Overzichtsarrest HR over de toepassing van art. 80a RO. Vervolg op de overzichtsarresten van 11 september 2012.
Wetboek van Strafrecht
Art. 311 Sr
Genoemd in 211 uitspraken · Officiële wettekst
211 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
HR ambtshalve: verjaring. HR vernietigt de bestreden uitspraak, behoudens voor zover daarbij het vonnis van de Politierechter in de rechtbank is vernietigd en verklaart de OvJ alsnog n-o in de vervolging.
Medeplegen poging tot doodslag (art. 287 Sr), medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr), medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr), voorhanden hebben vuurwapen en munitie (art. 26.1 WWM) en poging tot zware mishandeling, meermalen gepleegd (art. 302.1 S
Conclusie AG. Opzettelijk handelen in strijd met art. 3B OW en diefstal d.m.v. verbreking (art. 311.1.5 Sr). 1. Klacht over afwijking van uos. 2. Bewijsklacht plegen diefstal d.m.v. verbreking. 3. Onvolkomenheid bij beëdiging van AG. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep
De verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan afpersing en een poging tot afpersing. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan een woninginbraak. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie van vier maanden, met aftrek van voorarres
Conclusie AG. Profijtontneming. M1 en M2: klachten dat het hof ten onrechte art. 36e lid 3 Sr als grondslag heeft genomen (M1) en dat het hof het bewijsvermoeden over een verkeerde periode heeft toegepast (M2) zijn terecht voorgesteld, maar hoeven niet tot cassatie te leiden. M3:
Vordering ontneming € 144.954,54. Wederrechtelijk verkregen voordeel € 11.404,81. Betalingsverplichting voor € 8.553,61. Overschrijding redelijke termijn.
Conclusie AG. Medeplegen diefstal met braak en medeplegen voorbereiding diefstal met braak (art. 311 Sr). 1. Falende rechts- en kwalificatieklachten over bewezenverklaarde voorbereiding, art. 46 Sr. 2. Falende bewijsklachten daderschap. 3. Vordering benadeelde partij. Is toewijzi
Conclusie AG. Medeplegen diefstal met braak en medeplegen voorbereiding diefstal met braak (art. 311 Sr). 1. Falende rechts- en kwalificatieklachten over bewezenverklaarde voorbereiding, art. 46 Sr. 2. Falende bewijsklachten daderschap. 3. Vordering benadeelde partij. Is toewijzi
Conclusie AG. Middelen over 1. kwalificatie van feit als “diefstal door twee of meer verenigde personen” terwijl bestanddeel “met oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening” ontbreekt in bewezenverklaring en 2. toepassing vervangende hechtenis bij schadevergoedingsmaatregelen. Con
Conclusie AG in Caribische zaak. (1) Poging diefstal van vee uit een weide. Kan een kunuku worden aangemerkt als een weide a.b.i. art. 324 Sr BES? (2) Kwalificatieperikelen. Uit bewijsvoering volgt dat een van de geiten dood is gegaan tijdens de poging de geiten uit een kunuku te
Conclusie AG. Verjaring van de ten laste gelegde misdrijven (art. 70 Sr). Conclusie strekt tot vernietiging.
Conclusie AG. Wijziging tenlastelegging, art. 313 Sv. Diefstal met braak in vereniging in de nachtelijke uren (art. 311, eerste lid, onder 3, 4 en 5 Sr) en heling (art. 416 Sr) “hetzelfde feit”?
Diefstal van vee, art. 311.1 sub 1 Sr. Strekking bepaling is, mede o.g.v. wetsgeschiedenis, een bijzondere bescherming te bieden tegen de diefstal van dieren die vanwege de omstandigheid dat deze gewoonlijk in een weide worden gehouden waar doorgaans weinig toezicht wordt uitgeoe
Kwalificatieklacht. Verdachte heeft niet een evident belang bij zijn klacht over de onjuiste kwalificatie van de onder 1 bewezenverklaarde diefstal als gepleegd “in een woning door iemand die zich aldaar buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevindt”, in aanmerking ge
HR ambtshalve: verjaring. HR vernietigt de bestreden uitspraak, behoudens voor zover daarbij het vonnis van de Politierechter in de rechtbank is vernietigd en verklaart de OvJ alsnog n-o in de vervolging.
Ongewenstverklaring / 8 EVRM / ten onrechte overwogen dat geen sprake is van inmenging Naar het oordeel van de rechtbank leidt de omstandigheid dat verweerder in het bestreden besluit ten onrechte heeft overwogen dat geen sprake is van inmenging op het recht op gezinsleven, zoal