Conclusie AG. Opzettelijk gebruik maken van een Italiaans rijbewijs als ware het echt en onvervalst. Art. 225 Sr of art. 231 Sr van toepassing? Uitleg vereiste dat “de houder in Nederland woonachtig is” a.b.i. art. 1, eerste lid onderdeel 4 Wet op de Identificatieplicht. Italiaan
Wetboek van Strafrecht
Art. 231 Sr
Genoemd in 161 uitspraken · Officiële wettekst
161 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Identiteitsbewijs ex art. 231 Sr. Art. 1 Wet op de Identificatieplicht. Art. 2 Paspoortwet. Is de valse Iraakse identiteitskaart een identiteitsbewijs a.b.i. art. 231 Sr? Blijkens de MvT bij de wijziging van art. 231 Sr waarbij “Nederlandse identiteitskaart” is vervangen door “id
Verdachte heeft zich in de maanden juni, juli en augustus 2020 meerdere malen schuldig gemaakt aan medeplegen van oplichting en medeplegen van witwassen. Door middel van ‘spoofing’zijn de slachtoffers bewogen om grote geldbedragen over te maken naar zogenaamde ‘kluisrekeningen’.
OM niet-ontvankelijk. Art. 31 Vluchtelingenverdrag. Gelet op verdachtes nog lopende asielaanvraag in Nederland kan het hof niet vaststellen dat de stelling van de verdachte dat hij een vluchteling is in de zin van het Vluchtelingenverdrag, ongegrond is.
OM niet-ontvankelijk. Art. 31 Vluchtelingenverdrag. Gelet op verdachtes nog lopende asielaanvraag in Nederland kan het hof niet vaststellen dat de stelling van de verdachte dat hij een vluchteling is in de zin van het Vluchtelingenverdrag, ongegrond is.
OM niet-ontvankelijk. Art. 31 Vluchtelingenverdrag. Gelet op verdachtes nog lopende asielaanvraag in Nederland kan het hof niet vaststellen dat de stelling van de verdachte dat hij vluchteling is in de zin van het Vluchtelingenverdrag, ongegrond is.
Het verwijt is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het telen van hennep en diefstal van elektriciteit. Voor dit feitencomplex heeft de verdachte al een bestuurlijke boete opgelegd gekregen. Nu niet is voldaan aan de voorwaarden van de artikelen 243 en 255 Sv, is de o
1. Aangezien Portugal een lidstaat is van de EU, is de in de tenlastelegging en bewezenverklaring bedoelde, door de verdachte gebruikte Portugese identiteitskaart, een ‘reisdocument’ in de zin van artikel 231 Sr. Die Portugese identiteitskaart is daarentegen niet aan te merken al
De rechtbank Gelderland veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden voor het met behulp van valse documenten naar Nederland brengen van twee kinderen uit Indonesië.
Gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden, met aftrek van voorarrest, voor: - diefstal, meermaals gepleegd; - 'opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst’, meermaals ge
Conclusie AG. Identiteitsbewijs a.b.i. art. 1 Wet op de identificatieplicht (identiteitskaart) o.g.v. valse persoonsgegevens doen verstrekken, art. 231.1 Sr. Aan uit Iran afkomstige verdachte, die in 2001 in Nederland asiel heeft aangevraagd o.g.v. valse naam A, wordt in 2012 ver
Conclusie AG over opzettelijk gebruik maken van een vals reisdocument, zijnde een identiteitskaart van de Republiek Slovenië. Kan Sloveense identiteitskaart worden aangemerkt als (buitenlands) “reisdocument” in de zin van art. 231 Sr? De AG adviseert de Hoge Raad het cassatiebero
openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging gelet op lopende asielprocedure verdachte.
Conclusie AG naar aanleiding van OM-cassatie tegen niet-ontvankelijkverklaring van het OM in de strafvervolging ter zake van lokaalvredebreuk in Amsterdam RAI, nadat bij de aanhouding en het ophouden van verhoor van de verdachte op de demonstratievrijheid van de verdachte een ong
Nationale identiteitskaart van Italië een 'reisdocument' in de zin van art. 231 Sr. Art. 231 Sr is een specialis ten opzichte van art. 225 Sr, zodat het openbaar minsiterie de tenlastelegging had moeten toesnijden op art. 231 Sr. OVAR.
1. Art. 359a Sv. Falende rechts- en motiveringsklacht over verwerping verweer dat sprake is van een vormverzuim (onrechtmatige vordering tot identificatie ex art. 2 Wet op de Identificatieplicht en daaropvolgende aanhouding van verdachte) begaan ‘bij het voorbereidend onderzoek’.
Artikel 231 Sr specialis van artikel 225 Sr Door een niet in Nederland woonachtige, uit Bulgarije afkomstige, verdachte opzettelijk gebruik maken van een vervalst Bulgaars rijbewijs. Derhalve sprake van valsheid met een niet erkend identiteitsbewijs, dat niet onder de werkingssfe
Het hof heeft het Openbaar Ministerie ter zake van het ten laste gelegde thans niet-ontvankelijk in zijn strafvervolging verklaard, omdat nog niet onherroepelijk op de in Nederland gedane eerste asielaanvraag van de verdachte is beslist.
OM-cassatie. Vrijspraak t.z.v. overtreding van art. 197 Sr na uitgevaardigd inreisverbod. Terugkeerrichtlijn. 1. Toetsingskader. 2. Inreisverbod evident in strijd met Terugkeerrichtlijn? Ad 1. Hof is bij de beoordeling van het tlgd. ervan uitgegaan dat de uitleg die het HvJ EU in
Art. 231 Sr. OM-cassatie. ’s Hofs oordeel dat het bewezenverklaarde geen strafbaar feit oplevert omdat een Sloveens rijbewijs niet kan worden aangemerkt als een van de in art. 231 Sr genoemde documenten, geeft, gelet op art. 1 Wet op de Identificatieplicht alsmede o.g.v. de wetsg
Bewezenverklaring art. 231, lid 2 Sr. Ten laste gelegd is dat verdachte gebruik heeft gemaakt van een afschrift van een niet op zijn naam gesteld reisdocument door dit afschrift te overhandigen. Het hof merkt een foto van een reisdocument aan als een kopie van een reisdocument. D
Aantekening mondeling vonnis. Generalis-specialis verhouding tussen artikel 225 Sr en artikel 231 lid 2 Sr: artikel 231 lid 2 Sr dient sedert de laatste wijziging van dat artikel te worden beschouwd als een logische specialis van artikel 225 Sr.
De politierechter ontslaat de verdachte van rechtsvervolging nu de officier van justitie de tenlastelegging op een ander artikel uit het Wetboek van Strafrecht had moeten baseren.
OM-cassatie. Ontvankelijkheid OM in de vervolging. Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. Met juistheid heeft het Hof onder aanhaling van de ter zake geldende rechtspraak van de HR (ECLI:NL:HR:2012:BW9266 en ECLI:NL:HR:2013:BY4310) geoordeeld dat een vreemdeling niet behoort te worden v
Mensensmokkel, art. 197a Sr. 1. Oordeel Hof dat onrechtmatige staandehouding i.h.k.v. Mobiel Toezicht Vreemdelingen (MTV) geen vormverzuim oplevert a.b.i. art. 359a Sv getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde i.c. geen nadere motivering. 2. Dat de gesmokkelde per