Caribische zaak. Als parlementslid van Sint Maarten deelnemen aan aannemingen of leveranties waarover hem op tijdstip van handeling geheel of ten dele bestuur of toezicht is opgedragen (art. 2:361 SrSM). 1. Is aan verdachte “bestuur of toezicht opgedragen”? 2. Bewijsklacht deelne
Wetboek van Strafrecht
Art. 84 Sr
Genoemd in 24 uitspraken · Officiële wettekst
24 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie A-G. Falende klachten over de bewezenverklaring van feit 1. medeplegen oplichting en feit 3. poging tot zware mishandeling. Eveneens falende klacht over verlating grondslag van de tenlastelegging bij feit 2 (eenvoudige belediging van een ambtenaar) doordat het hof het b
Conclusie AG. Passieve ambtelijke corruptie (art. 363 Sr) en valsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) bij overname energiemaatschappij. Middelen gericht tegen bewezenverklaring dat verdachte kon worden aangemerkt als ‘ambtenaar’ (M4) en een beloning heeft ontvangen voor zijn onderst
Rechtbank veroordeelt verdachte tot 6 weken gevangenisstraf, waarvan 2 weken voorwaardelijk voor belediging van twee ambtenaren waarbij de rechtbank een raadslid heeft aangemerkt als ambtenaar. Voorts heeft verdachte een persoon en een organisatie (GGD Drenthe) bedreigd en getrac
Smaad en laster d.m.v. het verspreiden van brieven aan de Amerikaanse ambassadeur en minister van buitenlandse zaken m.b.t. kunstsmokkel, artt. 261.1 en 262.1 Sr. 1. Klachtvereiste. 2. Bewijsklacht ‘ruchtbaarheid geven’. Ad 1. OM niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een kla
1. Klachtvereiste art. 269 Sr. 2. Smaadschrift minister-president; ambtenaar. Ad 1. Het oordeel van het Hof dat de tenlastelegging is toegesneden op art. 261 jo 267 Sr is een aan de feitenrechter voorbehouden uitleg, is niet onverenigbaar met de bewoordingen van de tenlasteleggin
Strafrecht. Vervolging van ambtsmidrijven; beklag bij Hoge Raad over het niet-vervolgen van twintig met name genoemde (voormalige) ministers, staatssecretarissen en leden van de Staten-Generaal en van “alle overige leden van het Nederlandse kabinet en de tweede kamer die op enige
Beklag ex art. 13a Sv. bij Hoge Raad over niet-vervolging van op 6 mei 2002 politiek verantwoordelijke ministers en staatssecretarissen en zittende leden van de Tweede Kamer, voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven als bedoeld in art. 76 RO in verband met de moordaanslag op W