De raadkamer van de rechtbank Midden-Nederland heeft besloten dat de 49-jarige man uit Oosterbeek die verdacht wordt van betrokkenheid bij de aanvaring op de Vinkeveense Plassen voor 14 dagen in bewaring wordt gesteld. Bij de aanvaring kwamen twee mensen om het leven. De man word
Wetboek van Strafrecht
Art. 287 Sr
Genoemd in 182 uitspraken · Officiële wettekst
182 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Een 37-jarige man uit Enschede is veroordeeld tot een celstraf van 9 jaar omdat hij zijn vriend van het balkon duwde op 11 januari 2013. Het 17-jarige slachtoffer viel van 11 meter hoog op het H.J. van Heekplein in Enschede en overleed. De rechtbank Overijssel veroordeelt de man
Poging tot doodslag, gevolgd van poging diefstal (288). De rechtbank overweegt dat de uiteenlopende verklaringen van verdachte geen grond kunnen vormen voor de beoordeling van het opzet van aangeefster op welk strafbaar feit dan ook. De rechtbank zal zich met betrekking tot het o
Art. 5.1 Sr. Originaire rechtsmacht. De in de tenlastelegging onder 1 omschreven feiten worden door de Nederlandse strafwet als misdrijf beschouwd en bij de stukken van het geding bevinden zich de met de artt. 289, 288 en 287 Sr corresponderende strafbepalingen van het Surinaamse
Verdachte heeft samen met een ander op 9 oktober 2010 een Tilburgse taxichauffeur doodgeschoten. Het hof spreekt verdachte vrij van medeplegen van moord en veroordeelt hem voor medeplegen van gekwalificeerde doodslag tot achttien jaren gevangenisstraf.
Arbeidsrecht. Ontslag op staande voet. Werkgever geslaagd in bewijs dat werknemer directeur ernstig heeft bedreigd. Vordering werkgever tot gefixeerde schadevergoeding toegewezen. er is sprake van schuld in de zin van artikel 7:677 lid 3 BW.
De rechtbank veroordeeld verdachte tot een gevangenisstraf van 8 jaar wegens doodslag op een 59-jarige man uit Goor. De straf komt overeen met de 8 jaar gevangenisstraf die de officier van justitie tegen verdachte eiste. De rechtbank acht bewezen dat de man het slachtoffer met op
Inreisverbod. Geslaagd beroep op 8 EVRM. Verweerder heeft zich niet in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat inmenging in het recht van eiser op respect voor het familie- en gezinsleven gerechtvaardigd is.
Ontkennende verdachte. Bewijs voor doodslag. Weigerende observandus. Naast gevangenisstraf, oplegging van tbs met dwangverpleging.
Voorbedachte raad. De HR herhaalt de relevante overwegingen t.a.v. voorbedachte raad uit HR LJN BR2342. Blijkens zijn bewijsvoering heeft het Hof vooral belang toegekend aan de "geruime tijd" die de verschillende in de bewijsoverweging nader omschreven handelingen van de verdacht
Doodslag. Exacte toedracht als gevolg van zwijgen verdachte niet duidelijk geworden. Bloedsporen in woning verdachte in combinatie met vaststelling van onmiddellijk bewustzijnsverlies na toebrengen geweld brengt rechtbank tot conclusie dat wettig en overtuigend bewezen is dat ver
Veroordeling voor doodslag. Vrijspraak van poging diefstal met geweld. Verdachte heeft het slachtoffer met messteken om het leven gebracht. De verklaringen van verdachte en zijn medeverdachte over noodweer zijn niet aannemelijk geworden. Voor het opzet van verdachte en zijn medev
De rechtbank acht de onder 1. primair tenlastegelegde moord bewezen. Moord (artikel 289 Sr) is doodslag (artikel 287 Sr) met voorbedachte raad. Die voorbedachte raad wijst op een moment van kalm overleg, van rustig nadenken dat voorafgaat aan de feitelijke handeling. Het is het t
1. Art. 302.1 (oud) Sv jo. art. 336 (oud) Sv. Uitoefening spreekrecht door een vriendin van het slachtoffer. 2. Het Hof heeft in strijd met art. 353.1 Sv verzuimd een beslissing te nemen t.a.v. de inbeslaggenomen goederen, als weergegeven in de conclusie van de AG. Ad 1. De wetsg
Bewijs (voorwaardelijk) opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. 1. Voor zover de steller van het middel ervan uitgaat dat voor een bewezenverklaring van het voorwaardelijke opzet op zwaar lichamelijk letsel dient vast te staan dat verdachte de aanmerkelijke kans op
WOTS-zaak. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AT7122. Het oordeel van de Rb dat de feiten die door de Poolse rechter aan de veroordeling ten grondslag zijn gelegd, naar Nederlands recht opleveren het misdrijf als voorzien en strafbaar gesteld in art. 288 Sr, is zonder
Verdachte heeft tijdens een avond in een uitgaansgelegenheid het slachtoffer met een houten barkruk tegen het hoofd geslagen. De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisst
Verdachte heeft zijn huisgenoot met meerdere messteken om het leven gebracht. De rechtbank acht moord niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij. De rechtbank veroordeelt verdachte voor doodslag tot een gevangenisstraf van 7 jaar en 11 maanden met aftrek van de door verdachte
Verdachte, een zwakbegaafde man, leidend aan een posttraumatische stressstoornis, heeft zijn drie maanden oude baby heftig en met kracht geschud, ten gevolge waarvan de baby is overleden. De rechtbank veroordeelt verdachte, wegens doodslag, tot een gevangenisstraf van 30 maanden,
Hof veroordeelt verdachte voor brandstichting in telefoonwinkel tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaar.
Art. 359.3 Sv, bekennende verdachte en Promis. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BL5628 m.b.t. een Promis-arrest en de uitzondering van art. 359.3 Sv daarop. Het Hof heeft i.c. wat betreft feit 4 niet volstaan met een 'opgave van de bewijsmiddelen', a.b.i. art. 359.3
Art. 287 en 43a Sr. De verdachte wordt ter zake van doodslag op een bezoeker van homo-ontmoetingsplaats De Blauwe Kei veroordeeld tot 15 jaren gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. Het hof heeft bij de strafoplegging enerzijds rekening gehouden met de gruwelijke manier waar
Conclusie AG over culpa en de causaliteitsleer van de redelijke toerekening. HR: art. 81 RO.
Vrijspraak van ten laste gelegde nalaten voor vriendin (door haar overmatig drugsgebruik) noodzakelijke en adequate medische hulp in te schakelen en haar aldus opzettelijk van het leven te beroven, danwel haar aldus in een hulpeloze toestand te brengen en laten ten gevolge waarva
Doodslag; stelling van de verdachte dat slachtoffer in het mes is gelopen is niet aannemelijk.