Cassatie in belang der wet. Beschikking Rb inhoudende toewijzing verzoek ex art. 36 Sv tot verklaring dat zaak geëindigd is. 1. Op welk moment neemt “vervolging” a.b.i. art. 36 Sv aanvang? 2. Kan verklaring ex art. 36 Sv dat zaak is geëindigd worden gegeven wanneer onderzoek ttz.
Wetboek van Strafvordering
Art. 255 Sv
Genoemd in 155 uitspraken · Officiële wettekst
155 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
OM-cassatie. OM n-o in vervolging t.z.v. feitelijke leiding geven aan opzettelijk niet doen van aangifte omzetbelasting begaan door rechtspersoon, art. 69.1 AWR. Una via-beginsel en hetzelfde feit (ne bis in idem). Art. 243.2. jo. 255.1 Sv. Is verdachte als natuurlijke persoon op
OM-cassatie. Hetzelfde feit (ne bis in idem). Strafvervolging en bestuurlijke boete. Art. 68 Sr en art. 243.2 jo. 255.1 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2011:BM9102. Bij de artt. 197a en 197b Sr - waarin gedragingen zijn omschreven die als misdrijven strafbaa
Schorsing van vervolging t.z.v. vernieling van urnen op begraafplaats (art. 350.1 Sr) en handelen in strijd met gedragsaanwijzing (art. 184a Sr), art. 16.1 Sv. Had hof het OM n-o moeten verklaren in vervolging van verdachte, omdat verdachte lijdt aan zodanige psychogeriatrische a
1. Una via beginsel. Art. 243.2 Sv. Art. 5:44 Awb. De klacht berust op de opvatting dat het ‘una via-beginsel’ a.b.i. in art. 243.2 Sv en art. 5:44, eerste lid, Awb in onderlinge samenhang bezien, zo moet worden uitgelegd dat een opgelegde bestuurlijke boete steeds aan een strafv
Verwerping verweer n-o OM wegens schending art. 255.1 en 3 Sv. Het oordeel van het Hof dat de OvJ niet gehouden was om na het doen uitgaan van de kvnvv in 1999, welke kennisgeving was gegrond op de omstandigheid dat verdachte onvindbaar was voor de justitiële autoriteiten, de in
Conclusie AG. Cold case. Doodslag op [slachtoffer] uit 2010. Middelen over het bestaan van nieuwe bezwaren a.b.i. art. 255 Sv. Verzuim om machtiging nieuw opsporingsonderzoek te vorderen wordt voor gedekt gehouden. Bewijs van voorwaardelijk opzet op de dood. Klachten over afwijzi
Medeplegen poging tot diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr). 1. Nieuwe bezwaren na kennisgeving niet verdere vervolging. Is sprake van nieuwe bezwaren a.b.i. art. 255 Sv op grond waarvan verdachte opnieuw kan worden vervolgd? 2. Toepasselijkheid jeugdstrafrecht, art. 77c Sr. Kon
Directeur van een 8-tal vakantieparken en de moedermaatschappij wordt veroordeeld voor belastingfraude. Het betreft vier opzettelijke overtredingen van bepalingen uit de Algemene wet op de rijksbelastingen. Het gaat om feitelijk leidinggeven ex artikel 51 Sr. Ten minste vijf jaar
Conclusie AG. Mensenhandel, meermalen gepleegd (art. 273f, sub 1, 4, 6 en 9 Sr). Post Keskin. Slagende klacht dat het hof het bij appelschriftuur gedane en ttz. herhaalde verzoek tot het oproepen en horen van een belastende getuige ten onrechte heeft afgewezen. Conclusie strekt t
Conclusie AG. OM-cassatie. Middelen zijn gericht tegen de beslissing van het hof tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging van het aan de verdachte tenlastegelegde feitelijke leidinggeven aan het door de rechtspersoon opzettelijk niet of niet ti
Nieuwe bezwaren in de zin van art. 255 Sv. Is een getuigenverklaring die pas naar aanleiding van onderzoek ter terechtzitting onvoldoende betrouwbaar wordt bevonden, niet (langer) een 'nieuw bezwaar'?
