Afwijzing wrakingsverzoek. Het enkele feit dat de tenlastegelegde feiten in de nabijheid van de rechtbank zijn gepleegd, geeft geen enkele reden om aan te nemen dat de politierechter niet onpartijdig over de zaak zal oordelen. Voorts levert de enkele omstandigheid dat de zaak van
Wetboek van Strafrecht
Art. 350 Sr
Genoemd in 185 uitspraken · Officiële wettekst
185 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
1. HR constateert ambtshalve verjaring feit 2. 2. HR verklaart OM niet-ontvankelijk t.a.v. feit 1 wegens vertraging betekening verstekmededeling. Ad 1. Op 10-11-05 is namens verdachte cassatie ingesteld. Uit de gedingstukken blijkt niet dat gedurende 6 jaren daaraan voorafgaand e
Antilliaanse zaak. OM-cassatie. Gelet op de tekst van art. 350.1 SrNA, waarin het onderdeel ‘zonder klaarblijkelijke bestemming om weder te worden uitgevoerd’ onmiskenbaar als beperking van de strafbaarheid van het invoeren is opgenomen, en in aanmerking genomen dat niets erop wi
Antilliaanse zaak. OM-cassatie. Gelet op de tekst van art. 350.1 SrNA, waarin het onderdeel ‘zonder klaarblijkelijke bestemming om weder te worden uitgevoerd’ onmiskenbaar als beperking van de strafbaarheid van het invoeren is opgenomen, en in aanmerking genomen dat niets erop wi
1. Redelijke termijn en verstekmededeling. 2. Verjaring ex art. 70.2° (oud) Sr. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke overweging uit HR NJ 2000, 721. De gedingstukken behelzen niets waaruit kan volgen dat tussen 7-4-98 en 24-10-02 is getracht een verstekmededeling aan verdachte te bete
Belediging kroonprins en zijn echtgenote en beschadiging/onbruikbaarmaking kledingstukken omstanders door zakje met verf naar gouden koets te gooien. 1. Op de in art. 111 en 112 Sr strafbaar gestelde misdrijven zijn van toepassing de in Titel XVI van Boek II Sr onderscheiden wijz
Vervoer van AI-gevoelige dieren (kippen, eenden, ganzen) tijdens vervoersverbod
12 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/195HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.A.R. Schuckink Kool, t e g e n DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Justitie), gevestigd te 's-Gravenhage
1. Strafbare voorbereidingshandelingen ex art. 46 (oud) Sr. Het voorhanden hebben van een gezamenlijkheid van voorwerpen kennelijk bestemd tot het begaan van een misdrijf als bedoeld in art. 46 (oud) Sr. 2. Motiveringsplicht art. 360, eerste lid, Sv. Weergave in bewijsmiddelen va
-