloten dat de daar bedoelde opgave van getuigen of deskundigen voldoende stellig en duidelijk als zodanig in de appelschriftuur moet zijn vermeld. De beoordeling van de vraag of een appelschriftuur
Diefstal van konijnen uit dierenfokkerij door dierenactivist, art. 310 Sr. Afwijzing van bij appelschriftuur gedaan, ttz. in h.b. gehandhaafd en op latere tz. in h.b. herhaald verzoek tot horen van aangeefster ter onderbouwing van beroep op noodtoestand en (psychische) overmacht,
Afwijzing getuigenverzoeken. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BW9036 m.b.t. vereisten voor opgave van getuigen of deskundigen a.b.i. art. 410.3 Sv en de beperkte toetsing door de HR van het oordeel of sprake is van een dergelijke opgave. Het Hof heeft kennelijk de bi
1. De uitoefening van de bevoegdheid ex 414.1, 2e volzin (oud) Sv is onderworpen aan de eisen voortvloeiend uit de beginselen van behoorlijk procesrecht. Een algemene regel daaromtrent valt niet te geven. 's Hofs oordeel dat []in de gegeven omstandigheden[] de overlegging van het
Conclusie AG in de zaak Guus K. over medeplichtigheid aan het medeplegen van oorlogsmisdrijven en medeplegen van opzettelijke overtredingen van VN-wapenembargo’s in de tweede Liberiaanse burgeroorlog tussen 1999 en 2003. De AG geeft de Hoge Raad in overweging het cassatieberoep t
Afwijzing getuigenverzoek. Bij appelschriftuur zonder onderbouwing gedaan en ttz. in h.b. met onderbouwing herhaald verzoek tot het horen van getuigen. ‘s Hofs afwijzing van het verzoek is, gelet op hetgeen aan dat verzoek ten grondslag is gelegd, zonder nadere motivering niet be
Appelschriftuur tijdig ingediend? De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BK5516. Een per fax verzonden appelschriftuur die ter griffie van het gerecht is begonnen binnen te komen vóór 24.00 uur op de laatste dag van de ingevolge art. 410.1 Sv geldende termijn van 14
In zijn arrest van HR LJN AZ1702 heeft de HR een aantal vragen besproken die zijn gerezen n.a.v. de wet van 10-11-2004 tot wijziging van het WvSv en het WvSr en de Wet RO i.v.m. het horen van getuigen en enkele verwante onderwerpen (Stb. 579). Deze vragen zagen o.m. op de wijzigi
“Concl. plv-AG. Medeplegen van voorbereidingshandelingen om het opzettelijk vervoeren van 287 kg cocaïne vanuit Suriname via Zuid-Afrika naar Mozambique voor te bereiden, deelneming aan een criminele organisatie en medeplegen van gewoontewitwassen. 1. Oordeel hof dat het niet aan
Regiebeslissingen op EncroChat betrekkelijke verzoeken in onderzoek-Messina
(Medeplegen) (poging tot) afpersing (art. 317.1 jo. 312.2 Sr), medeplegen valsheid in geschrift (art. 225.1 en 225.2 Sr), mishandeling met voorbedachte raad (art. 301.1 Sr), medeplegen zware mishandeling met voorbedachte raad (art. 303.1 Sr), medeplegen diefstal met geweld (art.
Tussenbeslissing onderzoekswensen t.a.v. EncroChat en SkyECC. De verdediging heeft zich o.a. op het standpunt gesteld dat het Openbaar Ministerie betrokkenheid van Europol heeft verzwegen. In dit licht is de betrouwbaarheid van Sky- en Encro-berichten ter discussie gesteld.
Conclusie AG. Art. 45 jo. 244 Sr. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis), voorwaardelijk verzoek en afwijzing verzoek horen getuige (art. 288, eerste lid onder b, Sv). Klacht dat hof niet heeft gereageerd op voorwaardelijk verzoek tot het horen van verbalisant slaagt. Conclus
Conclusie plv-AG. Poging doodslag door het op korte afstand afvuren van een kogel in de buik. Het eerste middel dat het hof het verzoek tot het horen van twee getuigen/deskundigen die hebben gerapporteerd over de risico’s van een schotwond in de buik op onjuiste gronden heeft afg
Conclusie AG. De woning van de verdachte en zijn partner is voor tonnen verbouwd en de betalingen daarvoor zijn gedaan met contant geld, dat hij naar eigen zeggen contant uit Suriname heeft opgehaald (€ 260.000,-). Middelen over gewoontewitwassen en de verbeurdverklaring van de w
Conclusie AG. Afwijzing voorwaardelijk verzoek tot het horen van belastende getuigen en schending van art. 6 EVRM. Toepassing criteria HR 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1015. De AG is van mening dat de afwijzing van het getuigenverzoek onvoldoende is gemotiveerd en geeft de Hoge Ra
Conclusie AG. Afwijzing voorwaardelijk verzoek tot het horen van belastende getuigen en schending van art. 6 EVRM. Toepassing criteria HR 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1015. De AG is van mening dat de afwijzing van het getuigenverzoek onvoldoende is gemotiveerd en geeft de Hoge Ra
Klimop-zaak. Witwassen. Art. 420bis Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2008:BF5557, inhoudende dat ook misdrijven die zijn gepleegd vóór de inwerkingtreding van art. 420bis Sr op 14 december 2001 kunnen gelden als “enig misdrijf” in de zin van die bepaling. Voo
Afwijzing verzoek horen getuige. ’s Hofs oordeel dat het verzoek tot het horen van de aangeefster als getuige moet worden afgewezen op de grond dat “de getuige twee keer eerder is gehoord ten overstaan van een rechter” en “dat er niets nieuws is opgeworpen ten opzichte van de eer
Vervolg op HR LJN BJ6949. Getuigenverzoek na terugwijzing HR. HR herhaalt HR LJN BL3964 m.b.t. de niet-toepasselijkheid van de artt. 410.3, 414.2 tweede volzin en 418.3 Sv en de toepasselijkheid van de artt. 263, 264 en 418.2 Sv in de procedure na terugwijzing. Het Hof heeft na t
Afwijzing getuigenverzoek. Appelschriftuur. Fax. Een op de voet van art. 410.3 Sv door verdachte bij schriftuur gedane opgave van te horen getuigen wordt ingevolge die bepaling aangemerkt als een opgave i.d.z.v. art. 263.2 Sv. Nu een opgave in laatstbedoelde zin ook per fax kan w
Profijtontneming. Art. 359.2 Sv (u.o.s.). Het pv t.t.z in h.b. houdt niet in dat de raadsman aldaar het woord heeft gevoerd overeenkomstig de pleitnota van mr. X en houdt evenmin in dat het Hof heeft ingestemd met het verzoek van de raadsman om die pleitnota “hier als herhaald en
-