Rechtbank verklaart verdachte niet-ontvankelijk in bezwaar tegen de dagvaarding Volgens de rechtbank is er geen sprake van nieuwe feiten of omstandigheden. Een arrest van de Hoge Raad wordt in het algemeen niet als zodanig beschouwd. De dagvaarding zoals die er nu ligt past volge
Wetboek van Strafvordering
Art. 262 Sv
Genoemd in 62 uitspraken · Officiële wettekst
62 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Voorts wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft, na een gedegen voorbereiding, het slachtoffer onder valse voorwendselen naar zijn kantoor gelokt, waarna drie andere mannen en een vrouw het kantoor zijn binnengekomen en de deur van het kantoor op
Gemeente veroordeeld vanwege het jarenlang in gebruik hebben van een riooloverstort zonder Wvo-vergunning tot een hoge voorwaardelijke geldboete met als bijzondere voorwaarde het betalen van een hoog geldbedrag aan een van die overstort overlast ondervindende particulier.
Wraking. Dezelfde rechter is voorzitter van zowel de kamer die op bezwaarschriften ex art. 208 lid 3 Sv heeft beslist als de kamer die bezwaarschriften ex art. 262 Sv behandelt in geval waarin in de beide bezwaarschriften dezelfde argumenten worden gehanteerd. Afwijzing.
Art. 359.2 Sv. Hetgeen door de raadsman is aangevoerd omtrent de betrouwbaarheid van de fotoherkenning van verdachte door de aangever en de bruikbaarheid daarvan als bewijs, kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Het Hof is in zijn
Strafrechtelijke immuniteit gemeente. Strafrechtelijke immuniteit van een openbaar lichaam a.b.i. H. 7 Gw dient slechts dan te worden aangenomen als de desbetreffende gedragingen naar haar aard en gelet op het wettelijk systeem rechtens niet anders dan door bestuursfunctionarisse
Verdachte, die al vele jaren binnen Ahold en haar dochters werkzaam was en in die zin mede beeldbepalend was voor het concern, heeft in zijn functie als lid van de Raad van Bestuur van Ahold, door de bewezen geachte gedragingen het vertrouwen geschonden dat in hem werd gesteld.
De rechtbank acht de aan verdachte, voormalig lid van de Raad van Commissarissen (RvC) van AHOLD, verweten feiten niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij.
Tardief appèl na ongegrondverklaard bezwaarschrift tegen dagvaarding. 1. De wet bepaalt in welke gevallen tegen een rechterlijke uitspraak een rechtsmiddel kan worden ingesteld en binnen welke termijn dit kan geschieden; die termijnen zijn van openbare orde. Overschrijding van de
Tardief appèl na ongegrondverklaard bezwaarschrift tegen dagvaarding. 1. De wet bepaalt in welke gevallen tegen een rechterlijke uitspraak een rechtsmiddel kan worden ingesteld en binnen welke termijn dit kan geschieden; die termijnen zijn van openbare orde. Overschrijding van de
Bezwaarschrift ex artikel 262 van het Wetboek van Strafvordering ongegrond verklaard, nu - er geen sprake is van een dermate ernstige schending van het recht, dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn vervolging; - de rechtbank van oordee
-