Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; art. 6 WIM; GA 3 Verdragen van Geneve; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en voorbereidingshandelingen daartoe en het oorlogsmisdrijf bestaande uit aanranding van de persoonli
Wetboek van Strafrecht
Art. 68 Sr
Genoemd in 710 uitspraken · Officiële wettekst
710 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en voorbereidingshandelingen daartoe. Beroep op ne bis in idem- beginsel. Rechtsmacht.
Conclusie AG in de zaak Guus K. over medeplichtigheid aan het medeplegen van oorlogsmisdrijven en medeplegen van opzettelijke overtredingen van VN-wapenembargo’s in de tweede Liberiaanse burgeroorlog tussen 1999 en 2003. De AG geeft de Hoge Raad in overweging het cassatieberoep t
Wots-zaak. Overname van een in België opgelegde straf. Detentieduur. Art. 44 van het Europees verdrag inzake de geldigheid van strafvonnissen, Trb. 1971, 137 (EVIG) jo. art. 31.1 WOTS en de VI-regeling. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1570 en ECLI:
Onderzoek naar mensenhandel op Europees niveau. Verdachte is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf en een boete van € 15.000,-. Binnen een gezinsverband uitbuiting van minderjarigen door hen te laten zakkenrollen en diefstallen te laten plegen in diverse Europese landen. Onttr
Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit waarvoor hij in Turkije al was veroordeeld en gedetineerd is geweest? Had hof er
Conclusie AG. 1. Ne bis in idem. Klacht over ontvankelijkheid OM nu de verdachte eerder in Duitsland onherroepelijk is veroordeeld voor de tenlastegelegde feiten (gewoontewitwassen (art. 420ter Sr) en deelneming aan criminele organisatie (art. 140 Sr)). 2. Klacht over schending b
Zaak Boontjes II. Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van -kort gezegd-: 1. het medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod; 2. het medeplegen van voorbereidingshandelingen in de zin van artikel 10a van de Opiumw
Herziening. 1. Art. 68 Sr en art. 54 SUO. 2. Verzoek om nader onderzoek. Ad 1. Aanvrager voert aan dat het OM n-o had moeten worden verklaard o.g.v. art. 68 Sr en art. 54 SUO nu hij t.z.v. dezelfde feiten is veroordeeld in België en NL. In de aanvrage wordt echter niet aangevoerd
1. Beroep op partiële n-o van het OM i.v.m. ne bis in idem: een eerdere veroordeling in België voor “witwassen” en de vervolging in Nederland van deelname aan een criminele organisatie die witwassen mede ten doel heeft. 2. Strafmotivering. Ad 1. ‘s Hofs verwerping van het beroep
Schuldwitwassen. Geldbedrag ad € 85.000,00 is afkomstig uit enig misdrijf (oplichting). Het geldbedrag is op de rekening van de vte gestort, daarmee heeft de vte het voorhanden gehad. Hij had minst genomen redelijkerwijs moeten vermoeden dat dit geldbedrag van misdrijf afkomstig
Una via-beginsel; Ne bis in Idem; artikel 68, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht; verdachte vervolgt ter zake van het valselijk opmaken van geschriften en niet van het gebruik maken daarvan; artikel 225, eerste en tweede lid van het Wetboek van Strafrecht.
Het hof verwerpt het verweer van de verdediging dat de vervolging van de verdachte in strijd is met het ne bis in idem-beginsel. Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd, en oplichting, meermalen gepleegd, tot een voorwaardelijke gev
Conclusie AG. Witwassen en opzettelijk niet voldoen aan aangifteplicht ex art. 10:1 lid 4 en 5 Adw (oud). 1. Ne bis in idem, art. 68 lid 2 Sr. Verdachte in Zwitserland reeds onherroepelijk veroordeeld voor dezelfde feiten? Witwassen ‘hetzelfde feit’ als opzettelijk niet voldoen a
Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit waarvoor hij in Turkije al was veroordeeld en gedetineerd is geweest? Had hof er
Conclusie AG. Oplichting (art 326 Sr). Verwerping van het verweer dat het OM niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vervolging gelet op de aangifte die de gedupeerde ook in Turkije heeft gedaan en de procedures die in dat verband in Turkije hebben plaatsgevonden (ne bis in
Conclusie AG. 1. Ne bis in idem, art. 68.2 Sr. Verdachte in Kaapverdië reeds onherroepelijk veroordeeld voor dezelfde feiten? 2. Medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen. Bewijsklacht wetenschap criminele herkomst. Beroep medeverdachte op verschoningsrecht gebruikt als bewij
Economische zaak, afvalstoffen (EVOA). Zonder kennisgeving twee containers met oud papier overgebracht van Verenigd Koninkrijk naar Saoedi Arabië, begaan door rechtspersoon. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM wegens strijd met ne bis in idem-beginsel door vervolging in Nederland
De rechtbank acht bewezen dat verdachte samen met anderen wapens en munitie in de Nederlandse samenleving in omloop heeft gebracht en dat hij samen en in vereniging met anderen een poging heeft gedaan een grote hoeveelheid wapens en munitie in de Nederlandse samenleving te brenge
Mega Bayer. Verweren strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM en bewijsuitsluiting verworpen. Vrijspraak poging tot invoer heroïne. Bewezenverklaring medeplegen voorbereidingshandelingen opzettelijk afleveren/verstrekken/vervoeren van 106 kilo heroïne, medeplegen voorbereidi
Beklag. Conservatoir beslag. Italiaans rechtshulpverzoek. Art. 13a WOTS. 1. Witwasverdrag. Rechtstreekse toezending rechtshulpverzoek. 2. Onschuldpresumptie. Ad 1. V.zv. aan het middel de opvatting ten grondslag ligt dat een rechtshulpverzoek niet kan worden aangemerkt als een re
Profijtontneming. 1. Schorsing onderzoek ttz. teneinde de A-G bij het Hof in de gelegenheid te stellen de ontnemingsvordering ter verificatie in te dienen bij de curator in het faillissement van betrokkene. Art. 29 Faillissementswet (Fw). 2. Verzoek tot het in mindering brengen o
Beschikking ex art. 262 Sv. Ongegrondverklaring verklaring van het bezwaarschrift tegen de dagvaarding, ingediend namens de president-directeur van Trafigura Beheer BV. Het gerechtshof acht het niet hoogst onwaarschijnlijk dat de strafrechter, later oordelend, tot een veroordeli
Moord op de A15 te Tiel. Overdracht van strafvervolging. Geen schending van de beginselen van goede proces-orde, noch van het ne-bis-in-idem beginsel. Uitlevering verdachte door Bulgarije aan Nederland rechtsgeldig. Het hof komt tot een bewezenverklaring en een gevangenisstraf
Dubbele vervolging? Verdachte is veroordeeld voor de voorbereiding van een roofoverval op een woning in Duitsland. Terwijl verdachte en 3 mededaders op weg waren naar de woning zijn zij gecontroleerd door de Duitse politie, waarna ze van de voorgenomen overval hebben afgezien. On