Vrijspraak voorbereidingshandelingen van, onder meer, liquidatie. Niet kan worden vastgesteld of en op welk soort misdrijf met een strafmaximum van acht jaren de voorbereidingshandelingen die verdachten wordt verweten waren gericht. Dagvaarding deels nietig wegens, onder meer, in
Wetboek van Strafrecht
Art. 288 Sr
Genoemd in 79 uitspraken · Officiële wettekst
79 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
De inmiddels 24-jarige verdachte is veroordeeld voor gekwalificeerde poging tot doodslag, 10 jaar geleden gepleegd, tot een jeugddetentie voor de duur van 281 dagen, waarvan 181 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Sinds het begaan van het ten laste gelegde feit is
De rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen, heeft een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaren. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag. Tijdens een worsteling met het slachtoffer heeft verdachte meerdere malen geschoten, waarbij het sl
Gekwalificeerde doodslag en diefstal met geweld, art. 288 en 312 Sr. Overvallen op woningen waarvan de bewoners (hoog)bejaard waren. Klachten over ’s Hofs beslissing op art. 359a Sv-verweer, de motivering van de verwerping van enkele uos en het bewijs van het oogmerk a.b.i. art.
Een gevangenisstraf van 6 maanden met aftrek van het voorarrest voor een woninginbraak in vereniging gepleegd, gevolgd van geweld tegen verbalisanten. De verdachte moet daarnaast de immateriële schade van respectievelijk € 200,-- en € 300,-- vergoeden aan de benadeelde verbalisan
Veroordeling tot 16 jaren gevangenisstraf wegens gekwalificeerde doodslag op een alleenstaande 72-jarige, mindervalide vrouw door haar vele malen met een mes te steken en haar van haar waardevolle sieraden te beroven. HR: art. 81.1 RO.
Zuiderdiepzaak Groningen. Veroordeling wegens medeplegen gekwalificeerde doodslag op klusjesman in Groningse prostitutiebuurt, art. 288 Sr, tot vijftien jaren gevangenisstraf. Middelen m.b.t. o.a. voorwaardelijk opzet en medeplegen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 16/00603.
"Marktplaatsmoord". Gekwalificeerde doodslag op ouder echtpaar op hun boot in het Groningse Hoendiep. HR: art. 81.1 RO.
Oplegging en tenuitvoerlegging levenslange gevangenisstraf i.v.m. de eisen ex art. 3 EVRM. Huidige tenuitvoerleggingspraktijk is onverenigbaar met de eisen die art. 3 EVRM stelt. Levenslange gevangenisstraf is niet i.s.m. art. 3 EVRM ook niet indien deze ten volle wordt geëxecute
HR: art. 81.1 RO.
HR: art. 81.1 RO en strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.
Poging tot doodslag, gevolgd van poging diefstal (288). De rechtbank overweegt dat de uiteenlopende verklaringen van verdachte geen grond kunnen vormen voor de beoordeling van het opzet van aangeefster op welk strafbaar feit dan ook. De rechtbank zal zich met betrekking tot het o
Verdachte heeft samen met een ander op 9 oktober 2010 een Tilburgse taxichauffeur doodgeschoten. Het hof spreekt verdachte vrij van medeplegen van moord en veroordeelt hem voor medeplegen van gekwalificeerde doodslag tot achttien jaren gevangenisstraf.
Grondslagverlating. Art. 312.1 Sr. De opvatting dat in geval diefstal is voorafgegaan door of vergezeld van geweld a.b.i. art. 312.1 Sr geen sprake kan zijn van het oogmerk om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogeli
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 jaren met aftrek en tot de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging. Verdachte heeft tijdens een begeleid verlof, in het kader van een eerder aan hem opgelegde maatregel van terbeschikki
Verdachte is door de rechtbank Amsterdam tot vijftien jaar gevangenisstraf veroordeeld voor doodslag tijdens een overval op een woning in [plaats]. De man was volgens de rechtbank één van de drie mannen die op 27 februari 2009 met bivakmutsen over het hoofd en gewapend met een ge
1. Art. 302.1 (oud) Sv jo. art. 336 (oud) Sv. Uitoefening spreekrecht door een vriendin van het slachtoffer. 2. Het Hof heeft in strijd met art. 353.1 Sv verzuimd een beslissing te nemen t.a.v. de inbeslaggenomen goederen, als weergegeven in de conclusie van de AG. Ad 1. De wetsg
WOTS-zaak. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AT7122. Het oordeel van de Rb dat de feiten die door de Poolse rechter aan de veroordeling ten grondslag zijn gelegd, naar Nederlands recht opleveren het misdrijf als voorzien en strafbaar gesteld in art. 288 Sr, is zonder
Het middel klaagt dat het OM heeft gehandeld in strijd met beginselen van een behoorlijke procesorde, met de art. 30 e.v. Sv en met art. 6 EVRM, door aan verdachte kennisneming van een deskundigenrapport met belastende conclusies voorafgaand aan zijn verhoor te onthouden zodat “v
In de in eerste aanleg gewijzigde tll. is aan verdachte onder "meer subsidiair" doodslag tlg. in dezelfde bewoordingen als waarin dat verwijt is vervat in de oorspronkelijke tll. Blijkens hetgeen in het bestreden arrest is weergegeven heeft het Hof de tll. zoals die in eerste aan
Doodslag. De rechtbank is van oordeel dat bij verdachte sprake is van een ziekelijke stoornis in de vorm van chronisch en ernstig middelen misbruik. Deskundigen hebben deze stoornis niet formeel kunnen vaststellen bij de verdachte maar rapporteerden wel dat een andere conclusie ‘
Verdachte staat op uitkijk, terwijl mededaders een man in zijn woning pinpas en pincode gaan afpersen, waarbij de man zich met zijn keukenmes verzet en door één van verdachtes mededaders met dat mes wordt gedood. In conclusie AG wordt het causaal verband tussen de poging tot afpe
Medeplegen oplichting van een bank; geen opzet op oplichting bij medeverdachte. 1. De opvatting dat de enkele omstandigheid dat medeverdachte X in zijn zaak is vrijgesproken van het ook aan hem tenlastegelegde medeplegen van oplichting, uitsluit dat in verdachtes zaak medeplegen
Gekwalificeerde doodslag, art. 288 Sr; geen sprake van verzekeren van straffeloosheid; opzet gericht op dood; diefstal met geweld; zie ook AU4662. Ten aanzien van het onder feit 1 subsidiair tenlastegelegde is de rechtbank anders dan de raadsman van mening dat verdachte het opzet
Voor een veroordeling t.z.v. art. 288 Sr is niet vereist dat de bewezenverklaring alle bestanddelen behelst van "het strafbaar feit" als in die bepaling bedoeld. Wel zal daarin met voldoende duidelijkheid tot uitdrukking moeten zijn gebracht op welk strafbaar feit wordt gedoeld,