partiele nietigheid tenlastelegging wegens onvoldoende verfeitelijking. 231 Sr. versus 225 Sr. tenlastelegging ogv 225 sr. bewezenverklaard maar gekwalificeerd ogv 231 Sr.
Wetboek van Strafrecht
Art. 231 Sr
Genoemd in 161 uitspraken · Officiële wettekst
161 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Opzettelijk gebruik maken van een vals identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht. Overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van 'Opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst' tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden.
Verbeterde lezing van de tenlastelegging. Een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht afleveren en voorhanden hebben, waarvan hij weet dat het vals is.
De rechtbank Overijssel 36-jarige man tot een gevangenisstraf van 30 maanden voor het gebruik van een vals identiteitsbewijs en een vals rijbewijs. Ook had de man drie vuurwapens in zijn auto liggen.
Plegen van identiteitsfraude door een paspoort te tonen aan verbalisanten dat op naam stond van een derde. Het hof ziet in dit handelen nadeel voor de te naam gestelde van het paspoort, wiens gegevens door handelen van de verdachten worden misbruikt. Verder is het hof van oordeel
Het hof is van oordeel dat een identiteitskaart van een Europese lidstaat – in deze zaak Italië – is aan te merken als een reisdocument als bedoeld in artikel 231 lid 2 Sr.
Het hof is van oordeel dat een identiteitskaart van een Europese lidstaat – in deze zaak Italië – is aan te merken als een reisdocument als bedoeld in artikel 231 lid 2 Sr.
Ontslag van alle rechtsvervolging voor het opzettelijk gebruikmaken van een vals Pools rijbewijs dat ten laste is gelegd onder artikel 225 lid 2 van het Wetboek van Strafrecht.
Conclusie AG. Witwassen en opzettelijk niet voldoen aan aangifteplicht ex art. 10:1 lid 4 en 5 Adw (oud). 1. Ne bis in idem, art. 68 lid 2 Sr. Verdachte in Zwitserland reeds onherroepelijk veroordeeld voor dezelfde feiten? Witwassen ‘hetzelfde feit’ als opzettelijk niet voldoen a
Legitimatie met een Belgisch rijbewijs op naam van een ander bewezen. Verdachte is in verband met feiten gepleegd op dezelfde datum in België veroordeeld voor onder meer lidmaatschap van een criminele organisatie met als oogmerk de invoer van partijen cocaïne te realiseren, waarb
Conclusie AG. Art. 231 lid 2 Sr: voorhanden hebben van een identiteitsbewijs waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat het vals of vervalst is. Hof kiest in bewezenverklaring en kwalificatie (onverplicht) voor 'weten'. Uit de bewijsconstructie valt het (voorwaardelijk
Het verwijt is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het telen van hennep en diefstal van elektriciteit. Voor dit feitencomplex heeft de verdachte al een bestuurlijke boete opgelegd gekregen. Nu niet is voldaan aan de voorwaarden van de artikelen 243 en 255 Sv, is de o
1. Aangezien Portugal een lidstaat is van de EU, is de in de tenlastelegging en bewezenverklaring bedoelde, door de verdachte gebruikte Portugese identiteitskaart, een ‘reisdocument’ in de zin van artikel 231 Sr. Die Portugese identiteitskaart is daarentegen niet aan te merken al
Art. 231 Sr. OM-cassatie. ’s Hofs oordeel dat het bewezenverklaarde geen strafbaar feit oplevert omdat een Sloveens rijbewijs niet kan worden aangemerkt als een van de in art. 231 Sr genoemde documenten, geeft, gelet op art. 1 Wet op de Identificatieplicht alsmede o.g.v. de wetsg
Bewezenverklaring art. 231, lid 2 Sr. Ten laste gelegd is dat verdachte gebruik heeft gemaakt van een afschrift van een niet op zijn naam gesteld reisdocument door dit afschrift te overhandigen. Het hof merkt een foto van een reisdocument aan als een kopie van een reisdocument. D
Aantekening mondeling vonnis. Generalis-specialis verhouding tussen artikel 225 Sr en artikel 231 lid 2 Sr: artikel 231 lid 2 Sr dient sedert de laatste wijziging van dat artikel te worden beschouwd als een logische specialis van artikel 225 Sr.
De politierechter ontslaat de verdachte van rechtsvervolging nu de officier van justitie de tenlastelegging op een ander artikel uit het Wetboek van Strafrecht had moeten baseren.
Eiser is bij besluit van 18 september 2007 ongewenst verklaard op grond van artikel 67, eerste lid, aanhef en onder c, Vreemdelingenwet 2000 (Vw) en op 29 september 2007 uitgezet naar Tunesië. Eiser heeft bij de rechtbank in Tunesië zijn naam laten wijzigen en die naam een nieuw
Vormverzuimen bij binnentreden en doorzoeken: 1. niet kan worden vastgesteld dat er een geldige machtiging is afgegeven; 2. machtiging ten onrechte door een hulpovj afgegeven 3. gehandeld in strijd met artikel 1 lid 1 en artikel 2 lid 1 van de Algemene Wet op het Binnentreden 4.
1. Art. 515.5 en 518.3 Sv. 2. Slagende bewijsklacht. Ad 1. Tegen een beslissing op een verzoek tot wraking dan wel verschoning staat geen rechtsmiddel open, terwijl i.h.k.v. een cassatieberoep tegen een einduitspraak niet met vrucht kan worden opgekomen tegen zodanige beslissinge
Mensenhandel - Criminele organisatie-Sneepzaak
Overheidsaansprakelijkheid. Eiser legt aan zijn vorderingen ten grondslag dat de Staat onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld door hem, door de inbeslagname van zijn paspoort, gedurende de periode vanruim een jaar zijn identiteit te hebben ontnomen. Eiser stelt door het gemis v
Geen grond voor aansprakelijkheid van de Staat voor de schade van een man, zijn echtgenote en hun zoontje als gevolg van zware strafvorderlijke maatregelen tegen de man, die enige tijd verdachte is geweest van voorbereidingshandelingen tot het plegen van een terroristische aansla
Verhouding art. 359.2 Sv en art. 359.6 Sv. Lid 2 en lid 6 hebben naast elkaar zelfstandige betekenis. Doet zich het geval voor dat aan beide artikelleden toepassing moet worden gegeven, dan zal in het algemeen aan het vereiste van lid 6 zijn voldaan indien de afwijking van het ui