Grootschalige kinderpornografie, art. 240b Sr. HR formuleert uitgangspunten voor de strafrechtelijke beoordeling van het op grotere schaal voorhanden hebben van kinderporno en plaatst voor de praktijk enkele opmerkingen over de wijze van ten laste leggen in zaken als de onderhavi
Wetboek van Strafvordering
Art. 261 Sv
Genoemd in 1.091 uitspraken · Officiële wettekst
1.091 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
OM-cassatie. Grondslagverlating? Art. 240b.1 Sr, “afbeelding van een seksuele gedraging”. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AQ3710 m.b.t. het onvoldoende feitelijke betekenis hebben van de term “afbeelding van een seksuele gedraging” en het voor de “opgave van het fei
Tenlastelegging grootschalige kinderpornografie, art. 240b Sr en art. 261 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1995:ZD0095 en ECLI:NL:HR:1995:ZD0096. Ex art. 261 Sv dient de dagvaarding een opgave te behelzen van het feit dat wordt tlgd., met vermelding omstreeks
Klimop-zaak. Oud-notaris. 1. Valsheid in geschrift. Opzet. Art. 225 Sr. 2. Tll. Opgave feit. Artt. 261.1 Sv. en 1 en 9 Wet Mot. 3. Strafverzwarende omstandigheid. Art. 44 Sr. Ad 1. Gelet op de specifieke f&o van het onderhavige geval, heeft het Hof uit de bewijsvoering kunnen afl
-
1. Voldoende feitelijke tll. 2. Strafmotivering en aantekening mondeling vonnis. Ad 1. Het oordeel dat de bewoordingen ‘zich heeft opgehouden’ in art. 2.3, 2e lid, APV Amsterdam voldoende feitelijke betekenis hebben en dat de tll. wat betreft de opgave van het feit voldoet aan de
Medeplegen opzettelijke illegale overbrenging van 5 afvaltransporten van asfaltgranulaat naar Litouwen, begaan door rechtspersoon, art. 10.60.2 Wet milieubeheer. 1. Bevat tll. voldoende duidelijke opgave van feit a.b.i. art. 261 Sv? 2. Heeft hof grondslag van tll verlaten? Ad 1.
Militaire zaak. (Gewoonte)witwassen (meermalen gepleegd), art. 420bis.1.b en 420ter Sr. 1. In kluis verdachte aangetroffen geldbedrag afkomstig uit enig misdrijf? 2. Volgt uit bewijsvoering dat sprake is van een gewoonte? HR: 81.1 RO. Samenhang met 16/03015.
Leerplichtwet (Lpw), uitleg tenlastelegging, kwalificatie bewezenverklaring. De door het Hof gegeven uitleg van de op art. 26.2 Lpw toegesneden tll is met haar bewoordingen niet onverenigbaar. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat de bewijsmiddelen inhouden dat de verdachte n
Leider criminele organisatie die zich bezighield met uitvoer cocaïne, invoer hasjiesj, voorhanden hebben ketamine, voorbereidingshandelingen synthetische drugsproductie, waaronder Crystal Meth, en gewoontewitwassen. Crypto-verweren m.b.t. (onrechtmatigheid interceptie, verwerkin
Het hof verklaart de inleidende dagvaarding met betrekking tot het onder 4 tenlastegelegde partieel nietig. Voorts verklaart het hof het Openbaar Ministerie ontvankelijk in de strafvervolging ten aanzien van het onder 4 tenlastegelegde. Het hof spreekt de verdachte vrij van de on
Conclusie plv. AG. Art. 37 Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Het onthouden van de nodige zorg aan dieren. Drie middelen. Falende klacht inzake nietigheid van de dagvaarding, falende bewijsklacht over invulling bestanddeel ‘het onthouden van de nodige zorg’ als bedoeld in a
Conclusie AG over de uitleg van de tenlastelegging en bewezenverklaring. Is ‘een grote hoeveelheid van de middelen’ a.b.i. art. 11.5 Opiumwet ten laste gelegd?
Klimop. Veroordeling oud-directeur van Bouwfonds tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaar. Verwerping verweren nietige dagvaarding inzake verduistering, niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie, bewijsuitsluiting en verkennend onderzoek. Zeer degelijk onderzoek door B
Syriëganger. Enkele voorbereidingen betreffen voorbereidingshandelingen in juridische zin. Daarom geen artikel 134a Sr. Verdachte in permanente psychotische toestand tijdens verweten handelingen. Ontoerekeningsvatbaar. Ontslag van rechtsvervolging en plaatsing in psychiatrisch zi
OM-cassatie. Grondslagverlating? Art. 240b.1 Sr, “afbeelding van een seksuele gedraging”. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AQ3710 m.b.t. het onvoldoende feitelijke betekenis hebben van de term “afbeelding van een seksuele gedraging” en het voor de “opgave van het fei
Ketchikan, dagvaarding nietig
Conclusie AG over het bewijs dat spugen in de richting van vier politieagenten in de omstandigheden van dit geval naast belediging van een ambtenaar (art. 266 jo. 267 Sr) ook bedreiging met zware mishandeling (art. 285, eerste lid, Sr) oplevert. Conclusie strekt tot gedeeltelijke
Veroordeling voor medeplegen van voorbereiden van een grote terroristische aanslag in Nederland. Daartoe heeft de verdachte deelgenomen aan een terroristische organisatie en heeft hij training gevolgd. Verweer nietigheid dagvaarding verworpen. De onderhavige tenlastelegging betre
Concl. AG. Hawala-bankieren. Medeplegen gewoontewitwassen, deelneming criminele organisatie en gewoonte maken van medeplegen van opzettelijk overtreden van art. 2:3a lid 1 Wft. Klachten o.m. over 1. oordeel hof dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van de overtreding van art.
Conclusie AG. Beleggingsfraude in concernverband. Feitelijke leidinggeven aan verduistering en gewoontewitwassen. Klachten van de verdachte met betrekking tot onder meer (1) de verenigbaarheid met art. 326 Sv van het gebruik van een gemeenschappelijk of verzamelproces-verbaal in
Conclusie A-G. Verdiscontering in de straftoemeting van 23 onjuiste belastingaangiften die niet zijn tenlastegelegd. Vergelijking met kinderpornozaken. Het hof verklaarde het feitelijk leidinggeven aan de negen tenlastegelegde onjuiste belastingaangiften bewezen en hield vervolge
Uitvoer tientallen kilo’s softdrugs en bevoorrading coffeeshops in Groningen. Consultatierecht geschonden indien verdachte verzoekt een raadsman van eigen keuze te consulteren voorafgaand aan eerste politieverhoor, terwijl piketadvocaat is verschenen? HR: art. 81.1 RO. CAG: Consu
Profijtontneming. Art. 407.2 Sv (partieel hoger beroep) is niet van toepassing in ontnemingszaken.Dat betekent dat het h.b. slechts tegen de gehele beslissing kan worden ingesteld. Uitgangspunt is dan dat en beperkt ingesteld hoger beroep moet leiden tot n-o van de desbetreffend
De verdachte wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis, een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van een jaar en een geldboete van 15.000,-, subsidiair 110 dagen hechtenis voor niet-ambtelijke omkoping,