Nieuwe bezwaren in de zin van art. 255 Sv. Is een getuigenverklaring die pas naar aanleiding van onderzoek ter terechtzitting onvoldoende betrouwbaar wordt bevonden, niet (langer) een 'nieuw bezwaar'?
Wetboek van Strafvordering
Art. 255 Sv
Genoemd in 155 uitspraken · Officiële wettekst
155 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Mensenhandel-Criminele organisatie-Sneepzaak
Nadat het gerechtelijk vooronderzoek gesloten was, heeft de officier van justitie niet binnen de in artikel 244 Wetboek van Strafvordering genoemde termijn van twee maanden duidelijkheid verschaft aan de verdachte over de al of niet verdere vervolging. De rechtbank verklaart de o
Moord op de A15 te Tiel. Overdracht van strafvervolging. Geen schending van de beginselen van goede proces-orde, noch van het ne-bis-in-idem beginsel. Uitlevering verdachte door Bulgarije aan Nederland rechtsgeldig. Het hof komt tot een bewezenverklaring en een gevangenisstraf
Vrijgsproken van moord. Veroordeeld terzake van doodslag (een kogel in het hoofd en in de borst geschoten). Voorwaardelijk opzet op een bepaald gevolg - zoals hier de dood - is aanwezig indien de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat da
Herziening. Vervolging voor het feit waarop de sepotmededeling ziet kan niet worden aangemerkt als een omstandigheid a.b.i. art. 457.1.2 Sv. Ingevolge art. 255.1 Sv jo. art. 12i Sv kan een verdachte aan wie een kennisgeving van niet verdere vervolging is betekend alsnog worden ve
Rechtbank verklaart verdachte niet-ontvankelijk in bezwaar tegen de dagvaarding Volgens de rechtbank is er geen sprake van nieuwe feiten of omstandigheden. Een arrest van de Hoge Raad wordt in het algemeen niet als zodanig beschouwd. De dagvaarding zoals die er nu ligt past volge
Niet-ontvankelijkheid OM en veroordeling van een 57-jarige ex-militair voor ontucht. Verdachte is tenlastegelegd dat hij in 1991 en 1992 ontuchtige handelingen heeft gepleegd met twee meisjes en seksueel bij hen is binnengedrongen. De militaire kamer heeft het Openbaar Ministerie
poging medeplegen liquidatie; vrijspraak; niet-ontvankelijkheid, artikel 255 Sv; beginsel van redelijke en billijke belangenafweging; gelijkheidsbeginsel. =================================================================== De meervoudige strafkamer van de rechtbank Haarlem spreek
De verdachten van een overval op Jimmy Woo in 2007 worden alsnog vervolgd. In 2007 werden zij reeds door de rechtbank veroordeeld, maar in hoger beroep is het OM niet ontvankelijk verklaard omdat het strafdossier zoek was. Na reconstructie van het dossier heeft het OM de zaak opn
De verdachten van een overval op Jimmy Woo in 2007 worden alsnog vervolgd. In 2007 werden zij reeds door de rechtbank veroordeeld, maar in hoger beroep is het OM niet ontvankelijk verklaard omdat het strafdossier zoek was. Na reconstructie van het dossier heeft het OM de zaak opn
Profijtontneming. Ontneming t.a.v. verjaarde ” soortgelijke feiten”. Aan ’s Hofs oordeel ligt de opvatting ten grondslag dat ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel t.z.v. “soortgelijke feiten” a.b.i. art. 36e.2 Sr niet mogelijk is, indien vervolging t.z.v. die soortgeli
artikel 89 en 591a/gerechtelijk vooronderzoek/kennisgeving niet verdere vervolging, artikel 245 en 246 Sv/niet-ontvankelijkverklaring/doel betekeningsvereiste -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
OM-cassatie. Beschikking afwijzing vordering gevangenhouding. Conclusie AG houdt o.m. in dat gelet op de aard van de materie en de beslissingsruimte van de rechter, niet te hoge eisen gesteld mogen worden aan een beschikking als i.c. en concludeert dat ’s Hofs oordeel i.c niet on
1. Niet tijdig binnengekomen schriftuur en geschrift van verdachte. 2. Aanwijzing gerecht ex art. 510 Sv. 3. 359.2 Sv. Ad 1. Op een niet binnen de termijn binnengekomen, aanvullende schriftuur kan de HR geen acht slaan vzv. het niet kan worden beschouwd als een toelichting a.b.i.
Politiesepot en “ne bis in idem”. Dat het hof zou hebben geoordeeld dat “seksueel binnendringen” een ander feit in de zin van art. 68 Sr is dan “incest”, berust op een verkeerde lezing van het arrest. ’s Hofs oordeel dat de nieuwe feiten en omstandigheden een ander feit (seksueel
Overlevering aan Duitsland wegens 'racisme en vreemdelingenhaat' toegestaan, verzoek geweigerd m.b.t. 'informaticacriminaliteit'. Artikel 6 EVRM niet van toepassing op overleveringsprocedure. Nederlandse vervolging in opdracht van Minister van Justitie onder voorwaarden gestaakt
Andere strafbare feiten ex art. 36e.3 Sr. Uit art. 36e Sr jo. art. 511.1 Sv volgt dat een ontnemingsvordering n.a.v. een veroordeling a.b.i. art. 36e.1 en 3 moet worden ingesteld binnen twee jaren na de uitspraak in eerste aanleg. Daarmee is niet verenigbaar dat in een geval als
medeplegen van seksueel binnendringen bij iemand met gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens.
Clickfondszaak 1. Dubbele strafbaarheid ex art. 5.1.2° Sr. 2. In cassatie kan niet met vrucht worden geklaagd dat de feitenrechter het recht van een andere staat verkeerd heeft uitgelegd en aldus heeft geschonden. 3. Art. 140 Sr en bekendheid met andere leden organisatie. 4. Nade
Vervolgingsuitlevering aan Duitsland mede t.z.v. feiten die onderwerp waren van een Nederlands GVO waarin de o.p. een kennisgeving niet verdere vervolging heeft ontvangen. Uit art. 9 lid 3 Uw volgt dat een dergelijke beëindigde vervolging niet aan uitlevering in de weg staat indi
19 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/165HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, voorwaardelijk incidenteel verweerder, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Justitie)
-
-
-