HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve: vermindering gevangenisstraf i.v.m. overschrijding van de redelijke termijn in de cassatiefase.
Wetboek van Strafrecht
Art. 57 Sr
Genoemd in 818 uitspraken · Officiële wettekst
818 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Derhalve moet art. 3:86, lid 4 van het Vb 2000 geacht worden ook betrekking te hebben op de situatie, waarin, zoals hier, verschillende van elkaar te onderscheiden strafbare feiten hebben geleid tot één strafrechtelijke veroordeling en geldt in dat geval voor de toepassing van ar
Brandstichting Eindhoven 2004. O.g.v. art. 36f.6 Sr jo. art. 24c Sr kan bij het opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat worden bepaald dat bij gebreke van betaling en verhaal vervangende hechtenis wordt toegepast. Deze vervangende hechtenis mag i.c., waarin sprake
1. Ontbreken beslissing op vorderingen benadeelde partijen. 2. Maximum vervangende hechtenis. Ad 1. Hof besliste niet op vorderingen benadeelde partijen maar legde wel maatregelen ex art. 36f op. Vooropgesteld moet worden dat de rechter ex art. 335 en 361 Sv gehouden is gelijktij
Strafzaak over de langdurige poging tot afpersing van een fruitbedrijf in Hedel en daarmee verband houdende woningaanslagen (onderzoeken Maldiven en Panter). Het hof acht bewezen dat verdachte de drijvende kracht is geweest achter die reeks misdrijven. Daarnaast acht het hof bewe
Conclusie A-G. Doodslag in het verkeer, meermalen gepleegd (art. 287 Sr). Aanrijding van snorfiets door automobilist te Alblasserdam in 2022 waarbij twee jonge vrouwen om het leven zijn gekomen. Het middel komt met meerdere klachten op tegen het oordeel van het hof dat sprake is
Onderzoek 26Chatham. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 8 jaren. De verdachte is schuldig bevonden aan het medeplegen van opzettelijk handelen in harddrugs. De rechtbank volgt niet de procesafspraken: "De rechtbank is van oordeel dat de straf zoals
Conclusie AG. Zaak A (Geep): veroordeling voor o.a. medeplegen van moord en pogingen tot moord (art. (45 en) 289 Sr) en medeplegen voorhanden hebben van wapens, waaronder een volautomatisch aanvalsgeweer. Zaak B (Baudette): veroordeling voor o.a. medeplegen voorbereiding van moor
Veroordeling voor oplichting en valsheid in geschrifte, meermalen gepleegd, van bijna 1,5 miljoen euro. Meerdaadse samenloop: cumulatie van taakstraffen niet begrensd. Voorwaardelijke gevangenisstraf 9 maanden en taakstraf van 900 uur.
De rechtbank Overijssel veroordeelt een 30-jarige man tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar voor het medeplegen van oplichting, valsheid in geschrifte en witwassen. De man lichtte samen met andere DUO op door op naam van andere persone
Conclusie plv-AG. Zedenzaak. Het eerste middel richt zich terecht tegen de onjuiste kwalificaties van beide bewezenverklaarde feiten. Die onjuistheid kan in dit geval door de Hoge Raad worden verbeterd. Aangezien het tweede middel feitelijke grondslag mist, strekt de conclusie vo
Conclusie AG. Middel over 1. verandering van wetgeving ten aanzien van de maximumduur van de proeftijd, art. 1 lid 2 Sr en art. 14b Sr, en 2. het oordeel van het hof dat de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de
Kort geding. Erkenning en tenuitvoelegging Engelse gevangenisstraf in Nederland o.g.v. de WETS. Anders dan eiser stelt is bij de omzetting van de straf naar het Nederlands strafmaximum niet uitgegaan van een onjuiste kwalificatie van de bewezenverklaarde feiten.
Concl. plv. AG. Belaging (art. 285b Sr) en bedreiging met misdrijf tegen het leven (art. 285 Sr) door het meerdere malen in de brievenbus van het slachtoffer stoppen van brandbare vloeistoffen en briefjes met o.m. de tekst “ik ga jou vermoorden met raketten kankerhoer”. 1. Beweze
Ontucht met minderjarige zoons, meermalen gepleegd, art. 249.1 Sr. Is sprake van ontucht plegen “met” als verdachte zijn minderjarige kinderen handelingen bij een ander (de moeder) heeft laten verrichten of had art. 250.1 Sr als ‘geprivilegieerde specialis’ moeten worden toegepas
Conclusie AG over de vraag of een beslissing tot het bepalen van de straf a.b.i. art. 423.4 Sv is begrepen onder de vernietiging door de HR wat betreft de strafoplegging. Vervolg op ECLI:NL:HR:2016:2021.
Conclusie AG in zaak van executeur testamentair die is veroordeeld wegens verduistering uit nalatenschap. De conclusie bespreekt onder meer (1) de bevoegdheid van een rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Haarlem om als rechter op te treden en (2) de toewijzing van een vorderin
Conclusie PG. Vijf middelen. 1. Bewezenverklaarde pleegplaats. 2. Bewijsklacht t.a.v. de bewezenverklaarde onmogelijkheid voor de vader om het gezag over zijn zoontje uit te oefenen. 3. Bewijsklacht t.a.v. het bewezenverklaarde “plegen”. 4. Klacht over de kwalificatie als “meerda
Conclusie AG. Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld voor het medeplegen van een moord en een doodslag. Art. 287 en 289 Sr. Middelen over o.m. uitleg en toepassing kroongetuigenregeling art. 226g e.v. Sv, de toelaatbaarheid van een levenslange gevangenisstraf in het l
CAG. Zgn. beleggingen in incassoportefeuilles. Oplichting en valsheid in geschrift, art. 225 Sr. Middelen over bevestigen/vernietigen en kwalificatie falen. Overweging over opzet op valsheid in geschrift omdat verdachte niet alleen had kunnen maar ook moeten zien dat de werkgever
Liquidatieproces Passage 1. Beoordeling toepassing kroongetuigenregeling: beoordelingskader; getuigenbescherming; opportuniteitsbeginselbeginsel. 2. Manco kluisverklaringen: wél verklaard, niet gerelateerd in proces-verbaal kluisverklaringen. 3. Andermaal vervolgd na kennisgeving
Witwassen, art. 420bis.1.b Sr. Verdachte heeft grote contante geldbedragen gestort op de bankrekening van zijn eigen B.V. (rechtspersoon X en diens rechtsopvolger rechtspersoon Y) en is daarvoor deels in persoon en deels als feitelijk leidinggever aan zijn B.V. veroordeeld. 1. “o
Vuurwerkbom opgehangen aan flitspaal die bij ontmanteling explodeert, waarna letsel ontstaat bij medewerkers Explosieven Opruimingsdienst en een politiemedewerker. 1. Causaal verband. 2. Maximumduur vervangende hechtenis schadevergoedingsmaatregel. Ad 1: Hof heeft toereikend gemo
Verkrachting. TBS. Problematiek van de weigerende observandus, vgl. EHRM 3 maart 2015, Constancia vs. Nederland, nr. 73560/12. I.c. geen schending van art. 5.1.e EVRM. HR: art. 81.1 RO.
Palm Invest Het hof heeft bewijs van oplichting bij een groot aantal benadeelden slechts aanvaard in die gevallen waarin oplichtingsmiddelen effect hebben gehad tot bewegen. Verdachten hebben zich als feitelijk leidinggevers van begin af aan beziggehouden met oplichting, hetgeen