Aansprakelijkstelling belanghebbende voor naheffingsaanslagen loonheffingen; is het aansprakelijk stellen van de vergrijpboete naast de strafrechtelijke veroordeling in strijd met het una-via beginsel?
Moedermaatschappij van een 8-tal vakantieparken wordt veroordeeld voor belastingfraude. Het betreft drie opzettelijke overtredingen van bepalingen uit de Algemene wet op de rijksbelastingen. Functioneel daderschap ex artikel 51 Sr. Ten minste vijf jaar lang is bewust een geldstro
Conclusie plv. AG. Poging tot diefstal met geweld bestaande uit schieten op een achtervolger (312 jo. 45 Sr). De eerste twee middelen gaan over de ontvankelijkheid van het OM nadat eerder een kennisgeving van niet verdere vervolging was uitgegaan. Het derde middel betreft de afwi
OM-cassatie. OM n-o in vervolging t.z.v. opzettelijk niet (tijdig) betalen van omzetbelasting, art. 69a.1 AWR. Una via-beginsel en hetzelfde feit (ne bis in idem), art. 68 Sr en art. 243.2. jo. 255.1 Sv. Betreft tlgd. overtreding van art. 69a.1 AWR ‘hetzelfde feit’ als feit waarv
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep
Conclusie AG. OM cassatie, klacht over niet-ontvankelijkheid OM i.v.m. eerdere gijzeling van verdachte in een fiscale zaak en met verwijzing naar het Nederlands ne bis in idem-beginsel. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
Liquidatieproces Passage 1. Beoordeling toepassing kroongetuigenregeling: beoordelingskader; getuigenbescherming; opportuniteitsbeginselbeginsel 2. Manco kluisverklaringen: wél verklaard, niet gerelateerd in proces-verbaal kluisverklaringen 3. Andermaal vervolgd na kennisgeving v
Cassatieberoep gericht tegen een in h.b. gegeven beschikking waarbij een door verdachte ingediend bezwaarschrift tegen de dagvaarding alsnog ongegrond is verklaard. De opvatting dat de rechter die in een door het OM ingesteld beroep over een bezwaarschrift tegen de dagvaarding he
Profijtontneming. 1. Verwerping verweer strekkende tot n-o verklaring van het OM. 2. Schatting w.v.v. Ad 1. Het uitgangspunt van het middel dat het Hof bij de schatting van het w.v.v. mede het voordeel heeft betrokken dat verband houdt met in Groot-Brittannië gepleegde feiten ber
Conclusie AG. Tweede cassatieronde, vervolg op ECLI:NL:HR:2022:1364. Opzettelijk de belasting welke op aangifte moet worden voldaan niet betalen, meermalen gepleegd, art. 69a.1 AWR. 1. Hetzelfde feit i.d.z.v. art. 68 Sr en art. 243 en 255 Sv, ontvankelijkheid van het OM. 2. Beroe
Dochter van directeur van een 8-tal vakantieparken en de moedermaatschappij, die ook voor het bedrijf werkte, wordt veroordeeld voor belastingfraude. Het betreft twee opzettelijke overtredingen van bepalingen uit de Algemene wet op de rijksbelastingen. Het gaat om medeplegen met
Ex-echtgenote van de directeur van een 8-tal vakantieparken en de moedermaatschappij, die ook voor het bedrijf werkte, wordt veroordeeld voor belastingfraude. Bewezenverklaring: - medeplegen van ingevolge de belastingwet verplicht zijnde tot het voeren van een administratie overe
De rechtbank veroordeelt verdachte tot betaling van een geldboete van € 75.000,-. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan belastingfraude door over verschillende jaren onjuiste omzet- en vennootschapsbelastingaangiften te doen.