HR: 81 RO
Wetboek van Strafrecht
Art. 47 Sr
Genoemd in 441 uitspraken · Officiële wettekst
441 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Verzoek aan Hof van Justitie van de Europese Unie om prejudiciële beslissing over de reikwijdte van het begrip "afvalstof" als bedoeld in de Verordening EEG nummer 259/93 van 1 februari 1993 ('de oude EVOA') en de Verordening EG nummer 1013/2006 van 14 juni 2006 ('de nieuwe EVOA'
Verzoek aan Hof van Justitie van de Europese Unie om prejudiciële beslissing over de reikwijdte van het begrip "afvalstof" als bedoeld in de Verordening EEG nummer 259/93 van 1 februari 1993 ('de oude EVOA') en de Verordening EG nummer 1013/2006 van 14 juni 2006 ('de nieuwe EVOA'
eu-onderdaan, verblijfsbeeindiging en ongewenstverklaring
De rechtbank veroordeelt verdachte voor het samen met anderen handelen in MDMA tot een gevangenisstraf van 8 maanden onvoorwaardelijk.
De rechtbank veroordeelt verdachte voor het samen met anderen handelen in MDMA tot 18 maanden gevangenisstraf onvoorwaardelijk.
HR: 81 RO. Ambtshalve: de bestreden uitspraak bevat geen beslissing op de vordering van de b.p. X. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN AT1812 met betrekking tot het gehouden zijn omtrent de vordering van een b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. De bestreden u
HR: art. 81 RO.
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het organiseren van een cocaïnetransport van een forse omvang - ongeveer 300 kilo - en aan het uitvoeren van voorbereidingshandelingen ten behoeve van deze invoer. In verband met dit cocaïnetransport heeft de verdachte zich schuldig ge
De verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen van de invoer van 329 kilo cocaine. Dagvaarding is geldig, het begrip “verlengde invoer” is voldoende feitelijk. De peilers waarop de officier van justitie de wetenschap van de verdachte van de bijverpakte cocaïne baseert zijn,
Ontslag van alle rechtsvervolging ten aanzine van de invoer van verdovende middelen in België, nu gelet op artikel 1 van het Wetboek van Strafrecht bij de vraag naar de strafbaarheid van een feit de tekst van de wet een leidende rol speelt. De tekst van de wet, die letterlijk spr
Ontslag van alle rechtsvervolging ten aanzine van de invoer van verdovende middelen in België, nu gelet op artikel 1 van het Wetboek van Strafrecht bij de vraag naar de strafbaarheid van een feit de tekst van de wet een leidende rol speelt. De tekst van de wet, die letterlijk spr
Vrijspraak van de invoer van 184 kilo cocaïne en de voorbereidingshandelingen met betrekking tot die invoer. Het bedrijf van de verdachte was de ontvanger van de containers bevattende de cocaïne.
De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan de invoer van 184 kilo cocaïne via de haven van Rotterdam, welke cocaïne verstopt zat in containers afkomstig uit Suriname. De verdachte heeft zich ook samen met anderen schuldig gemaakt aan voorbereidingshandelingen
milieudelict
milieudelict
Strafzaak tegen een Somalische verdachte voor betrokkenheid bij piraterij. Ten laste is gelegd zeeroof ex artikel 381 van het Wetboek van Strafrecht. Partiële vrijspraak ten aanzien van het aanwenden van geweld. Beroep op psychische overmacht verworpen. Veroordeling voor het dee
Strafzaak tegen een Somalische verdachte voor betrokkenheid bij piraterij. Ten laste is gelegd zeeroof ex artikel 381 van het Wetboek van Strafrecht. Veroordeling voor het deelnemen aan zeeroof als schepeling, meermalen gepleegd, waarbij bij één zeeroof geweld is aangewend tegen
Art. 46 Wte 1995. Besluit Marktmisbruik. Voorwetenschap. Uitlokken van het met voorwetenschap bewerkstelligen van transacties. Voordeelvereiste. Tussenpersoon. HR herhaalt regel uit LJN BJ3301 over het handelen met voorwetenschap. Voor een veroordeling t.z.v. art. 46.2 Wte 1995 i
De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij een beschieting van een man in de buurt van de Van Hallstraat in Amsterdam op 29 december 2007. Het bewijs voor de betrokkenheid van verdachte steunt hoofdzakelijk op de verklaringen van twee getuigen. Die verk
Vrijspraak van de invoer van 1.017 kilo cocaïne, nu niet bewezen kan worden dat de verdachte, al dan niet in nauwe en bewuste samenwerking met zijn medeverdachten, opzet heeft gehad op de invoer van cocaïne, dan wel de daarmee verband houdende voorbereidingshandelingen, ook niet
Medeplichtigheid. Bewijs opzet. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BA7932 m.b.t. het toetsingskader betreffende de aansprakelijkheid van een medeplichtige. Uitleg van de termen “door de dader verrichte handelingen” en “een deel daarvan” uit het toetsingskader. D
Art. 423.4 Sv. Partieel appel OM. De rechtbank heeft de verdachte vrijgesproken van feiten 1 en 3 en hem terzake van feit 2 een gevangenisstraf opgelegd. Het hoger beroep is beperkt tot feit 1. Het hof heeft de verdachte terzake van feit 1 veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstr
Noodweerexces. HR herhaalt de relevante overwegingen t.a.v. de aan een beroep op noodweerexces te stellen eisen uit HR LJN BC6794. In zijn overwegingen heeft het hof miskend dat een beroep op noodweerexces ook nog mogelijk is nadat een noodweersituatie is beëindigd.
De rechtbank Almelo veroordeelt verdachte voor het samen met anderen gedurende een lange periode dealen van zowel hard- als softdrugs tot een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en met als bijzondere voorwa