Conclusie AG over het verzuim te beslissen op een getuigenverzoek. Belang bij cassatie?
Wetboek van Strafrecht
Art. 36 Sr
Genoemd in 48 uitspraken · Officiële wettekst
48 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Ontnemingszaak. 1. De opvatting dat onder “andere feiten” ex art. 36e.3 Sr niet ook feiten kunnen worden begrepen die soortgelijk zijn aan die waarvoor betrokkene is veroordeeld nu t.a.v. dergelijke, soortgelijke feiten alleen toepassing van art. 36e.2 Sr in aanmerking komt, volg
Conclusie AG. Profijtontneming. M1 en M2: klachten dat het hof ten onrechte art. 36e lid 3 Sr als grondslag heeft genomen (M1) en dat het hof het bewijsvermoeden over een verkeerde periode heeft toegepast (M2) zijn terecht voorgesteld, maar hoeven niet tot cassatie te leiden. M3:
Ontnemingsprocedure na procesafspraken. Wijze van vermogensberekening door Openbaar Ministerie op grond van artikel 36e, derde lid, Wetboek van Strafrecht door rechtbank niet gevolgd, kasopstelling ontbreekt. Grondslag ontnemingsprocedure door rechtbank ambtshalve vastgesteld op
Conclusie AG. Profijtontneming. Falend middel dat het hof ten onrechte is uitgegaan van een te hoge bewijslast voor de betrokkene i.v.m. bewijsvermoeden bij ontneming op basis van art. 36e lid 3 Sr. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep (art. 81 lid 1 RO).
Verzuim te bevelen dat bij de opgelegde svm vervangende hechtenis zal worden toegepast. Het middel strekt ertoe na vernietiging en terugwijzing aan het Hof de vraag voor te leggen of het Hof “het aangewezen acht dat de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd ook indien dit de (