Onderzoek Kapel. Het hof veroordeelt verdachte voor medeplichtigheid aan/tot medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder A Opiumwet gegeven verbod. De medeplichtigheid van de verdachte bestond uit het leveren van een faciliterende en actieve bijdrage,
Wetboek van Strafrecht
Art. 49 Sr
Genoemd in 94 uitspraken · Officiële wettekst
94 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Conclusie AG. Medeplichtigheid aan afpersing in vereniging, art. 48 en 317 Sr. Ripdeal waarbij medeverdachten d.m.v. bedreiging met een vuurwapen een ander 916 gram cocaïne afhandig hebben gemaakt, nadat verdachte de medeverdachten vals geld had verstrekt t.b.v. de ontmoeting met
Onderzoek 26Johnsoncity naar een hoeveelheid munitie voor een terroristische aanslag. Veroordeling tot 12 maanden gevangenisstraf voor bemiddeling bij de levering van 1595 patronen voor een AK47-aanvalsgeweer aan twee personen die een terroristische aanslag voorbereidden. Kwalifi
Onderzoek 26Johnsoncity naar een hoeveelheid munitie voor een terroristische aanslag. Veroordeling tot 9 maanden gevangenisstraf voor bemiddeling bij de levering van 1595 patronen voor een AK47-aanvalsgeweer aan twee personen die een terroristische aanslag voorbereidden. Kwalific
Medeplichtigheid aan gekwalificeerde doodslag, art. 287 en 288 Sr. Voor medeplichtigheid vereist opzet en eis van voldoende verband tussen beoogd en gepleegd delict in context van ripdeal. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2011:BO4471 m.b.t. situatie waarin (voor
Medeplegen van medeplichtigheid aan medeplegen van door verschaffen van inlichtingen opzettelijk uitlokken van poging tot moord. Voor medeplichtigheid vereist opzet. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2008:BC0780 en ECLI:NL:HR:2011:BO4471, o.m. inhoudende dat opzet medeplichtige niet gericht
Medeplichtigheid aan afpersing in vereniging. Ripdeal waarbij medeverdachten d.m.v. bedreiging met een vuurwapen een ander 916 gram cocaïne afhandig hebben gemaakt, terwijl verdachte het plan had de cocaïne m.b.v. vals geld te bemachtigen. Voldoende verband gronddelict en misdrij
HR: art. 81.1 RO.
Medeplichtigheid, art. 48 Sr. Slagende bewijsklacht opzettelijk behulpzaam zijn. Uit de bewijsvoering volgt niet, zoals wel bewezen is verklaard, dat verdachte “ten tijde van het plegen van het feit” op de uitkijk heeft gestaan en aldus daarbij behulpzaam is geweest.
Oplegging van gevangenisstraf van 88 dagen en voorwaardelijke taakstraf van 80 uren met bijzondere voorwaarden wegens medeplichtigheid aan medeplegen gewapende woningoverval. Opzet van de medeplichtige slechts gericht op woninginbraak/-insluiping.
Bewezenverklaring van medeplichtingheid aan medeplegen van moord. Verdachte is zijn broer en zijn neef behulpzaam geweest bij het op straat doodsteken van het slachtoffer. De aanleiding voor de steekpartij was dat het slachtoffer het zusje van verdachte zou hebben verkracht. Opg
1. Art. 49.4 Sr. Strafmaximum bij medeplichtigheid, opzet medeplichtige. 2. Vordering b.p. en svm. Ad 1. De Hoge Raad herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BA7932. De bewijsmiddelen houden niet in dat verdachte wist of bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de o
Medeplichtigheid. Bewijs opzet. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BA7932 m.b.t. het toetsingskader betreffende de aansprakelijkheid van een medeplichtige. Uitleg van de termen “door de dader verrichte handelingen” en “een deel daarvan” uit het toetsingskader. D
Medeplichtigheid moord; opzet. Bewezen is verklaard dat verdachte opzettelijk middelen heeft verschaft tot het plegen van een moord. Daartoe is vereist dat niet alleen bewezen wordt dat verdachtes opzet gericht was op het verschaffen van middelen a.b.i. art. 48.2° Sr, doch tevens