Overheidsprivaatrecht. Procesrecht. Strafrecht. Door advocaten onder de Staat (openbaar ministerie) gelegd bewijsbeslag wegens beweerde schending van hun verschoningsrecht. Vordering Staat tot opheffing bewijsbeslag. Criteria Molenbeek-uitspraak (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:
Wetboek van Strafvordering
Art. 119 Sv
Genoemd in 122 uitspraken · Officiële wettekst
122 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie A-G. Beslag en beklag. Op de desbetreffende auto is zowel strafvordelijk beslag gelegd ex art. 94 Sv, als douanebeslag ex art. 1:37 lid 1 Algemene Douanewet (Adw). De klager verzocht de rechtbank de behandeling aan te houden van het klaagschrift dat zich tegen het douan
Artikel 116 lid 1 juncto artikel 552a, lid 6, WvSv. Artikel 119 lid 4 WvSv, aanwijzing aan de bewaarder van het inbeslaggenomen goed.
-
-
Kort geding. Geschil over strafvorderlijk in beslag genomen schilderijen, waar tevens executoriaal beslag op rust. Strafvorderlijk belang is komen te ontvallen. Schilderijen bevinden zich nog onder de Staat. Geschil over vraag aan wie schilderijen afgegeven moeten worden. Staat w
Beklag, beslag ex art. 94a Sv. Civiel- en strafrechtelijk derdenbeslag op banktegoed. Vernietiging door HR met verwijzing naar de CAG: de Rb heeft vastgesteld dat op het banktegoed beslag ex art. 94a Sv rust en had daarom a.d.h.v. de toetsingsmaatstaven dienen te beoordelen of di
-
Beklag ex art. 552a Sv gegrond. Belang van klager weegt zwaarder dan de strafvorderlijke belangen.
Geldlening voor de aankoop van schilderijen is vastgelegd in notariële akte. De akte kan dienen als executoriale titel als de vordering in de akte is omschreven en bestaat ten tijde van het verlijden van de akte. Aan die voorwaarden is voldaan.
Vordering tot teruggave althans opheffing van het door de Ontvanger gelegde beslag en een verbod tot het opnieuw leggen van beslag.
Klaagschrift gegrond. Nu niet overeenkomstig (de strekking van) de beschikking van 22 september 2016 van de rechtbank Noord-Nederland wordt gehandeld, wendt één der klagers zich opnieuw tot de rechtbank. De rechtbank heeft reeds bij voornoemde beschikking een inhoudelijke besliss
Beklag. Beslag ex art. 94 Sv op een groot geldbedrag dat klager aan de politie heeft aangeboden ter betaling van een in een andere zaak opgelegde schadevergoedingsmaatregel, hetgeen leidt tot verdenking t.z.v. witwassen. 1. Rechtmatigheid van beslag. 2. Belang van strafvordering.
Spoedeisendheid geen vereiste indien als rechtsingang 705 Rv wordt gebruikt. Samenloop van beslag op grond Wetboek van Strafvordering en (civielrechtelijk) conservatoir beslag.
Artikel 116 lid 1 juncto artikel 552a, lid 6, WvSv. Artikel 119 lid 4 WvSv, aanwijzing aan de bewaarder van het inbeslaggenomen goed.