art. 272 sr. Schending geheimplicht / 363 sr. omkoping / Z 3 van de Kieswet. Oud-wethouder neemt gedurende een periode giften van een bevriende projectontwikkelaar (medeverdachte) en van een drietal andere lokale ondernemers aan, waaronder luxe reizen naar onder andere buitenland
Wetboek van Strafrecht
Art. 363 Sr
Genoemd in 82 uitspraken · Officiële wettekst
82 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Fraudezaak. Verwerping verweren tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Veroordeling van verdachte, voormalig directeur van het energiebedrijf Rendo, wegens – kort weergegeven – passieve ambtelijke omkoping en (meermalen) valsheid in geschrift tot een gevangenisstr
5 jaar gevangenisstraf voor het schenden van ambtsgeheimen, het plegen van computervredebreuk en witwassen.
Art. 225 en 363 Sr. (passieve) ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift in hoedanigheid van ambtenaar. Partiele nietigverklaring van de dagvaarding. Partiele vrijspraak. Het hof veroordeelt de verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, met
Antilliaanse zaak. 1. Een verzoek ex art. 318.3 SvNA kan worden afgewezen a.d.h.v. de in lid 4 van dat artikel vermelde maatstaf, te weten dat het achterwege blijven van de dagvaarding van een getuige redelijkerwijze niet in strijd komt met het recht van verdachte om de ondervrag
Conclusie AG. TBS met dwangverpleging voor vijf bedreigingen, drie beledigingen en twee mishandelingen. 1. Ontbrekende pleitnota? Overweging hof dat vordering b.p. door ‘raadsvrouw’ is betwist, berust op kennelijke misslag. Niet aannemelijk dat gedeelte van pleitnota ontbreekt. 2
Conclusie AG. Passieve ambtelijke corruptie (art. 363 Sr) en valsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) bij overname energiemaatschappij. Middelen gericht tegen bewezenverklaring dat verdachte kon worden aangemerkt als ‘ambtenaar’ (M4) en een beloning heeft ontvangen voor zijn onderst
Begrip ambtenaar i.d.z.v. art. 363 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen t.a.v. “ambtenaar” uit HR LJN AO2599 en LJN BG7743. In aanmerking genomen dat het Hof heeft vastgesteld dat de kerntaken van de rechtspersoon X overheidstaken zijn en voorts dat op het functioneren van de v