Medeplegen gewoontewitwassen van gelden verkregen uit illegaal tewerkstellen van Poolse en Hongaarse werknemers in Duitsland (art. 420ter jo. 420bis.1.b Sr). 1. Had hof kwalificatie-uitsluitingsgrond t.a.v. uit eigen misdrijf verkregen voorwerpen moeten toepassen? 2. Vormt eenvou
Wetboek van Strafrecht
Art. 55 Sr
Genoemd in 514 uitspraken · Officiële wettekst
514 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Middel over toepassing kwalificatie-uitsluitingsgrond bij witwassen. In vaststellingen van het hof ligt besloten dat de gedragingen van de verdachte gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van de geldbedragen die hi
Opzettelijk gebruik maken van vals Italiaans rijbewijs, door hof gekwalificeerd als opzettelijk gebruik maken van vals geschrift a.b.i. art. 225.1 Sr als ware het echt en onvervalst (art. 225.2 Sr). 1. Art. 225 Sr of art. 231 Sr van toepassing? Is een rijbewijs uit een andere EU-
Art. 344 Sr. Art. 343 Sr. Noch de tekst van de wet, noch de wetsgeschiedenis biedt steun voor de aan het verweer in hoger beroep en aan het middel ten grondslag gelegde opvatting dat art. 344 Sr een specialis behelst van art. 343 Sr. ’s Hofs dienovereenkomstige oordeel is juist.
1. Systematische specialiteit in de zin van art. 55.2 Sr. 2. Art. 55.1 Sr. Ad 1. De klacht berust op de opvatting dat de strafbepaling van art. 142a.2 Sr zich ten opzichte van art. 142.2 Sr verhoudt als een bijzondere tot een algemene strafbepaling in die zin dat in gevallen als
Prejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. Beantwoording vraag of art. art. 197b Sr (tewerkstelling van wederrechtelijk in Nederland verblijvende vreemdelingen) zich tot art. 197a.2 Sr (mensensmokkel uit winstbejag door behulpzaamheid bij verblijf in Nederland) verhoudt als bijzond
197a Sr. Een ander uit winstbejag behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland, terwijl hij weet of ernstige redenen heeft te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk is, terwijl het feit wordt begaan door een persoon die daarvan een gewoonte maakt en terw
Economische zaak. OM-cassatie. Ontslag van alle rechtsvervolging t.z.v. opslaan en voorhanden hebben van professioneel vuurwerk, art. 1.2.2 lid 1 en lid 3 Vuurwerkbesluit. Moet art. 1.2.2 lid 3 Vuurwerkbesluit worden aangemerkt als ‘systematische’ specialis t.o.v. art. 1.2.2 lid
OM-cassatie. Verhouding art. 266.1 en 285.1 (oud) Sr tot art. 285b.1 Sr in het licht van art. 55.2 Sr. ’s Hofs oordeel dat sprake is van “een systematische specialis verhouding” tussen enerzijds art. 266.1 Sr en art. 285.1 (oud) Sr en anderzijds art. 285b Sr, dus dat elk van eers
Voorhanden hebben busjes pepperspray (art. 26.1 WWM) en valsheid in geschrift m.b.t. uitkeringsformulieren en salarisspecificatie (art. 225.1 Sr). 1. Bewijsklacht t.a.v. voorhanden hebben busjes pepperspray. Zijn busjes pepperspray bestemd voor het treffen van personen met een gi
-
Bewezenverklaringen ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. Verdachte heeft van zijn het plegen van deze misdrijven zijn beroep en gewoonte gemaakt. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merke
Mensenhandel/mensensmokkel Gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
Conclusie plv. AG. Art. 37 Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Het onthouden van de nodige zorg aan dieren. Drie middelen. Falende klacht inzake nietigheid van de dagvaarding, falende bewijsklacht over invulling bestanddeel ‘het onthouden van de nodige zorg’ als bedoeld in a
Witwassen, contant geldbedrag van € 44.000,- aangetroffen bij douanecontrole op Schiphol. Verwerping verweer strekkende tot bewijsuitsluiting van verklaring verdachte t.g.v. niet verlenen cautie. Verhoor a.b.i. art. 29.2 Sv? HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:BY5706 inhoudende dat het i
Misbruik van identificerende persoonsgegevens door paspoort van ander te tonen ter identificatie, art. 231b Sr. Verhouding tussen art. 231b Sr en art. 231.1 Sr. Kan het zich identificeren met paspoort van ander worden aangemerkt als gebruik van identificerende persoonsgegevens (n
Bewezenverklaringen ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merken als een specialis van artikel 197a Sr.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot het betalen van een geldboete van € 5000,-. De verdachte is schuldig bevonden aan een ander, die zich wederrechtelijk toegang tot of verblijf in Nederland heeft verschaft, krachtens overeenkomst of aanstelling arbeid doen verrichten, terw
Bewezenverklaringen en (partiële) vrijspraken ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merken als een specialis van artikel 197a Sr.
Bewezenverklaringen en (partiële) vrijspraken ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merken als een specialis van artikel 197a Sr.
Bewezenverklaringen en (partiële) vrijspraken ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merken als een specialis van artikel 197a Sr.
Verdachte wordt veroordeeld voor 'Een ander uit winstbejag behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland, terwijl hij weet of ernstige redenen heeft te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk is, terwijl het feit wordt begaan door een persoon die daarvan e
Rechtbank Oost-Brabant wel bevoegd in deze mensensmokkelzaak van het functioneel parket. Verweer onrechtmatige start onderzoek is verworpen. Het ten laste gelegde feit, mensensmokkel ex artikel 197a Sr is wettig en overtuigend bewezen geacht. Het bewezen verklaarde feit is niet s
Conclusie AG. Vervolging van een politieagent n.a.v. de dood van arrestant. De conclusie gaat in op de afscherming van de identiteit van de verdachte en de ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Namens de verdachte zijn middelen voorgesteld met betrekking tot (1) de bewezenverk
-